12 Olympic Questions (6): Kaj Hendriks

Body: 

Tritonroeier Kaj Hendriks (24) heeft twee jaar lang alles opzij gezet voor een Olympische medaille. Na deze zomer wil hij verder met zijn Utrechtse master Geneeskunde.

Tritonroeier Kaj Hendriks (24) heeft twee jaar lang alles opzij gezet voor een Olympische medaille. Na deze zomer wil hij verder met zijn Utrechtse master Geneeskunde.

Wat is de beste raad die je ooit kreeg?
Zes jaar geleden raadden de zonen van een vriendin van mijn moeder mij aan om te gaan roeien. Ze waren lid van Triton en daar waren grote jongens zoals ik zeer welkom. Ik moet toegeven dat ik tot dat moment nog nooit aan roeien had gedacht, maar hun advies kwam precies op een moment waarop ik  me afvroeg of ik na zeven jaar nog wel door wilde gaan met  volleyballen. Zonder die tip had ik nooit aan de Olympische Spelen deelgenomen.

Wie is je sportheld?
Eigenlijk denk ik nooit in termen van ‘grote voorbeelden’. Ik train bijvoorbeeld dagelijks met een oud-Olympisch kampioen en meervoudig medaillewinnaar Diederik Simon en ik trek regelmatig op met mijn verenigingsgenoot en Olympisch medaillewinnares Roline Repelaer van Driel. Natuurlijk heb ik veel respect voor hen en ben ik jaloers op hun prestaties, maar ik zie hen niet als helden. Misschien ben ik te nuchter of juist te nieuwsgierig naar mijn eigen weg naar het hoogst haalbare.

Heb je een bijgeloof?
Vlak voor een belangrijke race of trainingskamp scheer ik mijn hoofd met mijn tondeuse. Ik voel mij dan als een soldaat die klaar is om ten strijde te trekken, zo schreef ik al in mijn blog voor DUB. Verder ben ik nogal gestructureerd en kan ik het niet laten om meteen bij aankomst in een hotel mijn tassen volledig uit te pakken en alles een plek te geven.

Aan wie heb je je roeisucces te danken?
Als ik iemand zou moeten bedanken, dan is het Vince de Hoog. Hij heeft mij in mijn tweede en derde jaar gecoacht op Triton en mij in contact gebracht met de Nederlandse Roeibond. Vince voorziet mij nog altijd van tips en advies als dat nodig is.

Wat staat er op je iPod?
Heel uiteenlopende muziek. Op weg naar een wedstrijd is dat bijvoorbeeld Underworld. Toevalligerwijs is dat duo ook betrokken bij de opening van de Olympische Spelen straks in Londen. Maar het kan ook iets van DJ Tiësto of Armin van Buuren zijn. Verder luister ik naar nummers van Coldplay, naar Bittersweet Symphony van The Verve, maar ook naar de filmmuziek van Soldaat van Oranje van Rogier van Otterloo. En als ik rustig op bed lig, varieert het van Kings of Leon, Newton Faulkner, Royksopp en Simon and Garfunkel tot aan de Dire Straits.

Hoe moet de UU topsporters ondersteunen?
Ik had wel wat vaker een gesprek willen hebben over de vraag of en zo ja hoe topsport te combineren is met een master geneeskunde. Voor mij bleek dat erg lastig. Ik schreef me daarom in bij de Open Universiteit, maar de vakken die ik daar volgde zijn onbekend terrein voor de examencommissie van Geneeskunde. Ik kan de studiepunten niet mee laten tellen voor de vrijekeuzeruimte van mijn Utrechtse opleiding.
Zonder de betrokkenheid en steun van een opleiding zullen veel sporters de top niet halen, of juist minder tot geen aandacht meer aan hun studie besteden. Dan heb je straks dus of een goede student of een goede sporter. Een combinatie van die twee wordt heel lastig.

Aan welk heimelijk genoegen kun je je pas na de Olympische Spelen weer overgeven?
Dit is een inkoppertje voor lezers van mijn blog: een roomboter amandelstaaf. Aangevuld met een mergpijp bij de volgende kop koffie. Maar ik denk dat ik daar al snel weer genoeg van heb. Waar ik echt het meest naar uitkijk, is ’s ochtends wakker worden in een tentje in the middle of nowhere naast mijn vriendin. En dat ik me dan eerst nog even zorgeloos kan omdraaien om vervolgens op mijn gemakje een ontbijtje klaar te maken.

Wat mis je van Utrecht?
Eigenlijk mis ik Utrecht al sinds ik voor het roeien verhuisd ben naar Amsterdam. Ik mis de gezelligheid rondom de grachten en op Triton, maar zeker ook het studeren en het studentenleven. Daar heb ik nog altijd niet volledig van kunnen genieten.

Aan welke studiewijsheid heb je iets in je sport?
Door mijn studie geneeskunde weet ik meer over het menselijk lichaam dan de gemiddelde Nederlander. Vooral als het gaat om voeding en de anatomie van spieren en gewrichten heb ik dus  profijt van mijn studie. Daarnaast heb ik goed leren luisteren naar de patiënt. Een klacht is zo ernstig als de pijn die de patiënt zelf zegt te ondervinden, ook als er 'objectief gesproken' niets aan de hand is. In de topsport wordt dat wel eens vergeten; je traint door zolang je niet geblesseerd of ziek bent. Zeker de laatste maanden merk ik dat ik beter moet luisteren naar mijn eigen lichaam en op tijd mijn rust moet pakken om een blessure of koortsepisode te voorkomen.

Wat ga je zeker niet doen op de avond voor de Olympische finale?
Het belangrijkste in de voorbereiding op een belangrijke wedstrijd is dat je niet ziek wordt en goed uitrust. Bij het WK vorig jaar werden veel roeiers getroffen door een voedselvergiftiging. Dat is funest. Voor een wedstrijd eet ik meestal niet veel anders dan een simpel bordje pasta met een doorbakken stukje vlees en gekookte groenten.
Daarnaast moet je dus een goede nachtrust hebben. Tijdens een wereldbekerwedstrijd twee jaar geleden was er een feestje in de buurt van ons hotel. Dat gaat ons nu niet gebeuren. Maar verder moeten we niet te spastisch doen. Het beste is de finale te beschouwen als willekeurig welke andere race en de avond ervoor gewoon de dingen te doen die je altijd doet.

Waar denk je aan tijdens de race?
Een roeiwedstrijd moet je zien als een lange sprint. Je trekt jezelf zo leeg dat je helemaal niets meer kunt denken. Daar komt nog eens bij dat wij achterstevoren racen. Dat betekent dat je vaak niet weet waar je tegenstanders zijn. Zeker in de finale heb je geen andere keus dan zo hard mogelijk naar de overkant te roeien, opgezweept wordt door commando’s van een ploeggenoot. Het enige waarvan je je misschien nog wel bewust van bent, is dat je vooral geen mishaal wilt maken.

Wat is het meest memorabele Olympische moment ooit?
Misschien bevestigt het mijn antwoord over mijn sporthelden, want bij deze vraag denk ik meteen aan een moment in de toekomst en niet zozeer aan een moment in het verleden. Dat moment is mijn eigen ultieme Olympische droom: op het podium staan terwijl het Wilhelmus wordt ingezet.

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail