Hoe krijg je de student weer leergierig?

Body: 

De academische opleiding richt zich te weinig op zelf leren denken. Docenten zouden meer de tijd moeten nemen om studenten goede feedback te geven. Dat zegt sociaalwetenschapper Ruud Abma in zijn afscheidscollege vandaag waarin hij terugkijkt op ruim dertig jaar docentschap aan de UU.

Wat is eigenlijk de bedoeling van een academische opleiding?, houdt  Ruud Abma zijn publiek tijdens het afscheidscollege voor. De student is niet een emmer die je volgooit met brokken kennis. “Van een academische opleiding verwacht je in de eerste plaats dat zij een vonk doet ontbranden en leergierigheid bevordert.”

Universiteiten zijn steeds meer scholen geworden

En dat gebeurt in de ogen van Abma vandaag de dag te weinig. “Universiteiten zijn steeds meer scholen geworden, waarin kennisoverdracht en het aanleren van academische vaardigheden centraal staan. Volgens hem is niemand blij met deze schoolse formule. De studenten willen graag meer uitdaging, de docenten willen actieve en zelfstandig denkende studenten en de maatschappij verwacht van afgestudeerden dat ze meer kunnen dan kennis reproduceren.”

Docenten schreven voor ASW zelf de studieboeken

Abma schetst een ontwikkeling in het onderwijs aan de hand van zijn ervaringen bij de opleiding Algemene Sociale Wetenschappen. In de jaren tachtig ontstond de trend om te starten met algemene opleidingen. In Utrecht kreeg je ASW en Algemene Letteren, opleidingen die studenten niet vanuit één discipline op een maatschappelijke functie voorbereidde. Het was een onderwijsconcept waarbij het analyseren van maatschappelijke problemen vanuit interdisciplinair perspectief centraal stond. Hierbij werdj nadrukkelijk gelet op de relevantie van het onderwerp, ook in internationaal perspectief. Docenten schreven, zo stelt Abma  zelf de studieboeken voor ASW zodat de opleiding goed in elkaar zat en diepgang kreeg

Tijdelijke docenten moeten na een paar jaar weer vertrekken

Abma noemt twee oorzaken voor het verschoolsen van het universitaire onderwijs. In de eerste plaats is de aandacht op de universiteit verschoven van onderwijs naar onderzoek. Docenten moeten nu gepromoveerd zijn om in aanmerking te komen voor een vast contract en worden afgerekend op hun publicaties. De tijdelijke docenten moeten na een paar jaar weer vertrekken, omdat ze alleen met onderwijs bezig zijn. Dat moedigt volgens Abma niet aan te investeren in het bacheloronderwijs. Zo hebben docenten geen tijd meer om eigen studieboeken te schrijven. Ze moeten publiceren en wel het liefst in hoog aangeschreven Engelstalige tijdschriften. Onderwijs is volgens Abma verdrongen naar de tweede plaats. Docenten gebruiken algemene inleidingen en hebben door de massaliteit geen tijd om studenten persoonlijk te begeleiden.   

De andere oorzaak is dat er steeds minder plek is voor zelfreflectie en het leggen van dwarsverbanden. Bij sociale wetenschappen verdwenen bijvoorbeeld de historische en filosofische vakken grotendeels uit het onderwijsprogramma.

Het meest leerzaam zijn de momenten waarop een stevig geworteld vooroordeel ter discussie komt te staan

Wat is dan het alternatief? Abma is de laatste jaren betrokken geweest bij het Descartes College. Dit is een algemeen honoursprogramma voor bachelorstudenten van de UU. “De deelnemende studenten worden hier intensief geconfronteerd met andersdenkenden in de wetenschap, via gastdocenten, maar ook via hun medestudenten. Het meest leerzaam zijn de momenten waarop een stevig geworteld vooroordeel ter discussie komt te staan, bijvoorbeeld de overtuiging dat men in de natuurwetenschap veel preciezer te werk gaat dan in de geschiedwetenschap of de theologie.”

Met dit type discussie wordt volgens Abma een wetenschappelijke houding gekweekt. “Het is van belang dat de student niet alleen kennis opdoet in zijn studie, maar als persoon verandert.  Door het ontwikkelen van die persoonlijke kwaliteiten geeft hij of zij zichzelf ook de beste voorbereiding op een toekomstige loopbaan.” Dat is naar zijn mening wat anders dan de huidige aandacht voor ‘arbeidsmarktoriëntatie’ tijdens de opleiding. “Hoe sympathiek ook, dit betreft een illusoire politiek, een achter de feiten aanlopen van voortdurend veranderende beroepen, functies en technologieën.”

Door de huidige massaliteit van het onderwijs zien drukbezette docenten nauwelijks kans  in overvolle werkgroepen studenten tot zinvolle activiteiten te bewegen.

Je moet dus aandacht besteden aan de ontwikkeling van een goed academisch denk- en schrijfvermogen, een persoonlijke academische vorming. En dat gaat niet zomaar in de huidige massaliteit van het onderwijs waar drukbezette docenten nauwelijks kans zien in overvolle werkgroepen studenten tot zinvolle activiteiten te bewegen. Met als gevolg dat studenten zich gaan gedragen als kuddedieren. Ze nemen een afwachtende en passieve houding aan.

Leer studenten in eigen woorden een steekhoudende redenering op te zetten.

Dat moet doorbroken worden. Hoe krijg je de vonk terug bij de student? Leer studenten in eigen woorden een steekhoudende redenering op te zetten. Abma doet dat zelf in zijn cursus ‘Over de grenzen van de disciplines’ waarin hij studenten ZKP’s (Zeer Korte Papers) leert schrijven. Hij merkt dat studenten hiermee worstelen. Ze vinden het makkelijker en veiliger om zich van  abstract jargon te bedienen. Maar Abma vindt het belangrijk dat studenten leren helder en concreet te formuleren.

Docenten moeten de tijd nemen om echt feedback te geven

Een academische opleiding richt zich op zelf leren denken. Je gaat uitzoeken hoe iets zit en organiseert je gedachten hierover in samenspraak met anderen Dat is volgens Abma de kern van de wetenschappelijke houding.

Voor docenten betekent dat ze de tijd nemen om echt feedback te geven. Daar moeten docenten ook de tijd voor krijgen.

Wie geïnteresseerd is in de hele rede van Ruud Abma, kan die hier opvragen.

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail