Van links naar rechts: kandidaten Stephanie de Smale en Nico Naus naast partijoprichter Eliane Fankhauser. Foto Ype Driessen

Nieuwe partij geeft promovendi een stem

Body: 

Voor het eerst sinds tien jaar valt er voor UU-medewerkers wat te kiezen bij de U-raadsverkiezingen. De Utrechtse Promovendi Partij (UPP) heeft zich gemeld als uitdager van de zittende personeelsfractie Vlam. “Veel onvrede van promovendi bereikt de universitaire bestuurders niet.”

“Dit artikel verschijnt toch ook in het Engels, hoop ik?”, vraagt Nico Naus halverwege het interview. De kandidaat van de nieuwe Utrechtse Promovendi Partij (UPP) rekent bij de komende Universiteitsraadsverkiezingen op de stemmen van de niet-Nederlandse PhD’s. En dat is een omvangrijke groep. Vanaf deze verkiezingen hebben bovendien ook buitenlandse promovendi die met een beurs naar Utrecht zijn gekomen stemrecht.

Toch gaat het Naus niet alleen om de stemmen; Engelstaligheid binnen de universiteit is voor de UPP vooral om inhoudelijke redenen een belangrijk programmapunt. In een zitje voor vier in het Bestuursgebouw vertellen Naus, promovendus software technologie, en mede-kandidaat Stephanie de Smale, promovenda nieuwe media, dat veel buitenlandse medewerkers klagen over informatie die niet of slechts gedeeltelijk in het Engels wordt aangeboden. De Smale: “Een goed voorbeeld zijn de verkiezingen zelf. Alle belangrijke stukken daarover zijn in het Nederlands.” Naus: “Zelfs het inschrijfformulier was alleen in het Nederlands verkrijgbaar.”

Een universiteit die wil internationaliseren en transparant wil besturen, moet ook in het Engels communiceren, vinden de twee. Ook over de medezeggenschap. Dat Engels als voertaal in de raden her en der nog op verzet stuit, snappen ze. Naus: “Maar je zult toch echt moeten gaan nadenken hoe je buitenlandse medewerkers betrekt bij universitaire besluitvorming.” De Smale: “En dan hebben we het dus niet alleen over de buitenlandse promovendi, hè.”

‘Zelfs het inschrijfformulier voor de verkiezingen was er alleen in het Nederlands’

Het is voor het eerst sinds tien jaar dat er meer dan één partij op het verkiezingsformulier voor medewerkers staat. Het is ook voor het eerst dat een partij zich zo duidelijk meldt als vertegenwoordiger van een specifieke groep UU’ers. Andere universiteiten, zoals Leiden, maakten al eerder kennis met het fenomeen ‘promovendipartij’. Met een potentiële achterban die een derde uitmaakt van het totale wetenschappelijk personeel en de keuze tussen slechts twee partijen lijken twee zetels voor de UPP zeker niet te hoog gemikt.

Naus, bij DUB-lezers misschien bekend als huisgenoot René in de fotostrip 3Hoog, en De Smale benadrukken herhaaldelijk zich niet alleen om het lot van de promovendi te willen bekommeren. Naast Engelstaligheid, zijn ook duurzaamheid en diversiteit thema’s in het verkiezingsprogramma. Kortom: alle UU-medewerkers kunnen op de UPP stemmen. Tegelijkertijd menen de twee dat er voldoende bestaansrecht is voor een one issue-partij die de PhD-problematiek vooropstelt.

Om te beginnen blijkt het elke keer heel lastig om de stem van promovendi en andere jonge wetenschappers in de universiteitsraad aan bod te laten komen. Want wie ambieert dat raadslidmaatschap in die fase van zijn loopbaan? Iedereen heeft het druk en begeleiders zijn vaak ook niet enthousiast over al te veel afleiding.

Als iemand zich al kandidaat stelt, dan is dat bovendien vaak maar voor één termijn van twee jaar. Naus: “Het huidige raadslid Eliane Fankhauser, promovenda bij Geesteswetenschappen, dacht dat een eigen partij meer aantrekkingskracht heeft en daardoor ook meer continuïteit kan bieden. Wij waren vanaf het begin enthousiast over dat idee.”

‘Een eigen partij kan continuïteit bieden’

Toch hapten beiden niet snel toe toen ze gevraagd werden zelf in de raad te gaan zitten. Naus grijnzend: “Mijn begeleider stond er 'neutraal' tegenover. Wat ik maar heb opgevat als dat ik alles goed moest overdenken. Dat heb ik gedaan.” De Smale: “Een goede begeleider belemmert een promovendus die zich ook professioneel wil ontwikkelen niet. Maar we kunnen dit eigenlijk alleen doen omdat we er tijd voor terugkrijgen en langer over onze promotie mogen doen.”

Wat het tweetal over de streep trok, was de overtuiging dat PhD’s moeten meepraten op het hoogste medezeggenschapsniveau. De Smale: “Natuurlijk is er het universitaire promovendi-overleg Prout en hebben graduate schools hun eigen PhD-councils, maar veel onvrede van promovendi bereikt de universitaire bestuurders niet.” Naus: “We worden gehoord, maar we willen er in de U-raad voor zorgen dat er ook echt iets wordt gedaan met onze inbreng.”

Ze noemen het waarborgen van de medewerkersstatus van promovendi als één van de belangrijkste doelstellingen voor de komende twee jaar. De universiteit moet zich duidelijker uitspreken tegen experimenten met een bursaalstatus, zo vinden ze. Daarnaast roept de mogelijke uitbreiding van het promotierecht vragen op over de kwaliteit van de begeleiding. Daar zal verder in geïnvesteerd moeten worden.

‘We willen dat er echt iets wordt gedaan met de inbreng van promovendi’

Langzamerhand wordt dankzij verschillende onderzoeken ook steeds meer duidelijk over de grote werkdruk en stress die promovendi vaak ervaren. Aan de Universiteit van Amsterdam bleek 30 procent kenmerken van  depressiviteit te hebben en recent Vlaams onderzoek kwam met soortgelijke uitkomsten. Utrechts bacheloronderzoek wees onlangs op een hoog burn-outrisico.

Bij de Utrechtse graduate schools is er maar weinig aandacht voor deze problematiek, merkt De Smale. “Vaak worden dat soort zaken vanuit het instellingsperspectief benaderd. Hoe voorkomen we dat er vertraging optreedt en promovendi uitlopen, is dan de eerste vraag.” In navolging van Prout pleit de UPP voor een universitaire psycholoog die gespecialiseerd is in de promovendiproblematiek. In Delft gaan hier jaarlijks 123 promovendi langs, zeggen zij.

De UPP-kandidaten willen dat er strenger op wordt toegezien dat promovendi niet te veel onderwijs geven. De onderwijsverplichtingen zijn een belangrijke oorzaak van de gevoelde werkdruk. Naus: “In veel gevallen geven promovendi veel meer onderwijs dan er is afgesproken in hun contracten.”

Promovendi zouden ook beter getraind moeten worden in het doceren. De Smale: “Nu geven ze soms zonder didactische kennis werkgroepen over een onderwerp dat weinig of niets te maken heeft met hun eigen specialisme. Kun je nagaan hoeveel stress dat geeft.”

Tegelijkertijd vinden Naus en De Smale dat alle promovendi die dat willen het recht moeten krijgen om zich juist te verdiepen in het geven van academisch onderwijs en de universitaire onderwijskwalificatie (BKO) te halen. Op dit moment heeft elke onderzoeksgroep of departement daar volgens het tweetal eigen regels voor. De Smale: “Wij hopen dat we best practices kunnen aandragen die tot universitair beleid voor promovendi kunnen leiden.”

Naus: “We zien sowieso dat er grote verschillen zijn. Waarom heeft de ene graduate school een fantastisch course centre voor promovendi en de andere niet? We willen dat álle promovendi dat soort faciliteiten krijgen.”

‘Promovendi doceren soms zonder didactische kennis. Kun je nagaan hoeveel stress dat geeft.’

Na de vraag met welke aanpak en op welke toon de UPP zich straks gaat manifesteren in de U-raad, vallen Naus en De Smale even stil. Het is duidelijk dat de twee weinig zien in de agressieve retoriek waar de nieuwe studentenpartij De Vrije Student zich van bedient.

Naus: “Wij hebben redelijke, concrete en haalbare voorstellen. We zijn er ook van overtuigd dat iedereen baat heeft bij betere arbeidsomstandigheden en betere scholing van promovendi. En verder hebben wij ook gewoon het beste voor met alle andere universitaire medewerkers. Wij hebben begrepen dat de fractie van Vlam met ons wil samenwerken en wij willen ook graag met Vlam samenwerken.”

De Smale: “Ik merk wel dat het voor de medezeggenschap heel goed is dat er nu twéé partijen zijn. Alleen daardoor al is er een frisse wind gaan waaien. Vlam doet nu meer moeite dan voorheen om standpunten duidelijk over te brengen. Dat is winst, lijkt me. Er is nu deze week ook een debat tussen medewerkerspartijen.” Glimlachend: “Hopelijk vinden we elkaar daarna ook nog een beetje aardig.”

Naus: “Ik heb al gevraagd of dat debat in het Engels kan.”

*Update 9 mei 2017* Nico Naus meldt dat het Centraal Stembureau hem heeft laten weten dat het kandidaatsstellingsformulier wel degelijk in het Engels beschikbaar was. De url is: https://www.uu.nl/en/organisation/governance-and-organisation/employee-and-student-representation/university-council/elections-2017/start-your-own-party

Facebook Twitter Whatsapp Mail