Van grijze student tot aanhanger van Trump

Body: 

Hoe grijs en genuanceerd moet je als student zijn? Niels Peuchen nam de proef op de som, maar voelde zich daar steeds ongemakkelijker bij. Donald Trump is nu zijn voorbeeld: hij is zwart én wit.

Hoe grijs en genuanceerd moet je als student zijn? Niels Peuchen nam de proef op de som, maar voelde zich daar steeds ongemakkelijker bij. Donald Trump is nu zijn voorbeeld: hij is zwart én wit.

Mensen die structureel taalfouten maken, neem ik niet serieus. Ook al probeer ik hen respectvol op hun fout te wijzen, in mijn hoofd zijn ze al verworden tot Fred, het typetje uit Draadstaal. Maakt dat van mij een onaangenaam persoon? Een recent onderzoek zegt van wel.

Hetzelfde gevoel kreeg ik bij 'Dare to be grey'. Ik vond het aanvankelijk een prachtig idee dat studenten radicalisering en haatzaaien willen tegengaan met "meer nuance en diversiteit". Toen ik echter de slogan 'Voorbij aan zwart-wit denken' zag, knapte er iets in mij, want 'zwart-witdenken' schrijf je als één woord. Ik wist niet wat de betrokken studenten precies wilden doen, maar in mijn innerlijke monoloog schaarde ik ze in hetzelfde rijtje als zij die de Holocaust goedpraten.

Ik wist dat ik te ver ging. Die vooringenomenheid van mij was nou net het probleem. Dat las ik in het Brabants Dagblad, waarin de 'grijze' student Henk van Doremalen jr. werd geïnterviewd: "Er zijn veel uitgesproken meningen. Er wordt hard geschreeuwd zonder dat er wordt geluisterd."

Omdat ik mij hierin herkende, vond ik dat er iets moest veranderen. Daarom heb ik een week lang geprobeerd mijn grijze midden op te zoeken en genuanceerd te zijn. Ik zou stellingnames vermijden en enkel bedachtzaam formuleren.

Ondanks mijn goede bedoelingen verliep dit nobele streven niet vlekkeloos. Zo eindigde een afspraakje vrij rampzalig toen mijn date vroeg of ze er dik uitzag in haar jurk. Nadat ik in plaats van een duidelijk nee een heel genuanceerd antwoord gaf, spraken we de rest van de avond geen woord meer.

Daarnaast kwam ik tijdens een gesprek met vrienden in een situatie terecht waarbij ik de Amerikaanse presidentskandidaat Donald Trump probeerde te verdedigen. Ondanks al zijn idiote uitspraken was ik namelijk van mening dat je het ook slechter kunt treffen, bijvoorbeeld met opponent en radicale christen Ted Cruz. Ik word nu binnen mijn vriendengroep gezien als een Trumpaanhanger, iets wat ik nooit voor mogelijk had gehouden toen ik nog in duidelijke, ongenuanceerde bewoordingen over hem sprak.

Misschien bewonder ik Trump ook wel. Hij is niet zwart óf wit, maar zwart én wit, want af en toe verandert hij totaal van standpunt. Hij zoekt niet het saaie grijze midden op, maar gooit gewoon zijn hele stellingname om, zoals met abortus en het homohuwelijk. Eerst is hij voor, dan is hij tegen, dan is hij weer voor, oh nee, toch niet. Hij past zijn mening aan en dat kan ik waarderen. Ik weet alleen niet of hij dat doet omdat hij zo goed luistert. Soms vraag ik me af of ook Trump niet gewoon een Draadstaaltypetje is.

Facebook Twitter Whatsapp Mail