Big tech

De lange weg van de UU naar digitale autonomie

Marije De Vries
Marije de Vries. Foto: UU

“Als Trump dat wil, staat Europa morgen stil“, verzucht Marije de Vries, strategisch kwartiermaker voor digitale autonomie aan de Universiteit Utrecht (UU). De aanvallen op de academische vrijheid in 2025 van de Amerikaanse president  hadden hun weerslag op de UU.

Hoogleraren José van Dijck en Albert Meijer startten een petitie en schreven een open brief aan het universiteitsbestuur om te wijzen op de gevaren van een te grote afhankelijkheid van de UU van big tech. Een paar maanden later gaf Trump Microsoft de opdracht om de microsoftaccount te blokkeren van de hoofdaanklager van het Internationale Strafhof. Dit als als vergelding voor de veroordeling van de Israëlische premier.

Hoe groot is het risico dat Trump morgen op een knop drukt en daarmee de UU treft, vraagt De Vries zich af. “Nou, ik zou zeggen: zowel groot als klein. Hij zou bijvoorbeeld een bepaalde onderzoeker kunnen aanpakken die kritisch is over Israël. Of onderzoek naar duurzaamheid of diversiteit kunnen dwarsbomen.”

Verkennend onderzoek
Alle reden voor de UU om te laten onderzoeken hoe groot de afhankelijkheid van Amerikaanse big tech is en daarmee hoe kwetsbaar de universiteit is. De Vries, hoofd IT bij de faculteit Diergeneeskunde, werd in februari van dit jaar gevraagd om tot de zomer van 2027, naast haar huidige werk, twee dagen per week een verkennend onderzoek te leiden naar digitale autonomie. 

Voor deze functie is De Vries met veel mensen in gesprek, zowel binnen als buiten de universiteit, om vast te stellen wat de UU moet doen om haar kwetsbaarheid ten opzichte van big tech te verminderen en hoe. 

“Dit is geen project met een groot budget, gericht op het digitaal autonoom maken van alles. Het is een verkenningstocht. We  willen vaststellen waar we onze inspanningen op moeten richten. We moeten strategische keuzes maken.”

Haar gesprekken dienen als basis voor een memo die ze volgend voorjaar hoopt af te ronden. Het document zal worden voorgelegd aan het College van Bestuur en vervolgens aan de Universiteitsraad. “Tegen de zomer zouden de grote lijnen van de koers die we gaan varen duidelijk moeten zijn.”

Daarnaast werkt de UU samen met de vereniging van Nederlandse universiteiten, UNL, en de Nederlandse overheid aan een routekaart voor de komende jaren. Voormalig UU-vicevoorzitter Margot van der Starre zat in deze commissie totdat ze aftrad. Nu zit De Vries aan tafel als lid van het ondersteuningsteam.

Een geniale zet
De UU is een van de koplopers onder de Nederlandse universiteiten op weg naar meer digitale autonomi, zegt De Vries. De universiteit heeft deze voorsprong mede te danken aan Tim van Neerbos. Hij en zijn collega’s ontwikkelden het Digital Autonomy Assessment Framework (Daaf), een gratis open-source-tool waarmee organisaties hun technologische afhankelijkheden en kwetsbaarheden kunnen meten en in kaart brengen.

De tool, die in april 2026 werd gelanceerd, beoordeelt software en applicaties op drie niveaus: de omvang van externe risico’s, in hoeverre de instelling deze kan beperken, en hoe belangrijk de applicatie is voor kerntaken.

“Een gouden zet“, vindt De Vries. "Je kiest een applicatie en vult vervolgens een vragenlijst in. Binnen een half uur krijg je een score, die je kunt vergelijken met de scores van andere applicaties of waarmee je kunt zien hoe je organisatie het doet ten opzichte van anderen.“

Voor de zomervakantie had de UU de beoordeling van 140 van haar meest gebruikte applicaties afgerond. Hieronder Microsoft365, SAP, Osiris en Yoda. Andere Nederlandse universiteiten hetzelfde aan het doen, net als het basisonderwijs en het hoger beroepsonderwijs. Het nieuws dat kennisinstellingen in Nederland hiermee bezig zijn  heeft zich al verspreid naar andere landen: de universiteiten die naast de UU deel uitmaken van de Charm-EU-alliantie zijn ook geïnteresseerd.

Uit de beoordeling van Daaf blijkt dat de grootste risico’s voor de UU op het gebied van infrastructuur en de werkplek liggen. “We zijn momenteel sterk afhankelijk van Amerikaanse software voor het inloggen op onze applicaties en het beheer van ons netwerk; als die software niet meer zou werken, zou de hele IT-infrastructuur van de universiteit tot stilstand komen”, legt ze uit. “Het gaat met name om  IT-werk achter de schermen, waar studenten en medewerkers niets van merken.”

Digital Autonomy Café held at the Faculty of Geosciences on 6 July. Photo: Laura Hompus

De faculteit Geowetenschappen was de gastheer van het Digital Autonomy Café op 6 juli. De volgende editie is op 2 November bij Geesteswetenschappen. Foto: Laura Hompus

Pilots
Inmiddels lopen er ook vier nieuwe proefprojecten, die gezamenlijk zullen worden uitgevoerd door IT-medewerkers bij faculteiten en de centrale ITS-afdeling van de universiteit. Gedurende drie maanden gaan zij alternatieven onderzoeken voor de meest kwetsbare applicaties van de UU. De bevindingen zullen worden opgenomen in het rapport van De Vries.

Een van die proefprojecten is een intern e-mailplatform. “We willen onderzoeken op wat voor soort problemen we zouden stuiten als we door een noodsituatie gedwongen zouden worden om heel snel iets op te zetten en aan de praat te krijgen“, legt De Vries uit. "Het opzetten en aan de praat krijgen van een e-mailserver is op zich niet zo ingewikkeld. Het probleem is dat we een hele grote organisatie zijn. Gebruikers moeten zonder problemen kunnen inloggen; ze willen geen spam in hun inbox... En wat doen we met de oude mailboxen?“

De Vries laat haar Linux-laptop en haar Fairphone zien; beide worden ook getest door de proefdeelnemers van de UU. De Fairphone is een Nederlandse smartphone die is ontworpen zodat deze door de gebruiker zelf kan worden gerepareerd wanneer er iets stuk gaat. De UU test een versie van de Fairphone waarop Murena draait, een Frans besturingssysteem dat de nadruk legt op privacy.

De Vries somt een aantal vragen op die de proef moet beantwoorden: “Hoe haalbaar zou het zijn om deze in ons assortiment op te nemen, naast telefoons met Android en iOS? Is het op de lange termijn veilig genoeg? Is het een verstandige investering? Wat zou het voor de afdeling Telecommunicatie betekenen om dit ook te moeten beheren?”

Een onderzoeksgroep van de Bètafaculteit, onder leiding van Slinger Jansen, zal zich de komende maanden over deze vragen buigen samen met de IT-afdeling van Geesteswetenschappen en de directie ITS.

Hackathon
De overige twee proefprojecten hebben betrekking op het aanbieden van een Linux-werkstation aan een “IT-vaardige gebruikersgroep“ en het ontwikkelen van een alternatieve module voor het onderwijssysteem Osiris, dat eigendom is van Caci, een Amerikaans bedrijf dat nauwe banden heeft met de defensie-industrie van dat land. Osiris voegt “voortdurend“ nieuwe modules toe, waardoor de universiteit steeds afhankelijker wordt. "We raken voor veel aspecten van het onderwijsproces afhankelijk van één enkel product“, legt De Vries uit.

Het doel van de pilot is om een interne vervanging te bouwen voor een van de onderdelen van Osiris, namelijk dat met de cursusbeschrijvingen. “Het is vrij onschuldig”, zegt De Vries, "die informatie is helemaal niet gevoelig. Maar stel dat we een aparte, kleine module willen maken? Hoe ingewikkeld zou dat zijn? Wat zou dat inhouden?”

Voor dit proefproject zal de universiteit de hulp van studenten inroepen. Ergens in de komende maanden zal de UU een hackathon aankondigen om zo’n systeem voor cursusbeschrijvingen te bouwen.

Nextcloud
De nieuwe proefprojecten van de UU lopen parallel aan het Nextcloud-proefproject dat is geïnitieerd door de Surf. Een groep van 120 UU-medewerkers kreeg de kans om dit Duitse alternatief voor Microsoft uit te proberen – waaronder natuurlijk ook De Vries.

“Mijn IT-team bij Diergeneeskunde gebruikt Nextcloud om onderling te communiceren, maar we hebben nog steeds Teams om met de rest van de universiteit te praten”, zegt ze. "Het is even wennen, maar het werkt best goed. Het lastige is dat je twee systemen naast elkaar hebt draaien, en die werken niet helemaal goed samen.”

De UU verwacht de eerste evaluaties van Nextcloud tegen het einde van het jaar af te ronden. De pilot loopt door tot 2027 en de resultaten komen in het rapport van Surf.

De Vries hoopt dat iedereen achter de veranderingen zal staan, maar gelooft ook in een meer top-downbenadering. "Natuurlijk is het beter als mensen het vrijwillig doen, maar ik denk ook dat we in de toekomst enige impuls van bovenaf nodig zullen hebben”, overpeinst ze.

“Het is belangrijk dat we diensten als Signal of Nextcloud gebruiken. Als we immers dezelfde systemen blijven gebruiken, lopen niet alleen onze kernprocessen gevaar, maar steken we ook geld in bedrijven die niet handelen volgens publieke waarden. Op die manier kunnen er nooit alternatieven ontstaan.”

Wie geïnteresseerd is om deel te nemen aan de proefprojecten, kan een e-mail sturen naar da@uu.nl. Ga voor meer informatie over deelname naar deze pagina.

Login to comment

Reacties

We stellen prijs op relevante en respectvolle reacties. Reageren op DUB kan door in te loggen op de site. Dat kan door een DUB-account aan te maken of met je Solis-ID. Reacties die niet voldoen aan onze spelregels worden verwijderd. Lees eerst ons reactiebeleid voordat u reageert.

In de jaren '90 hadden we een eigen web-server, mail-server, cursus-inschrijvingssysteem, open access onderwijsmateriaal enz. Begin deze eeuw besloot de UU om alles te outsourcen wat maar enigzins kon, en alles wat open was dicht te zetten. Nu blijkt dat toch niet zo'n goed idee te zijn geweest.

Ironisch dat het "Onderwijs en Studenten Informatie, Registratie en Inschrijf Systeem" (Osiris) in de jaren 90 door de Universiteit Utrecht zelf ontwikkeld is voordat het verkocht werd.

Advertentie