Terugblik

Komst Gazaanse studenten hield UU en UMC maanden in de greep

Still uit NOS-journaal
Het NOS-journaal berichtte vorige maand over de aankomst. Beeld uit uitzending.

Eindelijk kon Regien Biesma, universitair hoofddocent Global Health bij het UMC Utrecht, op Schiphol de studenten uit Gaza in de armen sluiten. Met een aantal had ze de afgelopen maanden bijna dagelijks contact.

“Het was een ongelooflijk mooi moment daar. Maar de studenten hadden natuurlijk dubbele gevoelens: blijdschap omdat ze eindelijk mochten gaan en verdriet omdat ze afscheid moesten nemen van familie en vrienden." 

Biesma maakte deel uit van een groep medewerkers van de Universiteit Utrecht en het UMC Utrecht die samen met andere Nederlandse universiteiten de komst voorbereidde van zo’n veertig studenten uit het door oorlog verwoeste Gaza. Twee weken geleden kwamen ze aan. Zeven van hen gaan in Utrecht studeren.

Regien Biesma op NOS-journaal

Regien Biesma van het UMC Utrecht staat het NOS-journaal te woord. Foto: Aisa Kariman

Grote klappen
Ook hoofd onderzoeksbeleid van de UU Alieke Bloem en rector Wilco Hazeleger waren onder de indruk van hun ontmoetingen met de studenten. Bloem gaf de afgelopen maanden mede leiding aan het Utrechtse team dat werkte aan een “complexe” en “spannende” operatie om studenten uit een oorlogsgebied naar Nederland te halen. Daar was niet eerder ervaring mee opgedaan.

Ze was zelf ook aanwezig bij de ontvangst op de luchthaven. Rector Hazeleger ontmoette de studenten een dag later toen ze even in het Bestuursgebouw waren. “Je kunt je niet verplaatsen in wat ze hebben meegemaakt, maar het is heel fijn dat ze er zijn.”

Volgens Hazeleger was er binnen de UU al sinds het begin van de verwoestingen in Gaza een wens om iets te doen voor studenten en wetenschappers daar. “Als je ziet dat de klappen zo groot zijn dat er nauwelijks iets overblijft van de academische infrastructuur dan voel je als universiteit in Nederland een verantwoordelijkheid. We wilden eraan bijdragen dat er ook weer wat opgebouwd kan worden als de oorlog voorbij is. We wisten alleen niet hoe we in contact moesten komen met studenten in Gaza.”

Een reële mogelijkheid deed zich voor toen het de Universiteit Maastricht in september 2025 lukte om studenten naar Limburg te halen. De universiteit had daarvoor contact gelegd met het Gazan Student Support Netwerk in het belegerde gebied. Hazeleger: “We zagen dit als een kans. En daarmee begon het schaken op veel borden tegelijkertijd.”

Polsbandje studenten tijdens reis, eigen foto

Polsbandje dat studenten droegen tijdens de reis. Eigen foto van studenten.

Artsen vermoeid
Bij het UMC Utrecht leefde bij Regien Biesma op dat moment al wat langer de vraag of medici uit Gaza naar Utrecht zouden kunnen komen. Een collega was een maand in het gebied geweest, en had over de verschrikkingen verteld. Hij had een arts ontmoet die wel oren had naar een studie in Nederland. “Hij was al tweeëneenhalf jaar aan het werk in een nauwelijks functionerend gezondheidssysteem. Hij kon gewoon niet meer, en dat hebben meer artsen daar.”

Het deed haar goed te horen dat twee hoogleraren van de faculteit Geesteswetenschappen al waren begonnen met een crowdfunding vooruitlopend op de mogelijke overkomst van studenten en onderzoekers. En toen ze vernam dat het UU-bestuur concrete plannen had, sloot ze zich aan bij het team dat daarmee aan de slag was gegaan. 

In het afgelopen jaar onderhield ze naast haar normale werkzaamheden intensieve contacten met andere universiteiten in binnen- en buitenland die ervaringen hadden met de evacuatie van studenten uit Gaza of eveneens studenten wilden laten overkomen. Ook appte ze – zeker in de laatste periode – bijna dagelijks met de studenten die een medisch gerelateerde studie in Utrecht gaan doen. 

Grensborden tijdens reis, eigen foto

Grensovergang naar Jordanië. Eigen foto studenten

Regelwerk
Er kwam heel wat op het Utrechtse team af. Allereerst moest worden afgestemd welke studenten er in aanmerking kwamen voor een studie in Utrecht en welke, gezien hun achtergrond, mogelijk beter terecht konden bij andere universiteiten, zo vertelt Bloem. 

Ook moest gecontroleerd worden of alle diploma’s in orde waren en of studenten daadwerkelijk over voldoende kennis van het Engels beschikten. “Ze moesten allemaal gewoon voldoen aan de criteria die we altijd hanteren voor internationale studenten, maar de situatie was natuurlijk wel anders.”

Ondertussen was er meerdere keren grote onzekerheid over de doorgang van de plannen vanwege oplaaiende bombardementen en sluiting van grensovergangen. Uiteindelijk was het nota bene de Nederlandse regering die de grootste blokkade opwierp. 

Tegenwerking regering
Nadat duidelijk was welke studenten met een studiebeurs in Nederland zouden kunnen studeren en de Immigratie en Naturalisatie Dienst (IND) daar goedkeuring voor had gegeven, konden de studenten een visum aanvragen. Daarvoor moesten ze door Israël naar de Nederlandse ambassade in Jordanië. 

Maar Nederland weigerde de studenten op een zogenaamde Cogat-lijst te zetten. Aan de hand van die lijsten beslist Israël of een reiziger doortocht verleend wordt. 

Dat mondde uit in enkele rechtszaken, aangespannen door Gazaanse studenten. De uitkomst was dat de Nederlandse staat werd gesommeerd om consulaire bijstand te bieden. Maar desondanks gebeurde er aanvankelijk niets. Pas toen de NOS er een item over maakte en universiteiten een open brief stuurden aan de minister van Buitenlandse Zaken, kwam er beweging in de zaak, zo merkten de drie Utrechters. 

UMC’er Biesma zag in haar appcontacten gedurende die maanden hoe de wanhoop toenam. “Zij verwachtten aanvankelijk dat ze binnen een paar maanden konden worden geëvacueerd. En dat duurde en duurde maar. En niemand kon ze wat vertellen. Pas een paar dagen voordat alles echt rond was, hoorden ze dat het nu toch echt ging gebeuren en konden ze afscheid nemen van familie en vrienden.”

De zeven studenten toonden zich na aankomst in Nederland uiteindelijk zeer tevreden over de hulp van de medewerkers van het ministerie gedurende de reis. Maar rector Hazeleger erkent dat de aanvankelijke opstelling van de Nederlandse regering tot behoorlijk wat frustratie heeft geleid en tot de open brief aan het kabinet. 

 “Je wilt natuurlijk het liefst vrij verkeer van studenten, en trouwens ook van wetenschappers. Een open en toegankelijke academische gemeenschap dus. Dat is het beste voor de academie en daarmee kunnen we de wereld het beste bieden. Maar hier was duidelijk wrijving met andere waarden. En dat doet pijn.” 

Lichtpuntjes
Hoofd onderzoeksbeleid Bloem prijst de vasthoudendheid van haar team. “We hebben behoorlijk wat uithoudingsvermogen nodig gehad, en dat allemaal naast de gewone werkzaamheden van de teamleden. Er is ontzettend veel inzet geleverd door alle betrokkenen, niet in de laatste plaats door de faculteiten waar deze studenten hun opleiding gaan volgen.” Hoeveel studenten bij welke faculteit gaan studeren, wil de UU uit privacy-overwegingen niet zeggen. 

Regien Biesma: “We deden steeds ons best om de studenten hoop te geven, maar soms verloor ik die ook wel even. Maar dan was er altijd wel weer iemand die me wist op te beuren. En er waren steeds weer lichtpuntjes. Dat er huisvesting was gevonden voor de studenten in Utrecht bijvoorbeeld.”

Apolitiek onderwerp
Hazeleger stelt ook met vreugde vast dat de inzet van de UU voor de komst van de studenten in ieder geval binnen de universiteit ‘een apolitiek onderwerp” is gebleven. De voortwoekerende discussie over de vraag of de universiteit alle banden met Israëlische partners moet verbreken, werd nergens gelinkt aan het initiatief. “Ook de U-raad steunde dit helemaal. Gelukkig ziet iedereen dat het om mensen gaat. Mensen die we graag willen helpen.” 

Het UMC Utrecht kreeg wel meerdere keren de vraag waarom de artsen hierheen komen terwijl ze juist daar hard nodig zijn, zegt Biesma. Ze benadrukt daarom dat de faculteit Medische Wetenschappen ook nauw betrokken is bij de opleiding van studenten die nog steeds in Gaza zijn en niet wegkunnen. “Er zijn docenten gedood, er zijn studenten gedood, er zijn hele gebouwen weg, maar we willen er toch voor zorgen dat studenten hun opleiding kunnen afmaken.”

Met behulp van een subsidie van de Nederlandse organisatie voor internationalisering van het onderwijs Nuffic startte afgelopen jaar al een project waarbij Utrechtse studenten op zaterdagmiddag online met studenten van twee Gazaanse universiteiten spraken over de gezondheidssystemen in Nederland en in Gaza. Het UMC Utrecht kreeg recent een subsidie van CHARM-EU om dit een vaste plek in het curriculum te geven.

Het UMC Utrecht sloot daarnaast een memorandum of understanding met de Palestinian Medical Academy (Palmed) en twee medische universiteiten in Gaza. Vanuit Utrecht wordt online onderwijs gegeven en worden ook leermiddelen ter beschikking gesteld. Biesma: “We zijn ook bezig met het opzetten van een internationale alliantie van universiteiten voor medisch onderwijs in Gaza. Samen kunnen we nog veel meer doen.”

Studenten Gaza

Kledingactie in Utrecht. Foto: UMC Utrecht

Buddy’s
Volgens Bloem en Biesma lijkt het goed te gaan met de zeven studenten na hun aankomst. Er is een netwerk ingericht van vrijwillige buddy’s die de nieuwkomers wegwijs proberen te maken in Nederland. De studenten hebben inmiddels ook kennis gemaakt met de contactpersoon op hun faculteit.

Omdat het daadwerkelijke begin van de studie nog even op zich laat wachten, hebben de studenten de mogelijkheid gekregen om deel te nemen aan de Utrecht Summer School. Ook wordt er gekeken of ze al een cursus Nederlands kunnen doen.

Bloem: “Ze krijgen langzaam een gevoel voor waar ze terecht zijn gekomen en wie de mensen zijn met wie ze te maken krijgen. Als dat achter de rug is, kunnen ze zich hopelijk gaan settelen.”

Voor het overige is de UU er veel aan gelegen om de overgang zo rustig mogelijk te laten verlopen en de studenten zoveel mogelijk te behandelen als ’gewone’ studenten. 

Er zijn geen zeer bijzondere voorzorgsmaatregelen genomen om het psychisch welzijn van de studenten in de gaten te houden. Bloem: “We zijn alert op signalen van trauma, maar eigenlijk valt dat binnen ons reguliere zorgproces. Onze studieadviseurs en psychologen zijn voldoende toegerust om bij eventuele problemen op een juiste manier te handelen en eventueel door te verwijzen.”

Maar er is nog wel wat nodig om de studenten te voorzien van de heel gewone eerste levensbehoeften. Er waren daarom al inzamelingsacties voor kleding. En het Ufonds startte een campagne waaraan studenten, medewerkers en alumni van de UU kunnen doneren. De teller stond begin deze week op ruim 12.000 euro.

Bloem: “Je moet bedenken dat ze niets mochten meenemen. Geen koffer, geen toilettas. Alleen de kleren die ze droegen, een telefoon en een oplader. Verder helemaal niets.”

Tags: Gaza
Login to comment

Reacties

We stellen prijs op relevante en respectvolle reacties. Reageren op DUB kan door in te loggen op de site. Dat kan door een DUB-account aan te maken of met je Solis-ID. Reacties die niet voldoen aan onze spelregels worden verwijderd. Lees eerst ons reactiebeleid voordat u reageert.

Advertentie