DUB's studentikoze woordenboek
Van bestuurskilo's tot neusbiertje: studentenwoorden zijn van alle tijden
In 2018 publiceerde DUB voor het eerst een woordenlijst van studentenwoorden. We vonden dat die na 8 jaar wel een update kon gebruiken. Daarom gingen onze freelancers Annemijn en Koen op pad om deze oude lijst aan te vullen met nieuwe woorden. Zo zijn de woorden 'apaat', baknummer, bestuurskilo's, golden triangle, date diner en schoenadt toegevoegd. Mis jij een veelgebruikt studentenwoord of studentenuitspraak? Voeg ze toe in de comments.
De woordenlijst
A
Aanduwen: Seks hebben.
(Aan)gieren: (Laten) opschieten.
Aan je huissleutel ruiken: Drugs snuiven.
Accepté: Als iets acceptabel of oké is. Bijvoorbeeld te gebruiken als je spreekt over de jongen of het meisje met wie je de vorige avond naar huis bent gegaan. Je kunt het daarnaast ook horen als je gesprekspartner het eens is met jouw standpunt
Adten: Je glas in één keer leegdrinken.
Adtje desinteresse: afk. Adtje des. Iemand laten drinken omdat diegene niet oplet.
Afpilsen: Je laatste biertje - of laatste biertjes - van de avond drinken.
Almanak: Jaarboek; Jaarlijks gepubliceerd boek van een vereniging waarin de hoogtepunten en de leden van dat jaar terug te vinden zijn.
Anciënniteit: Afgekort: ans. De tijd en duur dat iemand onafgebroken lid is van een vereniging. Hoe langer iemand lid is, hoe meer rechten hij heeft.
Anytimer: Een straf (als resultaat van een verloren weddenschap, spel, etc.) waarbij je iemand op elk willekeurig moment van de dag een biertje kan laten adten.
Apaat: Nietszeggend persoon, sukkel.
Amice: Vriend.
Anus: (Krachtterm) een negatieve uitroep. Voorbeeldzin: Dat is echt anus.
Apenrots: Verhoging in de Woolloomooloo. Het lijkt misschien hartstikke leuk om vanaf daar de dansvloer te overzien, maar zodra je de apenrots beklimt geef je het signaal dat je graag met iemand mee naar huis gaat vanavond.
Aspirant lid: afk. Aspi. Iemand die nog geen definitieve status als volwaardig lid heeft bij een gezelschap, maar wel daar naartoe aan het werken is.
AVG: Een bekend recept in menig studentenhuis. Staat voor: aardappelen, vlees en groenten.
B
Bakkentrein: Keihard en veel zuipen. Binnen sommige verenigingen start iemand (lees: de machinist) de bakkentrein door een stoomfluitsignaal te maken. Anderen gaan achter hem/haar staan met een biertje (bakken) in elke hand en zetten het op een drinken.
Baknummer: Als dit liedje wordt afgespeeld, moet de persoon van wie het baknummer is een bak trekken.
Bal: Ook wel bekend als de corpsbal. Student van het Utrechtsch Studenten Corps of een andere studentenvereniging die aangesloten is bij de Algemene Senaten Vergadering.
Barfje leggen: Kotsen.
Bekpeddelen: Zoenen.
Berig: Een man die erg geil en/of gemotiveerd is om te scoren.
Bermslet: Een kooswoordje voor je vriendin, dus niet bedoeld als belediging.
Bestuurskilo’s: Het aangekomen lichaamsgewicht tijdens een bestuursjaar.
Biba: Afkorting voor bitterbal.
Biercantus: Studentikoos zang- en drinkfestijn.
Bieriokart: Een drankspel waarbij je gedurende een race in Mario Kart een biertje moet ledigen. Je mag daarbij alleen drinken wanneer je voertuig stil staat.
Bijstandsraket: Bus; stadsbus.
Billig: Goedkoop; ondermaats; beetje cheap.
Bits: Naar, vervelend.
Blackboard: De website die tot 2026 door de universiteit werd gebruikt om alle informatie over studie op te delen. Tegenwoordig is dit Brightspace.
Blik: Benaming voor een medaille in de (studenten)roeiwereld. "Een blik trekken."
Blikkentaxi: Roeiploeg die gegarandeerd wint.
Bodemzucht: Snel je biertje willen opdrinken.
Bopla: Afkorting voor borrelplank.
Braakje leggen: Kotsen.
Brak: Je status als je wakker wordt na een avondje stappen.
Brakpak: De kleding die je draagt als je brak op de bank zit. Lees: je joggingpak.
Brasjasje: Oud colbertje dat gebruikt wordt om te brassen. Je wil tenslotte niet dat je echt goede jas naar de klote gaat tijdens een stoeipartij.
Brassen: Traditie bij traditionele studentenverenigingen. Brassen is een "eregevecht" waarbij twee studenten elkaar naar de grond proberen te werken. Aan het gevecht zijn echter regels verbonden. Zo moet je tijdens het hele gevecht de revers van elkaars jasje vasthouden en mag je alleen duwen en trekken. De exacte regels kunnen per vereniging verschillen.
Broekhoest: Diarree.
Brokken: Kotsen.
Bruine fruitschaal: Een portie bittergarnituur. Niet zo gezond, wel zo lekker.
BSA: Bindend Studie Advies. Kent twee varianten: een positief en negatief BSA. In het eerste geval hoef jij je geen zorgen te maken over je manier van studeren. In het tweede geval moet je misschien iets minder in de kroeg hangen en iets vaker in de Universiteitsbibliotheek.
Buikhuilen: Plassen.
Buizen: Zuipen; veel sterke drank gebruiken.
Burgerrups: Trein.
BVO’tje: Biertje voor onderweg.
C
Cambridgebar: afk Cabriba: een door studenten gerunde kroeg op de Uithof
De Club: Het verenigingsgebouw van de Utrechtsche Vrouwelijke Studenten Vereeniging (UVSV). Uiteraard spreken alleen leden over "de club".
Collegehengst: Student die altijd trouw naar college gaat.
Collegekaart: Voorheen een papieren "flubbertje", tegenwoordig een digitale variant waarmee je overal in de stad studentenkorting kan scoren. Soms heb je hem ook nodig bij tentamens, ook niet geheel onbelangrijk.
Constitutieborrel: afgekort: consti of cobo. Een traditionele receptie waarbij een nieuw bestuur van een studenten- of studievereniging wordt gefeliciteerd met zijn aantreden door andere besturen.
Correct: Ook wel kroegcorrect. De officiële kleding van een studentenvereniging, vaak een colbert, das en nette schoenen. Zie jasje-dasje.
Corps: De oudste (traditionele) studentenvereniging van een stad. Nederland kent negen studentenverenigingen die aangesloten zijn bij de Algemene Senaten Vergadering. In Utrecht gaat het om het Utrechtsch Studenten Corps (USC) en de Utrechtsche Vrouwelijke Studenten Vereniging (UVSV). Mannelijke leden van het corps worden ook wel ballen genoemd, vrouwelijke leden in Utrecht ufjes.
CvB: Het College van Bestuur. Deze drie mensen vormen het hoogste bestuursorgaan van de Universiteit Utrecht.
D
Das: Bij menig studentenvereniging is het verboden om te spreken over een stropdas, want "aan een strop hang je iemand op". Beperk je daarom tot das, dan zit je altijd veilig.
Datediner: een diner van een studentengroep (bijvoorbeeld -huis, -club of -team) waarbij voor iedereen uit de groep een date wordt geregeld.
Deur verdienen: Gebruik in sommige studentenhuizen waar je geen kamerdeur hebt totdat je voor het eerst seks hebt gehad in het desbetreffende huis.
Dichtgetikt: Een student die het over niets anders kan hebben dan over zijn of haar studentenvereniging en het wereldje eromheen.
Dies: Spreek uit als die-jes. Voluit: dies natalis. Term die gebruikt wordt voor de verjaardag van de universiteit, studentenvereniging, jaarclub, dispuut, et cetera. De Dies Natalis van de UU is op 26 maart.
Dispuut: Een club binnen een studentenvereniging die niet bestaat uit jaargenoten, maar "verticaal" door alle jaren heen gaat. Een dispuut wordt dus gevormd door mensen die op verschillende momenten lid zijn geworden van dezelfde studentenvereniging.
21 diner: Diner ter ere van 21e verjaardag. Vaak bij ouders van de jarige thuis.
100 kilo diner/borrel: Ofwel een diner of borrel met mensen van 100 kg, ofwel een diner of borrel om te vieren dat iemand 100 kg is geworden.
Doorblaffen: Seks hebben.
Doucheborrel: Borrelen onder de douche met teamgenoten na een sporttraining of wedstrijd.
Draak: Lelijk persoon.
Drankje doen: Iets gaan drinken.
Drie-seconden-regel: De tijd waarbinnen het geoorloofd is iets van de grond te eten nadat het gevallen is. Binnen sommige huizen ook bekend als de tien-seconden-regel. Wat overigens niet betekent dat de vloer in het huis in kwestie schoner is.
Droog staan: Voor langere tijd geen seks gehad hebben.
Dubbel gemengd: een huis met huisgenoten van verschillende verenigingen en waar zowel mannen als vrouwen wonen. Zie ook: gemengd.
Dubbelloops: Verlengstuk om twee bakken tegelijkertijd te trekken.
E
Eigenpijper: Iemand die erg vol van zichzelf is.
Eindbaas: De eindbaas is iemand (vaak een man) die ergens heel goed in is.
Engnek: Onprettig persoon.
Escargetten: Een vrouw die een andere vrouw versiert of twee vrouwen die seks met elkaar hebben.
Eskimobroers: Mannen die met dezelfde persoon seks hebben gehad.
Esma: Afkorting voor een Espresso Martini
Eventuela: Iemand met wie je eventueel een relatie wil.
F
Feut: Iemand die net lid is geworden van een studentenvereniging en nog in de ontgroeningstijd zit.
Feuten: Iemand behandelen als een eerstejaars; Iemand ontgroenen.
Fluimen: Vertonen van lui of sloom gedrag, waarbij er de hele dag tv gekeken of gegamed wordt.
Flunkybal: drankspel met een bal dat buiten gespeeld wordt tussen twee teams.
Fumeren: Roken.
G
Gast: Een jongeman.
Geel kasteel: Pand van het Utrechtsch Studenten Corps op het Janskerkhof. Zie ook: Kroeg.
Gemengd: Een vereniging, huis, dispuut etc. waar zowel mannen als vrouwen bij horen. Zie ook: Dubbel gemengd.
Gemo: Afkorting voor gezelli mozarelli. Uitroep van enthousiasme.
Gerstenshake: Biertje
Geru/geroe: De gezamenlijke ruimte in een studentenhuis.
Gesapla: Afkorting voor gezellig samen plassen.
Gnerk: Lelijk en stom persoon
Ghosten: Een date afwijzen door te negeren op WhatsApp of andere sociale media.
Golden triangle: Ook wel afgekort tot Golden of GT. Vier bier na elkaar adten.
Gozer: Een man; een vriend
Grondpizza: Overgeven op de grond. Op vrijdagochtend in overvloed te vinden op de Oudegracht als er na het stappen weer wat maaginhoud geloosd is.
Grondpannenkoek: Zie grondpizza.
Gieren: Opschieten.
Grijze muis: Een onopvallend persoon.
Grote speler: Iemand die altijd veel drinkt.
H
Halve leo: Een halve liter bier
Hand-en-spandiensten verrichten: Iemand met de hand plezieren.
Hare Majesteits Eerste Discobar: Bijnaam voor de Woolloomooloo. Deze studentendiscotheek wordt gerund door studenten van het Utrechtsch Studenten Corps, maar is toegankelijk voor alle studenten.
Heerli de peerli: afk. HDP, Heerli: Heerlijk; perfect; helemaal fantastisch
Heipaal: Wanneer je vol zit omdat je net hebt gegeten en dan een bak trekt.
Herderen (werkwoord); Herder (zsnw) - sfeer brengen; de groep bij elkaar brengen; mooie lul.
Herstelbiertje*: Anti-kater biertje.
Hertje: Vrouwelijk studentenschoon. Zie ook: kapstokhertje.
Hetteren (werkwoord); Hetter (zsnw): Zeiken; groepsdynamiek verpesten; zeikerd; vervelend persoon, vaak met autoriteit.
HJ: Huisjongste. Niet per definitie de jongste bewoner van een huis, maar de student die als laatste in een huis is komen wonen.
Hoerendiesel: Zoete witte wijn.
Hok: Een benauwde studentenkamer.
Hondsbrak: afk. Hobra. Een flinke kater hebben.
Hospiteren: Huiszoekers gaan langs bij een studentenhuis zodat de huidige bewoners een nieuwe huisgenoot kunnen kiezen. Tip: Als je graag een Utrechts dak boven je hoofd wilt, verzwijg je dat je van plan bent elk weekend naar je ouders te gaan. Ze zoeken een nieuwe huisgenoot (lees: potentiële vriend), niet een hotelgast.
Houdini: Een feestje - of andere sociale samenkomst - verlaten zonder afscheid te nemen.
Huig hockeyen: Zoenen.
Huisavond: Samenkomst van iedereen die in een studentenhuis woont voor een sociale activiteit. Veelal op een vaste avond in de week.
Huisoudste: Student die het langste in een studentenhuis woont. Soms ontleent deze huisgenoot hier bepaalde rechten aan. Kan ook afgekort worden tot ho. Niet uit te spreken zoals het Engelse "hoe", maar als ha-oo.
Hulde: Uiting van goedkeuring. Zie VO.
Hut: Een licht negatieve benaming voor een vrouw.
I
IBB: Afkorting voor de Ina Boudier Bakkerlaan. Wordt vaak gebruikt om te verwijzen naar het studentencomplex dat daar gevestigd is. Het terrein met 1300 studentenkamers is het oudste studentencomplex van de stad.
Icen: Iemand een fles Smirnoff Ice laten adten.
Iers afscheid: Weggaan zonder dat iemand weet waar je heen bent gegaan. Zie ook Houdini.
Indikken: Betekent dat je dichter bij je buurman/-vrouw moet gaan zitten. Nog net niet op schoot, zeg maar. Deze term wordt vaak door studenten gebruikt tijdens de ontgroening.
Interne betrekkingen: Lijst waarop wordt bijgehouden wie er met elkaar gezoend hebben (of meer) binnen een studentenhuis.
In training: Periode waarin de wedstrijdroeiers van de Orca en Triton geen alcohol drinken. Het mag geen verrassing zijn dat de alcohol rijkelijk vloeit tijdens het laatste en eerste feest voor en na deze periode.
Inkoppertje: Een makkelijk tentamen.
Italiaans afscheid: Bij het uitgaan iedereen minstens drie keer gedag zeggen voordat je daadwerkelijk vertrekt.
Itakru: Afkorting voor Italiaanse kruiden.
J
Jaarclub: Een club binnen een studentenvereniging die bestaat uit mensen die op hetzelfde moment lid zijn geworden. Een jaarclub wordt gevormd tijdens het eerste jaar bij de studentenvereniging. Er zijn ook clubs die bestaan uit mensen van verschillende jaren. Dit heet een dispuut. Een dispuut is echter een extra club.
Japie: Jennever met appelsap.
Jasje-dasje: De officiële kleding van een studentenvereniging, vaak een colbert, das en nette schoenen. Zie ‘correct’.
Jetsers: Grote borsten.
Jopen: Grote borsten.
Jungst: Jongste van de groep.
K
Kak aan: Geen behoefte aan.
Kantelen: Een avond laten escaleren; veel bier drinken.
Kapstokhertje: Een dame die aan het eind van de avond in de kroeg wacht totdat ze wordt opgepikt door een man.
Kapsalon: 1. Een specialistisch gerecht bij de nachtelijke snackbar; 2. Een seksuele partner die leuk is voor als je dronken bent, maar nuchter tegenvalt.
Kennismakingstijd: Afgekort: KMT. In de volksmond ook wel bekend als ontgroening. Verplichte introductieperiode van sommige studentenverenigingen waarin nieuwe leden vaak een reeks aan plagerijen en vernederingen moeten doorstaan. De Universiteit Utrecht spreekt liever van een kennismakingstijd en heeft met alle verenigingen afspraken over wat er wel en niet mag tijdens deze periode.
Keren: Je slapende huisgenoot met matras en al omdraaien.
Kikkeren: Activiteit waarbij je moet rondspringen als een kikker. Vaak iets wat tijdens de ontgroening van je wordt gevraagd.
Kipfiletje kletteren: Een dame die moet plassen.
Kladiladi: Afkorting van Klap die laptop dicht.
Kleien: Poepen.
Knor: Student die niet lid is van een corporale studentenvereniging, volgens leden van een corporale studentenvereniging. Volgens sommigen staat het voor: kent niet onze regels.
Knurft: Sukkeltje.
Kopkluiven: Zoenen.
Kowa: Afkorting voor korte wandeling.
Kratzitten: activiteit waarbij studenten op een bierkrat zitten en pas klaar zijn als dit krat op is.
Kriebelen: Iemand met de hand plezieren.
Kroeg: Het verenigingsgebouw (sociëteit) van het Utrechtsch Studenten Corps op Janskerkhof. Zie ook: Geel Kasteel.
Kroeggast: Een lid van het Utrechtse Studenten Corps.
Kroegpak: Kleidij voor op de vereniging. Zie jasje-dasje.
Krokante man: Aantrekkelijke jongen of een jongen die zijn brakpak draagt.
Kwarrel: Samentrekking van kwalitatieve scharrel. Wordt gebruikt voor dates die potentieel relatiemateriaal zijn of waarmee lang gescharreld kan worden.
Kwibus: feestbus.
L
Laag gaan: Heel lam worden.
Lampie: Een hele domme opmerking.
Lawa: Afkorting voor lange wandeling.
Leren: Een woord dat je niet meer gebruikt nu je student bent aan de universiteit. Hier leren we niet, maar studeren we. HBO-studenten leren wel, in de ogen van sommige uni-studenten.
Les: Net zoals we niet meer leren, volgen we ook geen lessen meer. Aan de universiteit volgen we college.
Let: Afkorting voor letterlijk.
Lid van het rode kruis: Ongesteld zijn.
Lichte pik: Geen mannelijke student met een geslachtsdeel van klein formaat, maar een roeier die minder dan 72,5 kilo weegt.
Liquid Diner: Het nuttigen van bier of andere alcoholische drank in plaats van een maaltijd.
Lullepot: De benaming voor een praatje binnen een studentenvereniging. Vaak klimt één van de leden op tafel en vertelt een ter plekke verzonnen verhaal. Zo kan bijvoorbeeld aan een eerstejaars lid gevraagd worden om een lullepot van enkele minuten te houden over een onbelangrijk onderwerp.
M
Mannen van de overkant: Zo noemen de ufjes de leden van U.S.C.
Mat: De lange haardracht van een jongen volgens het UVSV-woordenboek.
Mattie: Je (beste) vriendje/vriendinnetje.
Matras: het neukertje van de club.
Meter: Als je gevraagd wordt een metertje te bestellen, dan wordt er verwacht dat je met elf biertjes terugkeert van de bar. Volgens sommigen de enige juiste hoeveelheid die je kunt bestellen, want drinken doe je nooit alleen.
Meuren: Stinken.
Mexen: Een drankspel met twee dobbelstenen waarbij het hoogste getal van de worp wordt geteld als tiental en de andere als eenheid. Dubbele getallen worden geteld als honderdtal. Het doel is om in maximaal drie worpen 21 te gooien of zo hoog mogelijk. Degene met de laagste score drinkt (met uitzondering van 21 en 31 - waarbij je een slok mag uitdelen).
Miemelen: Zeuren.
Morning-after-pils: Do we need to say more? Je anti-kater biertje.
Mos: Ongeschreven regel. Meervoud is mores.
N
Nakken: Drugs snuiven. Zie ook: ‘Punten’, ‘Snatsen’ en ‘Poederen’.
Nassen: Eten.
Natte tosti: Een gladde corpsbal (vaak met een mat) die zichzelf vooral geweldig vindt.
Nekken: Kotsen.
Neusbiertje: Snuifbare drug.
Nicotinarium: Rokershok. Met name de glazen variant zoals in de Tivoli.
Nominaal lopen: Elk blok al je studiepunten halen.
Noviet: Iemand die met de ontgroening meedoet.
NPC: Non-player character; aanwezig zonder iets toe te voegen; bijstander.
O
Odz: Onder de zinspreuk. Binnen studentenverenigingen zullen je de afkorting odz tegenkomen bij verschillende commissies en andere groepjes zoals jaarclubs en disputen. De uitdaging is om jezelf te onderscheiden met de ludiekste clubnaam en natuurlijk een nog ludiekere zinspreuk. Wat dacht je bijvoorbeeld van jaarclub lantaarn odz palen tot je het licht ziet.
Ontgroening: Verplichte introductieperiode van sommige studentenverenigingen waarin nieuwe leden vaak een reeks aan plagerijen en vernederingen moeten doorstaan. De Universiteit Utrecht spreekt liever van een kennismakingstijd en heeft met alle verenigingen afspraken over wat er wel en niet mag tijdens deze periode.
Ouwe ballen: Oud-leden van UVSV/ NVVSU.
Over je baard gaan: Kotsen.
P
Paardenkut: Een mixdrankje van Apfelkorn en Spa Rood. Vooral bij het corps zijn kannetjes Paardenkutten populair. Wordt ook wel afgekort tot een PK.
Palen: Seks hebben.
Panda: De persoon binnen een gezelschap die het langste geen seks heeft gehad.
Pandapunten: Manier om periode zonder seks bij te houden. Eén pandapunt staat doorgaans gelijk aan één week of één maand zonder seks.
Pap: Veel geld.
Parel: Benaming voor een goed of leuk persoon.
Pauper: Iets of iemand zonder manieren.
Plakbek: Je droge mond na een nacht stappen.
Planken: Seks hebben.
Plork: Afkorting voor Perfect Lichaam Ontiegelijke Rot Kop. Meisje met een mooi lichaam en een minder mooi gezicht.
Pilzen: Biertjes drinken.
Pizza Marjolein: Een typisch Utrechtse Turkse pizza belegt met twee kroketten. De pizza is bedacht door student Marjolein. Te bestellen bij Ten Beste.
Poederen: Drugs snuiven. Zie ook: ‘Punten’, ‘Snatsen’ en ‘Punten’.
Poemaandag: Studentenavond in Club Poema met afgeprijsd bier.
Politesse: Kreet om een groep tot stilte te manen.
Por hebben: Motivatie hebben.
Potten harken: Zuipen
Prammen: Bijvoorbeeld een tentamen laten zitten of iemand laten zitten waarmee je een afspraak had.
Pramtoeter: Iemand die pramt.
Prela: Staat voor pre-relatie. De fase kort voor het officieel maken van de relatie.
Prominent: Afgekort: promi. Hoog in de (verenigings)hiërarchie.
Punten: Drugs snuiven. Zie ook: ‘Nakken’, ‘Snatsen’ en ‘Poederen’.
R
Raggen: Seks hebben.
Rampeneren: Los gaan, uitgaan.
Rattentaxi nemen: Weggaan zonder afscheid te nemen.
Regelen: Intiem met iemand zijn. Kan alles zijn van zoenen tot met elkaar naar bed gaan.
Rietpijpen: Een flesje bier adten met behulp van een rietje.
Robben: Activiteit tijdens sommige ontgroeningen waarbij je over de grond moet kruipen terwijl je met je handen je enkels vasthoudt.
Roeikoe: Een dame die heel hard kan roeien.
S
Safe-date: Een alternatieve date voor tijdens een date diner, waarbij de vooraf gesproken intentie is om niet met elkaar te regelen. Bijvoorbeeld als de eigen partner niet kan. Zie ook: Datediner
Schoenadt: een drankje nuttigen uit een gedragen schoen. Ook wel: shoey.
Schoonmaakrooster: Vodje in menig studentenhuis waarop staat welk huishoudelijke klusje jij moet doen. Moet, want in veel huizen staat er een boete op het uitblijven van jouw poetsbijdrage. De tijd dat mama de afwas doet is definitief voorbij.
Sharken: Het regelen van een date van iemand anders tijdens een date diner. Zie ook: Datediner.
Shotgun: Een blikje adten.
Silent diner: Een diner-drankspel waarbij er pas gepraat mag worden als de eigen fles wijn leeg is.
Silentium: Een uitroep om voor stilte te vragen.
Site: Oke chill
Sjaars: Afkorting voor eerstejaars student.
Sjaarskilo's: Het gewicht dat eerstejaarsstudenten aankomen, vaak door overmatige bierconsumptie.
Slebboe: Sletje van de week.
Sloopkogel: Een vrouw bij wie de kilo's er aan zijn gevlogen tijdens haar studententijd.
Smoelen: Kreet binnen bepaalde studentenverenigingen waarmee wordt aangegeven dat je je mond moet houden.
Snackje: Een knap of lekker persoon.
Snatsen: Drugs snuiven. Zie ook: ‘Punten’, ‘Nakken’ en ‘Poederen’.
Snerpend hertje: Mooie vrouw.
Soggen: Studie Ontwijkend Gedrag vertonen. Je weet het nu nog niet, maar je staat straks in de tentamenperiode fluitend de afwas van je huisgenoten te doen, belt plotseling urenlang met je moeder en neemt een Netflix-abonnement. Je bent mega productief. Althans, op niet-studiegerelateerd gebied.
Spa goud: Bier.
Spang: Goed, leuk.
Spebi: Afkorting voor speciaalbier.
Speeksel uitwisselen: Zoenen.
Spijtknor Student die spijt heeft dat hij/zij niet lid is geworden van een corperale studentenvereniging.
Stiefelen: Drankspel met twee teams rond een kan bier. Het doel is om in tweetallen de kan leeg te drinken zonder de mond er vanaf te halen.
Stadsie: Koosnaampje voor Utrecht.
Sticht, Het: Studentikoze afkorting voor Utrecht
Straaljager: Jenever met bitter lemon
Straatomelet: Op vrijdagochtend in overvloed te vinden op de Oudegracht als er na het stappen weer wat maaginhoud geloosd is.
Stropdas: Een woord dat in menig studentenvereniging verboden is, want “aan een strop hang je iemand op”. Beperk je daarom tot das.
Studentikoos: afk. Stuko. Zoals studenten het typisch en uitsluitend doen.
T
Taaie Bami: Een uitdrukking die een vervelende, moeizame of stroeve situatie of taak illustreert.
TD: The dansant. De derde helft van een hockeywedstrijd. Kortom: de biertjes.
Tetteren: Keihard drinken.
Thuis: Je Utrechtse studentenhuis. Niet de plek waar je ouders wonen.
Thuis-thuis: De plek waar je ouders wonen/ je ouderlijk huis.
Trechterbak: Een biertje snel leeg drinken door middel van een trechter.
Trek-je-bak-mania: Een drankspel waarbij je het spel TrackMania speelt. Als je brandstof op is en niet de snelste tijd hebt neergezet, adt je een biertje.
Tunnelbroeders: Mannen die met dezelfde vrouw seks hebben gehad.
Tongworstelen: Zoenen op Franse wijze
Tongslagen: Met het aantal tongslagen geef je aan hoe lang je met iemand gezoend hebt.
Tukken: Slapen.
Turff: Tablet in studentenhuizen om bij te houden hoeveel bier er per huisgenoot wordt gedronken.
Turkslurf: Turkse pizza.
Tupi: Afkorting voor Turkse pizza.
Twaars: Tweedejaars student
U
UB: Universiteitsbibliotheek. Niemand neemt de moeite om dat volledig uit te spreken.
Ufje: Aanduiding van Utrechters voor een lid van UVSV (Utrechtse Vrouwen Studentenvereniging). Niet zoals op het internet gesuggereerd wordt een verbastering van het Franse woord ‘oeuf’ om daarmee kakelverse eerstejaars aan te duiden.
Uni: Universiteit.
Unit: Een benaming voor een voorwerp.
Unitariër: Iemand die lid is van Unitas.
U-raad: De Universiteitsraad. Een medezeggenschapsorgaan dat de belangen van studenten en medewerkers vertegenwoordigt tegenover het CvB.
V
Van den frissche: Proost
'Va: Supermooi. Kreet die te horen is bij verschillende studentenverenigingen op het moment dat je misschien zou willen applaudisseren. Sommige verenigingen vinden dat echter voor “klapvolk”. Val daarom niet door de mand als eerstejaars en houd het bij deze afkorting voor Bravo. Mannen zeggen meestal 'Vo, vrouwen 'Va.
Vestjeslikker: Een lid van een studentenvereniging dat met regelmaat zoent of het bed deelt met prominente leden. Het liefst leden met een vestje, zoals bestuursleden.
Veri: Afkorting voor studentenvereniging Veritas.
Veritijn: Iemand die lid is bij Veritas.
Verticaal: jaarclubs uit verschillende jaarlagen die een gezamenlijke subgroep vormen om bijvoorbeeld samen te borrelen of naar activiteiten te gaan.
Vijven: Een drankspel waarbij iedereen een hand ophoudt met vijf vingers. Omstebeurt gokken de spelers een getal (veelvoud van vijf). Op hetzelfde moment hebben de spelers de mogelijkheid om hun vingers in te trekken of uitgestoken te houden. Komt het getal overeen met het aantal opgestoken vingers, mag de speler het spel verlaten. Daarbij mag hij absoluut niet vieren, waarbij de speler terug het spel in moet. De laatst overgebleven speler adt een drankje.
Vindicatje: Een relletje over activiteiten tijdens de ontgroening.
Vingeren: 1. Mastruberen 2. Een drankspel waarbij iedere speler een vinger op een glas legt. Omstebeurt gokken de spelers een getal. Op hetzelfde moment hebben de spelers de mogelijkheid om hun vingers in te trekken of op het glas te houden. Komt het getal overeen met het aantal vingers op het glas, mag de speler het spel verlaten. In sommige gezelschappen mag daarbij niet gevierd worden, waarbij de speler terug in het spel moet. De laatst overgebleven speler adt het betreffende glas.
Vloerpizza: Op vrijdagochtend in overvloed te vinden op de Oudegracht als er na het stappen weer wat maaginhoud geloosd is.
‘Vo: Kreet die te horen is bij verschillende studentenverenigingen op het moment dat je misschien zou willen applaudisseren. Sommige verenigingen vinden dat echter voor “klapvolk”. Val daarom niet door de mand als eerstejaars en houd het bij deze afkorting voor Bravo. Mannen zeggen meestal 'Vo, vrouwen 'Va.
Volkwarken: Seks hebben.
Vrijmibo: Vrijdagmiddagborrel.
VVV'tje: Vriendje van vroeger. Niet je ex-vriendje, maar gewoon een echte vriendschappelijke vriend van vroeger.
W
Wato: What are the odds?
Wapen: En studentikoos alternatief voor logo
Woo: Afkorting voor de Woolloomooloo aan het Janskerkhof. Deze studentendiscotheek wordt gerund door studenten van het Utrechtsch Studenten Corps, maar is toegankelijk voor alle studenten.
Y
Yoghuren: Te horen in de context van "iemand vol yoghuren". Dit zeggen mannen als ze seks willen hebben met een vrouw.
Z
Zeester: De passieve partij tijdens de seks.
Zooi: Drugs
Zooien: Traditie bij traditionele studentenverenigingen. Zooien is een "eregevecht" waarbij twee studenten elkaar naar de grond proberen te werken. Aan het gevecht zijn echter regels verbonden. Zo moet je tijdens het hele gevecht de revers van elkaars jasje vasthouden en mag je allen duwen en trekken. De exacte regels kunnen per vereniging verschillen.
Zum kotzen: Proost.
Zuur: Erg onplezierig.
Zuurgraad van een Granny Smith: Geur van de vagina.
Reacties
We stellen prijs op relevante en respectvolle reacties. Reageren op DUB kan door in te loggen op de site. Dat kan door een DUB-account aan te maken of met je Solis-ID. Reacties die niet voldoen aan onze spelregels worden verwijderd. Lees eerst ons reactiebeleid voordat u reageert.