Klagende student gedraagt zich als verwende consument

Body: 

De klant is koning. Dat lijkt de student te denken als iets niet loopt zoals hij wil, zoals recent bij klachten over de afstudeerceremonie van Rechtsgeleerdheid. Bald de Vries vindt dat er een gedeelde verantwoordelijkheid is.

De klant is koning. Dat lijkt de student te denken als iets niet loopt zoals hij wil, zoals recent bij klachten over de afstudeerceremonie van Rechtsgeleerdheid. Bald de Vries vindt dat er een gedeelde verantwoordelijkheid is.

Enige tijd geleden ontstond er commotie over het feit dat een paar rechtenstudenten die hun bacheloropleiding rechtsgeleerdheid hadden afgerond, niet konden deelnemen aan de afstudeerceremonie. Zij hadden zich te laat aangemeld.

De ceremonie vindt al jaren plaats in de Janskerk. Daar is plek voor zo’n 500 mensen - iedere student kan vier gasten meenemen. Het is een hele organisatie om de ceremonie rond te krijgen. Alles wordt er aan gedaan om er een mooie dag van te maken en zo wordt het ook ervaren. De teleurstelling was dan ook groot en begrijpelijk onder die studenten die hun bul niet op ceremoniële wijze in ontvangst konden nemen. Maar ze hadden zich te laat aangemeld – er was geen plek meer in de herberg.

Wat ik niet goed begreep, waren de reacties van sommige studenten op het verslag dat op DUB verscheen. Daarin werd een beeld geschetst van de universiteit als ‘vijand’, een log bureaucratisch apparaat dat er genoegen in schept het leven van studenten zuur te maken. Dat beeld kwam hard aan bij vooral het ondersteunend personeel dat zich in het zweet werkt om studenten te laten studeren; zij helpen ook wanneer studenten steken laten vallen en zich bijvoorbeeld te laat inschrijven, zij helpen als zij bijzondere voorzieningen nodig hebben of vakken van elders willen inbrengen, enzovoort.

Mijn beeld van studenten, afgaand op de reacties, is dat van een verwende consument die vindt dat de klant koning is. U vraagt en wij draaien, zo is de gedachte en als het niet kan zoals de student het wil, wordt er gemord en ligt de ‘schuld’ altijd buiten de student. De consument heeft dan ook een intrinsiek gebrek aan reflectief vermogen.

Wat erger is, is dat de student zo bijdraagt aan een gemankeerd beeld van wat de universiteit is – het is geen koekjesfabriek en moet het ook niet worden.

De universiteit is, en daar heb ik eerder in een ander gremium over geschreven, een gezamenlijk project. Het project bestaat er niet alleen uit dat docenten en studenten gezamenlijk op zoek zijn naar kennis, begrip en inzicht om grip te krijgen op de problemen van morgen. De docent speelt daarin een leidende rol in de hoop dat de student hem of haar overstijgt. Dat is, zeg maar, de inhoudelijk gedeelde verantwoordelijkheid.

De universiteit is ook een organisatie die draaiend moet worden gehouden, waar grote aantallen studenten bediend moeten worden in termen van vakinschrijving, deelname aan tentamens, verwerken van cijfers en het uiteindelijke afstuderen. De massaliteit vereist een slimme aanpak waarbij de universiteit en de student ook een gedeelde verantwoordelijkheid hebben. Voor de student bestaat deze verantwoordelijkheid in eerste instantie uit het besef dat regels en termijnen een functie hebben. En deze functie bestaat er niet uit om de student te treiteren. Leer de organisatie kennen. Dan is er al heel wat gewonnen.

Bald de Vries is tevens voorzitter van de Examencommissie bachelor rechtsgeleerdheid

Facebook Twitter Whatsapp Mail