Foute humor

Lach, maar niet om iedereen

Pepe the Frog. Foto: Pixabay
Pepe the Frog. Foto: Pixabay

Afgelopen oktober werd podcastgoeroe Joe Rogan van de troon gestoten in de Amerikaanse Spotify-charts. Voor de tevreden lezer die zich, net als ik, doodergert aan Rogan’s medische misinformatie: dit is geen overwinning.

Rogan werd namelijk ingehaald door Nick Fuentes, een white nationalist en Adolf Hitler-idolaat. Toen de livestreams van Fuentes opeens vanuit de krochten van het internet naar Spotify werden gehaald, tilde zijn loyale aanhang hem in no time naar de eerste plaats.

Het bleek het begin van zijn entree in de mainstream publieke ruimte. Rechts-conservatieve podcasts begonnen hem een podium te bieden, waaronder de podcast van Piers Morgan. Voor miljoenen kijkers mocht Fuentes aan Morgan verkondigen dat Hitler eigenlijk hartstikke cool is. Inmiddels vormt Fuentes zelfs een belangrijke stem in de Amerikaanse Maga-beweging.

De vraag rijst hoe Fuentes dit heeft bereikt. Ik wil wijzen op een ogenschijnlijk onschuldig wapen: donkere humor, ironie en speelsheid als dekmantel voor extremisme. De toon van Fuentes is luchtig, maar zijn boodschap is dat niet. Toen Morgan hem confronteerde met zijn ridiculisering van de Holocaust, reageerde Fuentes dan ook met de tekenende woorden: ‘it’s not that deep’. 

Door choquerende ideeën luchtig te presenteren, verlaagt hij de drempel voor zijn jonge volgers om aan te haken. Verder wijst hij de afgeschrokken en kritische ‘outsider’ op een gebrek aan humor. Fuentes zelf is overigens volledig open over dit tactische gebruik van ironie. En hij is zeker niet de enige die het inzet.

Terrorisme-expert Beatrice de Graaf waarschuwde in een eerdere column dan ook terecht dat grappen kunnen verbloemen wat mensonterend is. Wees waakzaam als je op het internet surft: niet alle humor is onschuldig, óók niet als je erom moet lachen.

Tegelijkertijd schuilt hierin een dilemma. Een grap werkt namelijk juist als het iets bespot wat niet bespot mag worden. Dat kan de macht zijn, maar dat kan ook iets kwetsbaars zijn. Om een voorbeeld te noemen: Theo Maassen zei in een comedyshow over de Holocaust: ‘als je zo massaal wordt uitgemoord, dan zul je het er toch wel een beetje naar gemaakt hebben’.

De hele zaal lachte. Was het grof? Absoluut. Maar het was ook grappig, en zeker niet extremistisch. Ook de gemiddelde vriendengroep zoekt grenzen op, vanuit het gedeelde vertrouwen dat niemand het meent. Choqueren is nou eenmaal leuk.

Maar ergens eindigt de choquerende humor, omdat het dus ook een wapen kan zijn. Pierre Desproges, een Franse comedian die net als Maassen bekend staat om zijn donkere humor, had een antwoord. Hij stelde: ‘On peut rire de tout, mais pas avec tout le monde’ (‘we kunnen om alles lachen, maar niet met iedereen’). Deze focus op de persoon die de grap maakt, en zijn intentie, biedt enige houvast. Lach dus niet om fascisten, maar lach wel om je vrienden. Zolang die groepen niet overlappen…

Dit is het laatste blog van Bastiaen Huijnen. Meningen in zijn blogs, zijn niet per se die van de redactie.

Tags: podcast | humor
Login to comment

Reacties

We stellen prijs op relevante en respectvolle reacties. Reageren op DUB kan door in te loggen op de site. Dat kan door een DUB-account aan te maken of met je Solis-ID. Reacties die niet voldoen aan onze spelregels worden verwijderd. Lees eerst ons reactiebeleid voordat u reageert.

Advertentie