Vooruitgang

Positieve woorden en negatieve gedachten

Jaap-Bos-foto Ivar-Pel-voor-DUB
Jaap Bos, foto Ivar Pel/DUB

Bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur & Wetenschap (OC&W) blijken ze een taalgidsje (pdf) te hebben voor correcte omgang met je medemens. Het gidsje gaat over ‘waarde, toon en boodschap’ van communiceren, en dat moet beter, volgens de anonieme schrijvers ervan. Er is nog te veel discriminatie en racisme in de manier waarop wij ons uitdrukken.

Niemand werd er enthousiast van. ‘Betutteling’, was het woord dat je nog het meest hoorde. Maar hoewel de teneur negatief is, is het probleem dat met het gidsje wordt geadresseerd, belangrijk genoeg om er aandacht aan te schenken, en daarom ga ik er toch iets over zeggen.

De schrijvers gaan uit van de gedachte dat taal geladen is met veronderstellingen over de wereld. De filosoof Michel Foucault wees daar al in de jaren 70 van de vorige eeuw op. De woorden die wij gebruiken om iets over seksualiteit te zeggen, of over mentale gezondheid, of over welk onderwerp dan ook, zijn gekleurd door onze ‘epistemologie’. Wat we denken te weten is in feite een functie van machtsverhoudingen, en in onze taal komen die machtsverhoudingen tot uitdrukking. Foucault muntte zelfs een eigen woord om te laten zien dat die twee niet zonder elkaar kunnen, en sprak over ‘kennis/macht’. Tot zover het lesje wetenschapssociologie.

De schrijvers van de taalgids van OC&W zijn met het gedachtegoed van Foucault aan de haal gegaan, en hebben bedacht dat allerlei woorden die negatieve, discriminatoire betekenissen hebben, vervangen moeten worden door woorden die zulke betekenissen niet hebben.

‘Laaggeletterd, bijvoorbeeld, is een term die ‘niet inclusief’ is, en een groep mensen wegzet als ‘beperkt’. Beter is het om te spreken van ‘basisgeletterd’, want dan leg je de nadruk op iets wat ze wel kunnen. In plaats dat je ‘blijft zitten’ op school, doe je ‘een jaar over’.

Deze kende u waarschijnlijk al: we hebben het niet over ‘transgender en gewone mensen’, maar over ‘transgender en cisgender mensen’. ‘Slaafgemaakte’ is beter dan ‘slaaf’, om de onderdrukking, uitbuiting en ontmenselijking van hen die tot slaaf zijn gemaakt te benadrukken. En we spreken beter niet van een ‘asielprobleem’ maar van een ‘opvangprobleem’, om stigmatisering te voorkomen.

Ik vind hier twee dingen van. 

Ten eerste juich ik de gedachte toe dat wij ons koloniale en al te heteronormatieve verleden dieper in de ogen kijken, dat we ons meer bewust kunnen worden van scheve verhoudingen en (impliciete) veronderstellingen waarmee we de wereld tegemoet treden (zie hierover bijvoorbeeld Kolonialisme! van Martin Bossenbroek). 

Daartegenover staat dat ik denk dat de OC&W-oplossing hopeloos naïef is. Alsof je in taal zelf een gebruiksaanwijzing kunt opnemen over hoe de wereld begrepen moet worden. Daarmee verdwijnt het probleem niet. Al een halve eeuw verzinnen we steeds een nieuwe term voor dezelfde groep mensen die wordt gediscrimineerd. ‘Mensen met een migratieachtergrond’ heetten vroeger ‘buitenlanders’, toen ‘allochtonen’, en ten slotte ‘nieuwe Nederlanders’. ’t Hielp niets.

‘Zwarte Piet’ is een voorbeeld van hoe het wel kan. De betekenis die het woord oproept, veranderde nadat we er anders tegenaan zijn gaan kijken. Toen werd ingezien dat de hele traditie van Zwarte Piet een racistische ondertoon bevatte, werd hij afgeschminkt, kreeg hij vrolijke kleurtjes op en noemden we hem ‘regenboogpiet’, niet ‘tot helper van Sinterklaas gemaakte’. Het woord ‘kolonialisme’ zelf is zelfs een nog beter voorbeeld. Het heeft nu een louter negatieve betekenis, terwijl toch echt ooit geassocieerd werd met vooruitgang, beschaving, trots en macht.

Vooruitgang is een proces dat je niet in een woord kan vangen.

Login to comment

Reacties

We stellen prijs op relevante en respectvolle reacties. Reageren op DUB kan door in te loggen op de site. Dat kan door een DUB-account aan te maken of met je Solis-ID. Reacties die niet voldoen aan onze spelregels worden verwijderd. Lees eerst ons reactiebeleid voordat u reageert.

Advertentie