UU gaat weer de boer op om studenten te werven
Nervositeit om daling aanmeldingen
“Het is dit jaar wel extra spannend”, zei vicedecaan Bètawetenschappen Bert Klein Gebbink deze maand in de faculteitsraad van Bètawetenschappen. Na jaren van onstuimige groei wordt de faculteit geconfronteerd met een afnemende belangstelling van nieuwe bachelorstudenten. En die trend zet zich door in de aanmeldcijfers voor dit jaar. Kort voor de uiterste aanmelddatum van 1 mei, moest hij mededelen dat zich mogelijk zo’n 5 procent minder bachelorstudenten voor een Utrechtse bètastudie hebben opgegeven.
Nu gaan de aanmeldcijfers altijd gepaard met veel mitsen en maren, benadrukte Klein Gebbink nog maar eens. In hoeverre aanmeldingen ook gaan leiden tot daadwerkelijke inschrijvingen blijft maanden ongewis. Vooral internationale studenten melden zich vaak aan voor meerdere studies. En studenten die kiezen voor een fixusstudie geven zich voor de zekerheid ook op voor een andere studie. Hoeveel studenten zich daadwerkelijk voor Utrechtse studies hebben ingeschreven, wordt altijd vastgesteld nadat in oktober het collegegeld is geïnd.
Maar volgens de vicedecaan is het duidelijk dat ook de Utrechtse bètafaculteit sneller dan gedacht wordt achterhaald door de demografische tendens.
Minder jongeren
Het is immers zeker niet zo dat alleen in Utrecht het aantal studenten terugloopt. Het ministerie van OCW voorspelt dat het aantal universitair studenten in de komende tien jaar met 10 procent daalt tot zo’n 304.000 studenten. De belangrijkste reden is dat er eenvoudigweg minder jongeren zijn in Nederland. Maar er wordt ook rekening gehouden met een verdere daling van het aantal internationale studenten. Het wetenschappelijk onderwijs is daarmee volgens universiteitenkoepel UNL de snelst krimpende onderwijssector.
Minder studenten leidt op termijn tot minder inkomsten voor universiteiten. Maar de afname van de inkomsten is deels afhankelijk van het marktaandeel dat universiteiten hebben. Wie meer studenten heeft dan andere universiteiten krijgt dus meer geld. “De strijd om de Nederlandse student is losgebarsten”, zei vicedecaan Klein Gebbink daarom in de vergadering van de faculteitsraad.
Wat het landelijke beeld is in de aanmeldcijfers voor dit jaar is nog niet bekend. Een woordvoerder van UNL zegt daar vanwege alle onzekerheidsmarges geen uitspraken over te willen doen.
Verhoogde aandacht
De ontwikkelingen leiden in ieder geval ook bij het UU-bestuur tot zorgen. De UU nam eind april een afname van 3 tot 5 procent van het aantal aanmeldingen van nieuwe studenten waar, met uitschieters bij Geesteswetenschappen (-18 procent) en Geowetenschappen (-12 procent).
In 2027 zal er naar verwachting voor het eerst weer een daling in het totale aantal UU-studenten te zien zijn. De UU zal dan een kleine 38.000 studenten hebben. De prognoses voor de jaren daarna kunnen bovendien weleens aan de optimistische kant zijn geweest, denkt het UU-bestuur nu. Vooral voor kleine studies zijn het gevaarlijke ontwikkelingen die ook de omvang van de docentenstaf kunnen raken of mogelijk zelfs tot het opheffen van een opleiding kunnen leiden.
In de afgelopen jaren moest nog vooral op de rem worden getrapt. Vooral in de coronajaren was de angst dat de totale populatie UU-studenten zou groeien tot meer dan 40.000. De aanwas leidde onder meer tot problemen met de beschikbaarheid van onderwijsruimten. Nu is er dus een heel ander geluid te horen.
“De ontwikkeling van de studentenaantallen vraagt de komende jaren verhoogde aandacht”, zo staat in het concept van een deel van het universitaire jaarverslag over 2025 te lezen. Dat werd deze maand gedeeld met de U-raad. De tendens in de studentenaantallen vormen een belangrijke reden om in begrotingen voorzichtig te zijn over de toekomstige omvang van de Rijksbijdrage, zo bleek eerder al.
Nieuwe opleidingen
Ondertussen proberen opleidingen strategische stappen te zetten om aantrekkelijk te blijven voor studenten. Zo werkt de faculteit Bètawetenschappen aan een brede bachelor voor de natuurwetenschappen waarin aspecten van Natuurkunde, Wiskunde en Informatica moeten samenkomen. Een enquête wees onlangs uit dat vwo-scholieren interesse hebben in een dergelijke opleiding.
Het transitieplan waarmee het faculteitsbestuur van Geesteswetenschappen de opleidingen wil hervormen en in ieder geval één nieuwe opleiding lanceert moet er eveneens toe leiden dat aantrekkingskracht op nieuwe studenten wordt vergroot. Dat zei het faculteitsbestuur dit voorjaar in antwoord op bezorgde faculteitsraadsleden. In een petitie uitten critici van de plannen overigens de angst dat de interdisciplinaire aanpak de opleidingen minder interessant gaat maken.
Weer gaan werven
Maar de universiteit dient ook ouderwets werk te maken van de marketing van de Utrechtse opleidingen, denkt vicedecaan Klein Gebbink. “We moeten weer de boer op”, zo zei hij.
En dat gaat ook gebeuren, meldt een woordvoerder van de universiteit. De universiteit werkt momenteel aan een nieuwe marketingstrategie om meer studenten te trekken. Daarbij zal ook internationale werving weer een rol gaan spelen.
Vanwege de kritiek vanuit de politiek en de maatschappij op het stijgende aantal studenten van over de grenzen lag de internationale marketing de afgelopen jaren grotendeels stil. Volgens de UU is dat duidelijk zichtbaar in het achterblijvende aantal aanmeldingen van buiten de EER.
Nieuwe wervingstactieken zullen echter vooral gericht zijn op internationale masterstudenten. Universiteiten hebben immers afspraken gemaakt met de regering om nieuwe bachelorinstroom zoveel mogelijk te beperken.
Reacties
We stellen prijs op relevante en respectvolle reacties. Reageren op DUB kan door in te loggen op de site. Dat kan door een DUB-account aan te maken of met je Solis-ID. Reacties die niet voldoen aan onze spelregels worden verwijderd. Lees eerst ons reactiebeleid voordat u reageert.