Bezuinigingsmaatregelen Faculteit Geesteswetenschappen gepresenteerd

Body: 

De faculteit Geesteswetenschappen gaat bezuinigen op het onderwijs vanwege een verwacht structureel tekort op de begroting van 2 miljoen euro. Dat betekent onder meer een herziening van het masterprogramma en minder contacturen.

De begroting van de faculteit Geesteswetenschappen voor het jaar 2018 en de prognoses voor 2019 en 2020 laten opnieuw een structureel tekort van 2 miljoen euro per jaar zien. De faculteit heeft sinds 2016 al een tekort doordat de instroom van studenten tussen 2010 en 2014 met 30 procent terugliep. De instroom stabiliseerde in 2015 en nam in 2017 zelfs toe, maar deze groei is nog niet terug te zien in de overheidsfinanciering voor de faculteit. Deze is gebaseerd op studentenaantallen en studiesucces van een aantal jaar terug. Bovendien heeft de faculteit "fors geïnvesteerd" in vaste medewerkers. Het wetenschappelijke personeel is met 50 fte (fulltime eenheden) gegroeid sinds 2014. “Het exploitatietekort kan hierdoor op korte termijn niet worden weggewerkt”, aldus het faculteitsbestuur.

Daarom heeft het faculteitsbestuur besloten het tekort te dichten op de plaats waar dat is ontstaan. Dit betekent dat de bezuinigingen met name terechtkomen bij het onderwijs. De bacheloropleidingen leveren 1,5 miljoen in, de masters 500.000 euro. Volgens het faculteitsbestuur richt een deel van de maatregelen zich op “onderdelen die niet tot de kern van de opleidingen behoren”. 

Bezuinigingsmaatregelen bachelor Geesteswetenschappen
Bij de bachelor is er gekozen voor een drietal maatregelen:  een reductie van het aantal contacturen bij de losse cursussen en interdisciplinaire minoren en het incidenteel vergroten van werkgroepen (een bezuiniging van 300.000 euro), een herinrichting van het tutoraat van tweede en derdejaars bachelor studenten (300.000 euro) en een bezuinigingsdoelstelling die departementen zelf mogen invullen (900.000 euro). De grootte van de bezuiniging per departement is voor twee derde bepaald op basis van het aantal fte per bacheloropleiding en voor een derde op basis van de verhouding tussen baten en lasten van iedere opleiding.

Dit laatste betekent dat een departement dat op basis van een aantal financiële criteria slechter scoort dan gemiddeld, een groter deel van de bezuinigingen voor zijn kiezen krijgt dan een financieel beter presterend departement. Zo heeft het departement voor Filosofie en Religiewetenschap een bezuinigingsopdracht van 184.000 euro en moet het departement Talen, Literatuur en Communicatie zelfs 421.000 euro bezuinigen. Het departement Geschiedenis en Kunstgeschiedenis krijgt de geringste bezuiniging (68.000 euro) te verwerken. Faculteitsdirecteur Rob Grift verduidelijkt: "De verschillen in de bezuinigingsopdracht worden grotendeels bepaald door het aantal fte per departement. 600.000 euro van de bezuinigingen wordt volledig op deze parameter gebasseerd. 300.000 is gebaseerd op de financiële parameters en verzachten of verharden de bezuinigingen."

Bezuinigingsmaatregelen master Geesteswetenschappen
De bezuinigingsopdracht voor de masteropleidingen laten nog even op zich wachten. Deze worden pas concreet ingevuld na een grondige evaluatie van de studenteninstroom en de rendementen. Dat kan betekenen dat het aantal keuzecursussen bij masterprogramma’s wordt gereduceerd. Cursussen waarbij de instroom relatief laag is of programma's te veel overeenkomsten vertonen met andere programma's worden gestopt, staat in de stukken voor de faculteitsraad die zich er vrijdag 15 december over mocht uitspreken.

Hoewel het stoppen van masterprogramma’s als bezuinigingsmaatregel uitdrukkelijk wordt genoemd als een optie, spreekt het faculteitsbestuur liever over het "herzien" van masterprogramma's. Want, zo zegt het bestuur "het is zeer onwaarschijnlijk dat dit gebeurt". 

Een ander plan is om een studentenstop in te stellen voor bepaalde masterprogramma's. Met een numerus fixus – zo is het idee – krijgt het programma de instroom “die optimaal bij de beschikbare docentcapaciteit past”. "Er zijn ook goed lopende programma's waarvoor veel meer belangstelling bestaat dan men nu kan plaatsen. In zulke gevallen overweegt het bestuur juist die fixus te verhogen en dus te investeren."

Verwacht wordt dat het effect van de financiële maatregelen in 2019 zichtbaar is en in 2020 tot een sluitende begroting leidt.

Facebook Twitter Whatsapp Mail