(c) Photography: Michiel Bles

Docent van het Jaar: ’De aandacht voor goed onderwijs wordt steeds groter’

Body: 

Tijdens het verjaardagsfeest van de universiteit kreeg  Lotte Henrichs de Docent van het Jaarprijs uitgereikt. Ze werd voorgedragen door de studievereniging van de academische pabo die studenten opleidt tot onderwijsonderzoeker én basisschoolleerkracht.

Read in English

Gefeliciteerd Lotte Henrichs! Hoe voel je je?
"Dankjewel! Ik ben heel blij. Ik vind het super eervol dat ik deze prijs in ontvangst mag nemen. Het is fijn dat mijn inspanningen gezien worden om universitair onderzoek te koppelen aan de praktijk. Traditioneel gezien is universitair onderwijs altijd theoretisch. Maar het feit dat ruimte is om dat net een beetje anders aan te vliegen en het onderwijs te toetsen in de praktijk, dat is een belangrijk signaal.

"Dat ik deze prijs wegens het bruggen bouwen tussen maatschappij en universiteit heb gewonnen past bij de beweging binnen de universiteit van het ‘erkennen en waarderen van wetenschappelijk personeel’. Voorheen werd je als wetenschapper vooral gewaardeerd wanneer je zoveel mogelijk publiceerde in high impact journals. Maar nu komt er ook waardering voor het onderwijs. Om het heel gechargeerd te zeggen: eerder leek het onderwijs een beetje op de tweede plaats te komen. Voor mijn gevoel is die tijd wel voorbij. Vroeger werd er gezegd dat we studenten opleiden tot onderzoekers. Maar dat klopt niet meer. Het is veel breder dan dat."

Je bent universitair docent bij de Alpo, Academische Lerarenopleiding Primair Onderwijs. Hoe ben je daar terechtgekomen?
"Dat is al een poos geleden. Ik deed een postdoc bij Pedagogische Wetenschappen. Een van de hoogleraren had veel dezelfde interesses als ik. Hij gaf een vak over kansengelijkheid in het onderwijs voor Alpo-studenten. Stukje bij beetje mocht ik meer taken van hem overnemen, zoals begeleiden en werkgroepen geven. Toen hij met pensioen ging, was het mijn cursus geworden."

En naast het lesgeven houd je je bezig met de ontwikkeling van het onderwijs.
"Klopt. In september 2019 werd ik aangesteld als universitair docent bij onderwijswetenschappen. Daardoor raakte ik meer bij de opleiding betrokken. Met een collega van Alpo ben ik een Teacher Track gaan ontwikkelen voor de master Onderwijswetenschappen. We zagen dat onze Alpo-studenten vaak na de bachelor waarin ze onderwijservaring opdoen in de praktijk, zin hadden om door te studeren, maar dan de connectie met de lespraktijk kwijtraakten. Dat vonden ze jammer. De Teacher Track is een onderdeel van de Master onderwijswetenschappen geworden.

"Verder ben ik betrokken bij de Werkplaats Onderwijsonderzoek Utrecht, waarbij verschillende basisscholen worden ondersteund in het onderzoek doen binnen de eigen school. Ook geef ik les bij de Graduate School of Teaching aan Universiteit Utrecht. Daar zijn de lerarenopleidingen in ondergebracht en ben ik docent binnen het vak Pedagogiek."

Volgens de jury heb je de Docent van het Jaarprijs gewonnen omdat je bruggen bouwt tussen mensen, de universiteit, de samenleving en de praktijk. Vooral je inzet om de praktijk te koppelen aan onderzoek doen wordt benoemd in het juryrapport. Wat doe jij precies om de praktijk met onderzoek te verbinden?
"Bij de Werkplaats Onderwijsonderzoek Utrecht probeer ik altijd studenten te betrekken. Dan doen ze onderzoek op scholen in het veld. Dat kunnen ze in het kader van hun thesis doen, bijvoorbeeld. En die thesis sluit dan aan bij onderzoek dat een collega op die school al doet.

"Ook masterstudenten doen onderzoek in de praktijk. Je doet het echt samen met een leerkracht op zo’n school. Dat is positief voor beide kanten: de leraren op de school zien het gewoon gebeuren dat er onderzoek over onderwijs uitgevoerd wordt. En de studenten hebben onderzoek dat er meteen toe doet. De studenten werken snel en zijn kritisch, en dan gaat het vanzelf. Ik hoef helemaal niet meer zo actief de universiteit met de praktijk te koppelen; dat gebeurt dan vanzelf.

"Bij mijn eigen onderzoek – de laatste tijd voornamelijk over de impact van de schoolsluiting op het leren van kinderen in het basis- en voortgezet onderwijs – betrek ik ook studenten. Zes Alpo- en onderwijswetenschappenstudenten worden betaald om als studentonderzoeker mee te draaien. Ook daarin neem ik ze volstrekt serieus en verwacht ik veel van ze. Iedere twee weken hebben we overleg en geven ze ook mij constructieve kritiek. Ik heb daar ook echt wat aan. Ze denken echt mee. Ik vind dat Alpo-studenten daar heel goed in zijn. Ze weten hoe de dynamiek werkt in een school en dat er weinig tijd is."

Dagmar Bon van de studievereniging van Alpo (Vocus) heeft je met haar bestuur voorgedragen voor deze prijs. Ze vertelde dat je mede was gekozen omdat je je inspant om meer waardering voor Alpo-studenten te creëren binnen een basisschool. Waarom is het belangrijk dat collega’s in het primair onderwijs Alpo-alumni anders zien dan pabo-alumni?
"Dat is een hele belangrijke vraag en het ligt soms ook gevoelig. We claimen niet dat mensen van de Alpo per se betere leerkrachten zijn. Maar wat zij echt als meerwaarde hebben, is dat ze kennis hebben van wetenschappelijke onderzoek. En ze hebben kennis van de laatste inzichten. Daarbij leiden we ze op als onderwijskundigen. Dus ze zijn bijvoorbeeld in staat om veranderingen vorm te geven in een school. Ze kunnen heel goed nadenken over wat er nodig is om draagvlak te creëren om onderwijsinnovaties vorm te geven. En dat zijn echt dingen die je niet leert op de pabo.

Bestuur VOCUS 2020-2021. (Dagmar Bon 2e van links).

"Het is cruciaal dat we ons daarover blijven uitspreken. Want wat we soms terug horen van alumni in het veld, is dat er met wrevel naar ze gekeken wordt. ‘Je bent net afgestudeerd, je komt net kijken. Terwijl ik hier al 15 jaar werk,’ zeggen leerkrachten op zo’n school dan. Dat is soms best zoeken voor ze. Hoe zet je jezelf neer? Ik probeer dat gat van onbegrip te dichten. En de opleiding er zo op aan te passen dat de stap naar het werkveld kleiner wordt."

Je hebt onderzoek gedaan naar lesgeven tijdens de coronacrisis, met behulp van Alpo-studenten. Hoe ervaar jij het lesgeven nu?
"Heel dubbel. Ik vond het ook wel heel leuk, om uit te zoeken hoe ik dit goed kan doen. De universiteit had al vrij snel een aantal webinars gegeven over hoe dit kon, deze heb ik grotendeels bijgewoond. Veel interactie, de theorie van tevoren paraat hebben in een filmpje, dat soort dingen. Het was wel heel veel werk.

"Maar ik hou heel erg van de energie die loskomt wanneer je voor de klas staat. Dat studenten rechtop gaan zitten en gaan meedenken. Dat ze op elkaar doorvragen en discussiëren. Die sprankel, dat mis je nu totaal met onlineonderwijs.

"Wat ik nu doe is na ieder college blijven hangen in het onlinegesprek. Dan kunnen studenten nog vragen stellen. En ik gebruik veel mentimeters. Een student zei: ‘jouw online colleges zijn bijna interactiever dan je fysieke colleges.’ Daar was ik heel blij mee."

Had je uit het onderzoek naar lesgeven tijdens de pandemie ook tips gehaald voor je eigen manier van onderwijs geven?
"Het onderzoek ging wel echt over een andere doelgroep, namelijk basisschoolkinderen. Wat heel erg uitmaakt voor het succes van kinderen was hoe goed ze zelf hun gedrag konden reguleren. Een ‘challenge’ tussendoor kan daar goed bij helpen. Uit de laatste berichten blijkt dat hoger onderwijsstudenten hetzelfde hebben. Hoe zorg je dat je erbij blijft en niet wegzakt in lamlendigheid. Wat blijkt is dat je ook een leuk moment nodig hebt om online te komen. Bij onderwijswetenschappen organiseren we informele maar inhoudelijke ‘community activiteiten’ op vrijdagmiddagen. Die worden goed bezocht, wat laat zien dat studenten daar behoefte aan hebben. Volgens mij is dat precies hetzelfde als een challenge in groep zes."

Dagmar Bon (19) over de voordracht van Lotte Henrichs:

“Met het bestuur van Vocus (opleidingen Alpo en onderwijswetenschappen) reiken we ieder jaar een Vocus-docentprijs uit voor een uitzonderlijke docent. Afgelopen november won Lotte deze. De verhalen van studenten over haar manier van lesgeven waren ontzettend positief. Ze laat zien wat je kan met de Alpo-vaardigheden binnen een school, door de praktijk in te duiken. Omdat academische leerkrachten zo nieuw zijn, wil ze hun rol versterken zodat ze tot hun volle potentie kunnen komen. En ze past de opleiding aan naar aanleiding van ervaringen van alumni met het werkveld. De theorie wordt echt benut. Vandaar dat we haar hebben voorgedragen als Docent van het Jaar bij de Universiteit Utrecht.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail