3HOOG

Cartoon

Laatste reacties

"Levert laptop zinnige bijdrage aan onderwijs van dat moment?" lijkt me zinnige vraag als uitgangspunt en criterium. Dat je dat soort vraag ook over pennen kunt stellen (of over koffie, of een zonnebril) vind ik niet relevant omdat de zorgen vooral de laptop betreffen. En die zorgen gaan vooral over afleiding, waar het geciteerde onderzoek niet over gaat. Als het om afleiding draait, is aantrekkingskracht van de docent volgens mij wel een factor. Weegt die op tegen wat er ook op die laptop ook om aandacht vraagt?

Dank voor jullie reacties, goed om de dialoog te blijven voeren!

@Bas: goed punt over bruikbaarheid op lange termijn. Of je je aantekeningen drie jaar later nog terugvindt en kunt toepassen, valt ook altijd buiten de scope van dit soort onderzoek. Het is daarmee geen argument tegen pen of voor laptop, maar wel een illustratie dat de meting smaller is dan de conclusie die eraan wordt opgehangen.

@Elwin: twee punten. Je schrijft dat ik de bewijslast omdraai. Ik zou zeggen dat ik hem precies op de plek leg waar hij thuishoort. Wie een bestaande praktijk wil beperken, moet onderbouwen waarom. Laptops zijn al decennia onderdeel van het academisch onderwijs. Het criterium "levert het een zinvolle bijdrage op dit moment" klinkt redelijk, maar bewijst te veel. Pennen leveren ook niet altijd een zinvolle bijdrage. Moeten die dan ook weg als studenten zitten te doodlen?

Je tweede punt raakt me meer, omdat het inhoudelijk langs mijn argument heen gaat. Ik schrijf niets over charismatische docenten of studenten die aan iemands lippen hangen. Mijn argument gaat over onderwijsontwerp: consequentiële validiteit, taakstructuur, de vraag of het hoorcollege als werkvorm nog doet wat het moet doen. Dat is geen persoonlijkheidskwestie en ook geen groep 3-concept (overigens verzorg ik meerdere keren per week interactieve colleges, meestal voor docenten!).

Overigens eindig je met "schermen dicht als de laptop niet noodzakelijk is voor het onderwijsdoel op dat moment". Daar ben ik het mee eens. Dat is alleen situationeel gebruik, geen hard verbod. En het legt verantwoordelijkheid bij waar die mijns inziens hoort.

De redenering van Barend Last steunt op een paar drogredenen:
1. Hij draait hier de bewijslast om. De relevante vraag is niet of de laptop aantoonbaar de schuld is van alle kwaad, maar of de aanwezigheid van de laptop een zinvolle bijdrage levert aan het onderwijsproces op dat moment.

2. Barend maakt de boodschapper verdacht: als je last hebt van afgeleide studenten moet je niet naar de laptop wijzen, maar gewoon beter onderwijs geven. Nu zullen de kinderen in Barends groep 3 ongetwijfeld aan zijn lippen hangen als hij iets vertelt, maar dat is niet altijd iedere docent gegeven.

Natuurlijk zullen studenten ook zonder laptop wel eens afgeleid zijn, ik zit ook wel eens uit het raam te staren, maar daar buiten is geen voortdurende stroom aan achterstallige social mediaberichten en andere verleidingen waar ik dringend mee moet interacteren. Schermen dicht blijft dus een goed idee als de laptop niet noodzakelijk is voor het onderwijsdoel op dat moment.