Nina: 'Je went snel weer aan zo'n festival'. Foto's via Nina van der Bent

Fieldlab festival: ‘Het leek of het einde van de corona werd gevierd’

Body: 

Eindelijk weer naar een festival in Biddinghuizen. Nina van der Bent is één van de gelukkigen die dit als wetenschappelijk proefpersoon mag meemaken. Voor DUB zet ze op een rij hoe je ook alweer uit je dak gaat bij een optreden en in de rij staat bij een vieze wc. Conclusie: “Ik sta honderd keer liever in de rij voor de dixies op een festival, dan voor een gedesïnfecteerd mandje in de Jumbo.”

Read in English

Afgelopen weekend waren er voor ongeveer drieduizend mensen even nauwelijks nog coronarestricties. De ene helft mocht op zaterdag naar een dancefestival, en de andere helft op zondag naar een popfestival. Het bier vloeide rijkelijk en de bastonen schalden als vanouds over het bekende festivalterrein van Biddinghuizen. Dat kan ik met zekerheid zeggen want ondergetekende was één van deze geluksvogels. In naam der wetenschap en journalistiek ging ik ongegeneerd en met totale lak aan de corona-regels uit mijn dak. Dit alles om de volgende allesoverkoepelende vraag te kunnen beantwoorden: zijn we het feesten verleerd?

De aanloop naar dit festival was in ieder geval geenszins nog normaal. Op vrijdag stond mij een coronatest te wachten, want naast een toegangskaartje was dat een vereiste om binnen te komen. Na mijn negatieve uitslag kon de echte voorbereiding beginnen: want, wat neem je ook alweer mee naar een festival? Normaliter ben je met mij op pad verzekerd van een goede uitrusting. Ik heb altijd een extra wegwerpponcho, zakdoekjes en oordopjes mee. Deze keer was dat niet het geval. Al mijn festivalkennis was verwaterd in het afgelopen jaar en daarom ging ik uiteindelijk met een rugzak vol thermokleding op pad, dat uiteindelijk het hele festival onaangeroerd in het kluisje heeft gezeten.

Bij aankomst werd ik nog een keer getest. Dit was een antigeentest wat betekent dat het wattenstaafje extra diep in mijn hersenpan werd geduwd, en de uitslag binnen 15 minuten bekend was. De uitslag kreeg je per mail in een wachtruimte en daar hing een aardig gespannen sfeer, ongeveer vergelijkbaar met de wachtruimte van het Centraal Bureau Rijvaardigheid als je een rijexamen moet doen. Hier positief testen betekent afvallen vlak voor de finish. Gelukkig was dat voor mij en mijn mede-festivalganger niet het geval. Voor de ingang was er nog een temperatuurmeting en kregen we een tag die onze beweging zou registreren en toen waren we binnen.

En hoe was dat nou, een festival, na al die maanden binnen gezeten te hebben met elke dag dezelfde vier mensen om je heen? Onwennig zou je denken, maar dat viel hard mee. Alleen in het begin hing er nog wat ongemakkelijkheid. Mensen stonden op afstand te wachten voor de wc of de eerste act en de voorste rijen stonden niet zo dicht gepakt als normaal. Eigenlijk was het de bedoeling dat we een mondkapje droegen, maar daar kwam natuurlijk helemaal niks van terecht. Zingen, bier drinken of in iemands oor schreeuwen gaat immers bijzonder slecht met een mondkapje op. Laat het nou net zo zijn dat wij bezoekers juist dáár heel veel zin in hadden.

Die zogenoemde knaldrang bleek vooral uit het overweldigende enthousiasme van het publiek. Froukje, die alle hitlijsten heeft bestormd in coronatijd maar tegelijkertijd gisteren zei dat: "ze nog nooit voor zo’n groot publiek had gestaan", werd onthaald alsof ze het winnende doelpunt in de finale van het WK had gemaakt. Bovendien was bij act nummer 2, Gotu Jim, de eerste moshpit al een feit. En toen Maan een gevoelig nummer wilde inzetten, koos het publiek voor een sit-down, wat gewoonlijk betekent dat er daarna flink gesprongen en gejoeld gaat worden. Kortom: het leek alsof het einde van corona op zondag 21 maart werd gevierd.

En mijn gedrag vormde hierop geen uitzondering. Waar ik me in de supermarkt kan ergeren aan mensen die te dicht in mijn aura komen, was nu het tegenovergestelde het geval. Ik rook opeens weer het zweet van andere mensen vermengd met hun laatste resten parfum en daar ergerde ik me precies nul keer aan. Sowieso was de tolerantie naar elkaar uitzonderlijk hoog. Op een gegeven moment was ik zo druk aan het dansen dat ik een biertje uit iemands hand sloeg, die vervolgens met veel enthousiasme het bodempje uit mijn glas opdronk. Deze onhygiënische praktijken zijn nu, een dag later, bijna ondenkbaar.

En ook op andere fronten was het een festival als vanouds. Tegen het einde stonden er in een afgelegen hoekje twee mensen te zoenen en gedurende het festival keek ik een paar mensen aan waarvan hun pupillen zo groot waren dat ze vrij zeker het noorderlicht konden zien. Bovendien had ik traditiegetrouw me scheel betaald aan muntjes en kon ik zoals vroeger ellenlang wachten in de rij voor de wc. “Dit heb ik niet gemist”, werd er toen om mij heen verzucht. Maar daar was ik het niet mee eens, ik sta honderd keer liever in de rij voor de dixies op een festival dan in de rij voor een gedesinfecteerd mandje in de Jumbo.

Termen zoals ‘het nieuwe normaal’ mogen dus wat mij betreft regelrecht de prullenbak in. Corona is gewoon een bittere pil die we moeten slikken voor het oude normaal weer is terug gekeerd. En als je kijkt naar de strakke organisatie en het gebrek aan besmettingen, lijkt dat helemaal niet ver weg. Minister van Engelshoven heeft het in ieder geval met eigen ogen kunnen zien, aangezien zij ook aanwezig was tijdens het concert van Maan. Ik heb mijn glas op haar geheven in de hoop dat zij dit binnenkort mogelijk maakt voor alle studenten. Want mijn verslag is even hoopgevend als teleurstellend: het nieuwe normaal is gewoon het oude normaal, alleen moeten de meeste mensen er nog even op wachten.

Facebook Twitter Whatsapp Mail