Heeft de Utrechtse moslimstudent last van IS?

Body: 

Met de golf van onthoofdingen lijkt de angst voor terreur en de afkeer van de islam ook in Nederland toe te nemen. Wat merken Utrechtse moslimstudenten daarvan? DUB publiceert de komende dagen drie portretten. “Alles wat IS doet gaat tegen de islam in.”

Met de golf van onthoofdingen lijkt de angst voor terreur en de afkeer van de islam ook in Nederland toe te nemen. Wat merken Utrechtse moslimstudenten daarvan? DUB publiceert de komende dagen drie portretten. “Alles wat IS doet gaat tegen de islam in.”

“Mijn bloed kookt als ik het achtuurjournaal kijk en de terroristen van IS weer in verband worden gebracht met mijn geloof”, zegt Mujtaba Al Hadi. De masterstudent Farmacie is een van de drie moslimstudenten die DUB de afgelopen weken interviewde over de manier waarop het geweld in Syrië en Irak hun leven beïnvloedt. De komende dagen publiceren we hun verhalen.

Mujtaba ontvluchtte op zevenjarige leeftijd samen met zijn ouders en broer het regime van Saddam Hoessein in Irak. Hij vindt de beelden die hij op tv ziet uitermate pijnlijk. “De terroristen hebben juist niks met het geloof te maken. Alles wat zij doen is tegen dat wat het geloof voor mij betekent, namelijk: vrede, liefde, barmhartigheid en tolerantie.”

Behalve met Mujtaba sprak DUB ook met Rosie Duivenbode, een student Geneeskunde. Ze groeide op in een atheïstisch Nederlands gezin, maar bekeerde zich tot de islam. Daarnaast laten we Hammoni Amer aan het woord, een student Kunstmatige Intelligentie en afkomstig uit Libië. We willen onder meer graag weten hoeveel last zij hebben van negatieve beeldvorming rondom de islam.

Wie nuanceert is naïef
Uit onderzoek van TNS-Nipo blijkt  dat meer dan de helft van de ondervraagde Nederlanders zich zorgen maakt over de opmars van de IS. Ongeveer een op de drie ondervraagden vreest voor zijn eigen veiligheid. De houding tegenover de moslims is ten opzichte van 2010 niet negatiever geworden. Wel blijkt dat het percentage dat ‘zeer negatief’ tegenover de moslims staat, is toegenomen. Dit geldt ook voor het percentage dat ‘zeer negatief’ is over de islam.

De Utrechtse hoofddocent Nico Landman, onlangs nog volop in het nieuws vanwege zijn rapport over de integratie van Turken in Nederland,  ziet geen direct verband tussen de opkomst van IS en groeiende kritiek op moslims.

“Er is wel sprake van een verschuiving, maar die is niet van de laatste maanden. Belangrijke omslagpunten in de beeldvorming zijn 9/11 en de moord op Theo van Gogh. In het Nederlandse debat speelt de opkomst van het populisme een grote rol. Na Fortuyn en later Wilders is alles wat rondom de islam gebeurt ‘groot’ en gevoelig. Wie probeert te nuanceren krijgt het verwijt dat hij naïef is en de problemen wil verhullen.”

Verantwoording afleggen
De drie studenten zeggen weinig commentaar van medestudenten te horen, laat staan dat er sprake is van groeiende vijandigheid in de collegezaal. “Mensen die studeren zijn intelligent en respecteren je geloof”, legt Mujtaba uit. Hammoni bevestigt dit. Hij discussieert weleens met medestudenten en heeft daarbij altijd het gevoel dat hij “in zijn waarde gelaten wordt”. Navraag bij de universiteit leert dat er bij studentendecanen geen klachten bekend zijn van moslimstudenten.

De drie voelen zich daarentegen wél door de Nederlandse politiek en de Nederlandse media voor het blok gezet. Eind augustus stelde Minister Opstelten (Veiligheid & Justitie, VVD) voor om ‘potentieel gevaarlijke’ ideeën strafbaar te stellen. Wat neerkomt op een wetgeving die het mogelijk maakt om moslims op basis van gedachten te vervolgen.

De oproep aan moslims om openlijk afstand te doen van IS, was begin oktober een trend in de politiek. PvdA-kamerlid Ahmed Marcouch zei in een interview: “Dit is net als iemand die iets in naam van jou of jouw familie doet, waar je je ook van zou distantiëren.” De Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb eiste dat moslims die niet achter IS staan ‘vaker van zich laten horen’ Ook bij wetenschappers en journalisten kreeg de oproep veel navolging. Zo opperde socioloog Herman Vuijsje dat het ‘aan de moslim is om afstand te doen van IS’ Oorlogsjournalist Arnold Karskens publiceerde een stuk getiteld: ‘Vijf redenen om afstand te doen van IS’.

Rosie Duivenbode voelt zich niet geroepen om zich te verantwoorden, omdat ze zich op geen enkele manier verbonden voelt met IS. Toch heeft ze getwijfeld. “Toen IS net in het nieuws kwam en het heel extreem was, had ik even het gevoel dat ik mijn onvrede daarover uit moest spreken. Ik vind wel dat als je je aansluit bij IS je bijna geen moslim meer bent, omdat wat IS doet totaal tegen de islam ingaat.”

Volgens Nico Landman, hoofddocent islamologie, reageren moslimstudenten grofweg op twee manieren op de oproep om afstand te nemen van IS. Vooral studenten die heel bewust bezig zijn met hun geloof, vinden die oproep oneerlijk. “Daar zitten ook bekeerlingen tussen, die het geloof boven alles zetten. Deze studenten vinden dat er in de politiek en de media te negatief over de islam wordt gesproken. Datgene wat zij in de islam zien heeft niks te maken met de wantoestanden in Syrië en Irak.” Maar er zijn ook  studenten waarvoor de islam iets is waar ze mee groot zijn geworden, maar wat geen belangrijke rol in hun leven speelt. “Die kunnen zich ook behoorlijk kritisch uitlaten over islamitische medegelovigen.”

Een bord met lekkernijen
Landman merkt overigens op dat Nederlandse moslims er steeds beter in slagen hun standpunt in de media en in de samenleving uit te dragen. “Twintig jaar geleden werd er vooral ‘over’ hun gesproken”, legt hij uit. “Vroeger werd ik vaak benaderd door de media om over de moslims te praten – tegenwoordig kan ik ze vaker doorverwijzen naar moslims die er zelf verstandige dingen over hun islamitische identiteit kunnen vertellen.”

Hammoni Amer is een typisch voorbeeld van iemand die dat goed kan. Hij vertelt aan DUB dat het opdoen van kennis over de islam, samen met positiviteit – het volgen van de voorbeeld van de profeet – de sleutel is als moslims stigmatisering willen tegengaan.

Toen hij voortdurend vies aangekeken werd door een man bij hem in de buurt, verzon hij een opmerkelijke oplossing. “Ik volgde het voorbeeld van de profeet en ik begroette die man elke dag, ook al zei hij nooit iets terug. Op het Suikerfeest bracht ik hem een bord vol met lekkernijen. Vanaf dat moment groet hij mij altijd.” 


De komende dagen publiceert DUB de profielen van drie Utrechtse moslimstudenten. Rosie, Hammoni en Mujtaba vertellen over hun leven, en hoe het is om moslim te zijn in Nederland.
 
Facebook Twitter Whatsapp Mail