Tijdens inputsessies konden studenten en medewerkers vertellen wat zij graag in de universitaire strategie terug zouden zien. Foto: Hans van Leeuwen

Reacties concept Strategisch Plan: goed geluisterd, slecht opgeschreven

Body: 

Het universiteitsbestuur heeft een luisterend oor gehad voor de wensen van studenten en medewerkers, maar moet de nieuwe voornemens nog wel beter verwoorden en onderbouwen. 

Het universiteitsbestuur heeft een luisterend oor gehad voor de wensen van studenten en medewerkers, maar moet de nieuwe voornemens nog wel beter verwoorden en onderbouwen. Dat zeggen veel U-raadsleden en enkele prominente criticasters over een voorlopige versie van het nieuwe Strategisch Plan.

“Ik hoop dat dit een plan is waar een heleboel mensen binnen de universiteit zich in zullen herkennen en energie van krijgen.” Dat zegt collegevoorzitter Marjan Oudeman in een kort beeldinterview dat de universiteit vorige week via haar intranet verspreidde.

Het universiteitsbestuur kwam anderhalve week geleden met een conceptversie van het nieuwe Strategisch Plan voor de periode 2016-2020. Daarin staat hoe de universiteit zich de komende vijf jaar moet gaan ontwikkelen.

Zo moeten studenten breder worden opgeleid en meer vaardigheden aanleren. In het onderzoek moet er meer aandacht komen voor interdisciplinariteit en de vragen en behoeften van de maatschappij. Verder moet de hele universiteit internationaler en multicultureler worden en krijgen medewerkers meer eigen verantwoordelijkheid.

U-raadsleden mochten vorige week in commissievergaderingen hun licht laten schijnen over het plan dat de titel Veranderende Wereld, Vaste Koers meekrijgt. Zij herkenden zich in ieder geval niet in de toon en stijl van het stuk. Volgens raadslid Matthias Jorissen was er nog een flinke redigeerslag nodig, vooral ook omdat er –zo citeerde hij oud-DUB-medewerker Erik Hardeman - “behoorlijk wat Nederlands in het Engels was geslopen”.

Ook andere raadsleden bleken te zijn gevallen over de Engelstaligheid en abstractheid van begrippen als 21st century skills environment en truly international classroom.

Tegelijkertijd constateerden de U-raadsleden tevreden dat veel van de thema’s die in de afgelopen maanden door studenten en medewerkers zijn genoemd, zijn terug te vinden in het plan. Zo is er in het stuk veel aandacht voor diversiteit, voor vermindering van de regeldruk, voor communityvorming en bijvoorbeeld ook voor een aantrekkelijkere campus.

Een mondiale sfeer
Maar er blijven ook zorgen over de onzekere consequenties van enkele uitspraken in het plan. Gaat al die nadruk op vaardigheden en interdisciplinariteit in het onderwijs niet ten koste van de verdieping in de studie? En raakt het fundamentele onderzoek niet ondergesneeuwd bij alle aandacht voor sturing vanuit maatschappelijke vraagstukken? Volgens het universiteitsbestuur zijn beide negatieve implicaties niet aan de orde.

Ook het internationaliseringstreven en de verdere ‘verengelsing’ van de universiteit leiden tot vragen. Studenten die hun toekomst vooral in Nederland zien, zullen zich niet kunnen identificeren met zo’n mondiale sfeer, zo betoogde onder meer studentlid Lisa van den Goorbergh.

Ook collegevoorzitter Oudeman ziet het spanningsveld, maar ze blijft achter het streven staan. “Nederland past in een groter geheel, de wereld buiten Nederland raakt ons ook. Er moet een evenwicht gevonden worden tussen internationaal, Nederland en de regio. Voor mij is dat een kwestie van én, én, én.”

De universitaire garnalenpeller
Opmerkelijk veel aandacht was er voor het voornemen om meer functiecontracten te sluiten. Het universiteitsbestuur wil “optimaal” gebruik maken van dit soort contracten waarbij met medewerkers in hogere schalen individuele afspraken worden gemaakt over resultaten. Medewerkers hebben dan grote vrijheid om vakantiedagen en werktijden zelf te bepalen.

De nieuwe contracten passen in moderne arbeidsverhoudingen waarin de professionaliteit van een medewerker voorop staat, denkt het universiteitsbestuur. Bovendien is er geen verlofregistratie meer nodig, een systeem dat binnen de universiteit vaak problemen oplevert.

Volgens de U-raad gaat het om een “steen des aanstoots” die de solidariteit tussen collega’s aantast. Raadslid Joop Schippers maakte een vergelijking met garnalenpellers die een bepaald aantal kilo’s moeten pellen voor ze met vakantie mogen. De ene peller kan snel met vakantie, terwijl de andere peller nog lang niet klaar is.

Collegevoorzitter Marjan Oudeman beloofde dat de universiteit behoedzaam te werk zal gaan: “We moeten nadenken over hoe we omgaan met de negatieve connotaties en zullen ook niet alle contracten in een functiecontract gieten. Het gaat stapje voor stapje.”

Veel ambities
Volgende week maandag staat het conceptplan op de agenda bij de U-raadsvergadering. De komende maanden moet de strategienota verder worden uitgewerkt. Daarvoor zal onder meer gesproken worden met de Raad van Toezicht, met decanen en met enkele adviesorganen.

Het universiteitsbestuur kreeg van de U-raadsleden het advies mee goed in de gaten te houden of de hoge ambities niet op gespannen voet staan met de wens om de werkdruk terug te dringen.

”Er spreekt veel ambitie uit dit plan en er ligt al veel op het bordje van alle medewerkers”, erkende Marjan Oudeman. “Daarom zullen we moeten prioriteren en niet alleen maar taken toevoegen.”


Wat is goed en wat is minder goed in de voorlopige versie van het Strategisch Plan? Vier reacties:

Geneeskundedecaan Frank Miedema drong er de afgelopen jaren met de Science in Transition-beweging op aan dat universiteiten de kloof met de samenleving overbruggen. "Wetenschap moet bijdragen aan the good life."

“Ik ben heel blij met dit strategisch plan. De universiteit stelt de juiste vraag centraal: waar is wetenschap nu uiteindelijk voor bedoeld? Naar mijn idee moet wetenschap streven naar een bijdrage aan een betere wereld, aan the good life. Dat straalt dit plan ook uit.

“De nadruk ligt op het belang van open science; wetenschappers moeten onderzoeksresultaten zo snel mogelijk delen. Dat gaat veel verder dan open access publiceren. Het betekent ook dat we oog moeten hebben voor de grote vragen die er in de samenleving zijn.

“Dat besef is er nu; de universiteit is geen vrijplaats voor eigen hobby’s. In onderzoeksthema’s als instituties en duurzaamheid komt de vraagkant steeds sterker naar voren. De ‘communities’ en ‘hubs’ waarin wetenschappers en maatschappelijke partners volgens het plan samen vragen formuleren en oplossingen zoeken, vind ik fantastisch.

“Deze ontwikkeling vraagt ook dat we wetenschappers die meer toegepast onderzoek doen beter gaan waarderen. Dat zijn net zo goed excellente academici. Bovendien zullen we veel meer moeten gaan kijken naar teamprestaties.

“Dat zijn nog twee belangrijke uitdagingen voor de universiteit. Het is heel mooi dat dit plan pleit voor multidisciplinariteit en ‘teamscience’, maar tegelijkertijd lees ik dat tenure tracks, de carrièrepaden voor talenten, zijn weggelegd voor onderzoekers die een persoonsgebonden subsidie binnenhalen."


U-raadslid Josefien van Marlen is voorstander van meer diversiteit op de universiteit. Haar blog voor DUB leverde een uitnodiging op voor een expertmeeting bij het ministerie van OC&W. "Maar wat bedoelen we met diversiteit?"

“Ik vind het top dat er veel aandacht is voor interdisciplinariteit en diversiteit in het stuk. Dat er een diversity officer komt en dat er een diversiteitsagenda wordt opgesteld, is een goed begin. Gelukkig zie ik ook veel andere onderwerpen die in voorbereidende sessies aan bod kwamen terug.

“Tegelijkertijd is het duidelijk een conceptversie. Er moet er nog veel gebeuren, alleen al waar het de schrijfstijl betreft. Maar ik mis in het stuk ook een visie: waarom bestaan we, waar willen we naartoe en hoe gaan we dat doen?

“Zo ontbreekt ook een uitleg van wat er met diversiteit wordt bedoeld en waarom we dat willen. Gaan we ons focussen op etnische diversiteit, op gender? Of gaan we bijvoorbeeld ook letten op andere aspecten van diversiteit, zoals mental health en disability, en proberen we de sociale ongelijkheid te overbruggen?

“Zelf zou ik overigens liever zien dat aandacht voor diversiteit niet apart wordt gezet, maar als een geïntegreerd onderdeel in alle beleidsaspecten terugkomt. Ook wordt diversiteit in het stuk opnieuw vooral gekoppeld aan internationalisering. Het universiteitsbestuur heeft toegezegd dit aan te passen in de uiteindelijke versie.”


Ido de Haan is één van de voormannen van de Rethink-groep die aandacht vraagt voor een democratisering van het universitair bestuur en minder werk- en regeldruk voor docenten. "De vraag is "wiens" problemen we gaan oplossen."

“Er staan enkele mooie voornemens in, maar tegelijkertijd ontbreekt een kritische analyse van de eigen rol van de universiteit. Er is sprake van een opvallend eenzijdige oriëntatie op arbeidsmarkt en bedrijfsleven.

“Wat ik goed vind, is dat het vertrouwen in de professionaliteit van de eigen medewerkers zoveel aandacht krijgt. Een organisatie moet van onderop tot nieuwe plannen komen. Dat er wordt gesproken over verbetering van de medezeggenschap, is ook toe te juichen.

“Problematischer is dat de doelstelling meer brede en interdisciplinaire opleidingen in te richten – waar op zich best veel voor te zeggen is - geheel ten dienste lijkt te staan van het afleveren van afgestudeerden voor de ‘flexibele’ arbeidsmarkt. Ik vraag me af of een universiteit daarvoor op aarde is.

“Daarnaast blijven we ons klaarblijkelijk ook voluit richten op de concurrentieslag om onderzoekssubsidies. Geen woord over het feit dat die hele aanvragenmachinerie inmiddels compleet is vastgelopen of over welke positie de UU inneemt als het gaat om de problemen in de onderzoeksfinanciering.

“Ook ligt een verder toenemende invloed van het bedrijfsleven en de overheid op de loer. Het plan staat vol met prijzenswaardige ambities om maatschappelijke problemen op te lossen, maar de vraag is “wiens” problemen. De Nationale Wetenschapsagenda kreeg een sausje democratische inspraak, maar werd uiteindelijk gewoon gekaapt door de industrie en het ministerie van Economische Zaken.”


Pijke Dorrestein vraagt als voorzitter van de studentenunie Vidius om meer en betere faciliteiten voor studenten. "We willen al jaren een supermarkt."

“De universiteit blaast in dit plan behoorlijk hoog van de toren. Dat gaat gepaard met behoorlijk wat fluf en loze terminologie. Neem zoiets als 21st century skills. Daarbij zou het gaan om vaardigheden als communiceren en samenwerken. Net alsof we die de afgelopen 2000 jaar níet nodig hebben gehad.

“De rode lijn is duidelijk: de universiteit wil meer interdisciplinariteit, meer multidisciplinariteit en geeft studenten de mogelijk om hun studie flexibeler in te vullen. In zo’n ontwikkeling zie ik zeker wel wat, zolang studenten ook nog gewoon hardcore Natuurkunde kunnen studeren als ze dat willen.

“Maar ik ben wel benieuwd hoe de universiteit dat allemaal gaat ondersteunen. Concrete maatregelen om de ambities te bereiken, ontbreken nu nog. Eerlijk gezegd vertrouw ik er niet zomaar op dat alles goedkomt. Een plan van de U-raad om het onderwijs te verbeteren door student-assistenten didactische cursussen te geven, werd vorige week afgeschoten

“Wat ik ook mis in het plan is een reflectie op de huidige situatie. De UU wil meer buitenlandse studenten, maar voordat je die naar binnen gaat harken, zou ik toch even kijken naar de huisvestingssituatie van die groep. Op dit moment vallen internationale studenten heel vaak in handen van louche huisjesmelkers. Of lees hoe belangrijk de universiteit een aantrekkelijke campus klaarblijkelijk vindt. Waarom heb je de afgelopen jaren dan niets gedaan met de massale roep om een betaalbare supermarkt, vraag ik me dan af.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail