Foto: HAN/Rob Gieling.

'Scharrelstudenten moeten meer ruimte krijgen'

Body: 

Tijdens de tweede bijeenkomst van Bussemakers HO-tour ging het opnieuw over de toekomst van het hoger onderwijs. Student en AKKU-voorzitter Floor Albers van der Linden pleitte bij de minister voor “scharrelstudenten”.

Tijdens de tweede bijeenkomst van Bussemakers HO-tour ging het opnieuw over de toekomst van het hoger onderwijs. Student en AKKU-voorzitter Floor Albers van der Linden pleitte bij de minister voor “scharrelstudenten”.

De komende maanden praten studenten, docenten en bestuurders met de minister van Onderwijs over de vraag: wat te doen met de ruim zeshonderd miljoen die het leenstelsel gaat opbrengen? Om die vraag te beantwoorden is Bussemaker op ‘HO-tour’ langs universiteiten en hogescholen. De aftrap was begin oktober in Leeuwarden, woensdag vond de tweede bijeenkomst plaats.

Als het aan AKKU-voorzitter Albers van der Linden ligt, komt er meer geld beschikbaar voor stagecoördinatoren en voor uitwisselingsprogramma’s met buitenlandse universiteiten en hogescholen. Nevenactiviteiten zijn belangrijk voor de ontwikkeling van jonge mensen, hield ze de minister voor. Maar omdat studenten steeds sneller hun diploma moeten halen, zitten ze klem. Er moet meer vrijheid en ruimte komen om te “scharrelen”.

Hoewel Albers van der Linden gisteren dus een voorstel deed voor verdeling van het geld dat vrijkomt als de basisbeurs verdwijnt, sloot ze haar bijdrage toch af met de woorden: “Overigens ben ik van mening dat afschaffing van de basisbeurs niet opweegt tegen het extra geld dat vrijkomt.”

Wie er op had gerekend dat studenten de aanwezigheid van minister Bussemaker zouden aangrijpen voor een massale demonstratie tegen het leenstelsel, kwam bedrogen uit. Bij aankomst trakteerden pakweg twintig SP-jongeren de minister op een fluitconcert. Binnen stonden bestuursleden van de landelijke studentenorganisaties klaar om haar te verwelkomen.

Toch zijn studenten nog steeds tegen het leenstelsel, benadrukt LSVb-bestuurslid Klaasjan Boon in de pauze. Op 14 november staat er een grote landelijke demonstratie gepland, waarom dan nu al nadenken over de opbrengsten van een maatregel die nog moet worden tegengehouden? Boon: “Ja, je moet alles een beetje afwegen. Maar we gaan er nog steeds vanuit dat de basisbeurs te redden is.”

Minister Bussemaker benadrukte in haar bijdrage dat het ‘wetsvoorstel studievoorschot’ over meer gaat dan alleen de basisbeurs. “Dit is het moment om na te denken over de manier waarop we het hoger onderwijs in de toekomst willen vormgeven.”

Na afloop van de panelgesprekken en workshops over deeltijdonderwijs, doorstroom, hbo-onderzoek en de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt concludeerde de minister: “Er zijn nog flink wat uitdagingen. Hogescholen leiden mensen op voor een arbeidsmarkt die snel verandert, maar doemgeluiden over robotisering, daar geloof ik niet in. Ik zie duidelijk dat er behoefte is aan meer flexibiliteit en meer samenwerking tussen onderwijs en werkveld.”

Bussemaker gebruikt wat ze tijdens haar HO-tour hoort als bouwstenen voor de ‘Strategische agenda hoger onderwijs, onderzoek en wetenschap’ die in de zomer van 2015 verschijnt. De eerstvolgende stop is op 19 november in Utrecht.  

Facebook Twitter Whatsapp Mail