Ton van Rietbergen in 1995 tijdens zijn laatste seizoen in het eerste team van Kampong. Hij speelde liefst 500 wedstrijden voor de blauwhemden. Foto Ublad/Maarten Hartman

Sportcolumnist en UU-docent Ton van Rietbergen, thuis op Utrechtse voetbalvelden

Body: 

Binnen de lijnen kennen sommige voetballers geen grenzen meer. Erbuiten gaat het trouwens ook vaak mis. In zijn onlangs gebundelde sportcolumns pleit economisch geograaf Ton van Rietbergen voor een beetje realiteitszin op en rond het veld. Ging het immers niet om het spel?

Binnen de lijnen kennen sommige voetballers geen grenzen meer. Erbuiten gaat het trouwens ook vaak mis. In zijn onlangs gebundelde sportcolumns pleit economisch geograaf Ton van Rietbergen voor een beetje realiteitszin op en rond het veld. Ging het immers niet om het spel? DUB geeft drie exemplaren weg.

Ton van Rietbergen is een echte liefhebber. Totdat zijn knieën het begaven, speelde hij jarenlang in het eerste team van het Utrechtse Kampong. In totaal meer dan 500 keer. “Ik mis het zelf voetballen verschrikkelijk. Het is het enige waar ik me echt helemaal in kan verliezen.”

Elk alternatief voor het zelf spelen is natuurlijk een surrogaat, maar Van Rietbergen kan nog steeds genieten van voetbal. Elk weekeinde staat de economisch geograaf wel ergens langs de Utrechtse velden. Tegenwoordig vooral bij Kampongs aartsrivaal Hercules. Daar vertonen zijn jonge zonen hun bovengemiddelde talenten. Niet zonder trots zegt Van Rietbergen: “Casper heeft nu al een schot dat ik nooit heb gehad.”

Maar de liefde voor het voetbal blijft bij Van Rietbergen niet beperkt tot de negentig minuten binnen de lijnen. Zijn sportcolumns, vroeger in het AD/Utrechts Nieuwsblad en sinds een jaar in de Utrecht-bijlage van De Telegraaf, gaan over andere zaken dan de schoonheid van splijtende passes of subtiele lobjes. In Bloed aan de Paal, ’t is maar een spelletje bundelt Van Rietbergen zijn recente columns die in De Telegraaf of elders werden gepubliceerd.

Van Rietbergen beschrijft vooral  het gedoe, de kwesties en de discussies binnen het amateurvoetbal. Het is de wereld van bemoeizuchtige bondsbestuurders, overambitieuze voetbalouders, echte clubmensen en over het paard-getilde rotjochies. Het is een milieu dat Van Rietbergen, geboren en getogen nabij Stadion Galgenwaard, kent als zijn broekzak en dat hij met veel compassie en een tikje nostalgie benadert.

Het afgelopen seizoen zag Van Rietbergen de voetbalwereld in een kramp schieten na de gewelddadige dood van grensrechter Van Nieuwenhuizen. Softe RESPECT-bijeenkomsten en harde zero tolerance-maatregelen moeten nu soelaas bieden. De columnist heeft er niet veel mee. In de inleiding van zijn nieuwe bundel schrijft hij: ‘Dat gaat allemaal voorbij aan het feit dat voetbal vooral gespeeld wordt door mannen tussen de 16 en 30, geladen met enorme hoeveelheden testosteron en geldingsdrang’. Hij legt uit: “Het enige dat volgens mij helpt, is persoonlijke moed. Gewoon er iets van zeggen als iemand over de schreef gaat, hoe moeilijk dat ook is.”

Van Rietbergen benoemt in zijn columns de uitwassen van de overspannen regelzucht van de voetbalbond. Wat een registratiecircus met spelerskaarten van jeugdige leden in de praktijk betekent, maakt hij als coördinator van de Herculesjeugd wekelijks mee. “Dan kun je nog beter voor elke wedstrijd een foto van beide teams nemen.”

Ook zag hij hoe een voorbeeldige Marokkaanse speler van het eerste elftal een jaar schorsing aan de broek kreeg. “Bij een vechtpartij probeerde Achraf – een lievere jongen is er niet – de boel juist te sussen. Je kunt dan gratieverzoeken indienen wat je wilt; hij was erbij en dus wordt hij gestraft door de KNVB.”

Zelf pleit Van Rietbergen overigens voor het afschaffen van de grensrechters bij het amateurvoetbal. Die zouden soms juist aanleiding geven tot irritatie: of omdat ze er niets van begrijpen of omdat ze te partijdig vlaggen.

Toch toont de geograaf ook begrip voor de moeizame positie van een ieder die in de voetbalwereld verantwoordelijkheid draagt of neemt. Over de juristen van de KNVB, zegt hij: “Als er iets is voorgevallen op een voetbalveld dan heeft niemand iets gedaan en niemand iets gezien. Probeer daar maar wat van te maken.”

Of over de bestuurders van verenigingen: “Het is echt rampzalig wat die besturen op hun bord krijgen. Het is net het onderwijs. Er wordt van alles van die bestuurders verwacht. Ze moeten moderniseren, professionaliseren, fuseren. En de mensen voor wie ze het doen, die klagen alleen maar.”

Zelf was hij meer dan drie jaar voorzitter van Kampong. “Een beetje rampzalige tijd. Maar dat lag ook aan mezelf. Ik was geneigd alle problemen te willen oplossen. Als het dertiende geen scheidsrechter had, pakte ik zelf de fluit.” Lachend: “Zo moet je het dus niet doen.”  

Of het amateurvoetbal echt naar de gallemiezen gaat door agressie en geweld? Van Rietbergen wil er niet aan. “Ik heb samen met oud-Ubladredacteur Erik Hardeman enkele jaren terug het eeuwboek geschreven voor Kampong. In 1924 werd ook al geroepen dat het de spuigaten uitliep met allerlei wangedrag. Maar de dood van een grensrechter laat zich natuurlijk niet relativeren.”

En hij maakt zich wel degelijk ook zorgen. Over afnemende loyaliteit waardoor de clubcultuur wordt ondermijnd, bijvoorbeeld. In de column Coaches met jassen met opdruk beschrijft hij dit fenomeen. “Die jongens zijn betere trainers dan wij ze vroeger ooit hebben gehad. Maar binnen een club zijn het toevallige passanten. Ze willen kost wat kost presteren om een nieuwe stap te zetten in hun loopbaan, want zo zien ze het: als een carrière.”

En dan het tegenwoordig vaak gehulde en niets ontziende voetbaladagium: alles is geoorloofd zolang de scheidsrechter het niet ziet. Een beetje realiteitszin, graag, vindt Van Rietbergen. Willen winnen, oké, maar het gaat om het spel. Nog steeds voelt hij de schaamte die hij jaren geleden voelde toen zijn team met waardeloos voetbal degradatie wist te ontlopen. En zo kon ook het spel van het Nederlands elftal in de WK-finale van 2010 tegen Spanje hem allerminst bekoren. “Dan echt liever geen wereldkampioen.”

Maar alle beslommeringen, alle verruwing en al het geklaag ten spijt, Van Rietbergen voelt zich nog steeds thuis in de Utrechtse sportwereld. Als je ergens lid van bent, moet je je er ook voor inzetten, is zijn vaste overtuiging. Maar bovendien: wat is leuker dan op de tribune wat ouwehoeren met oude vrienden. “En als iemand dan over ons roept dat het legendarische middenveld ook aanwezig is, voel ik me helemaal goed.”

DUB mag drie gesigneerde exemplaren van Bloed aan de Paal weggeven. Mail voor 18 juni naar prijsvraag@dub.uu.nl ovv Bloed aan de Paal en wie weet mag jij een exemplaar komen ophalen.

Op zoek naar de beste voetbalvoorspeller van de UU 
Doe zelf ook mee aan de DUB WK-poule en test je voetbalkennis. Inschrijven kan tot aan de eerste wedstrijd van het WK op 12 juni.
 
Voorspelling van Ton van Rietbergen voor de finale: Brazilië-Duitsland 2-1

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail