Utrechtse studenten de wijk in voor vak sociaal ondernemen

Body: 

Sociaal ondernemen is hot. Ook onder studenten. Voor het vak Sociaal ondernemen als uitdaging neemt docent Peter Linde zijn studenten mee de wijk in om te laten zien hoe een sociale onderneming een bijdrage kan leveren aan de samenleving.

Sociaal ondernemen is hot. Ook onder studenten. Voor het vak Sociaal ondernemen als uitdaging neemt docent Peter Linde zijn studenten mee de wijk in om te laten zien hoe een sociale onderneming een bijdrage kan leveren aan de samenleving.

Het laatste wat studenten met de Utrechtse wijk Overvecht associëren, is ondernemerschap. Toch is dit precies waar 25 studenten van de Universiteit Utrecht zich vanaf 24 november mee gaan bezighouden. Samen met wijkbewoners en bestaande wijkinitiatieven ontwikkelen en testen de studenten in twaalf weken tijd een bedrijfsplan voor een sociale onderneming in Overvecht dat een probleem oplost of inspringt op een behoefte.

Docent is Peter Linde. Hij geeft het vak sociaal ondernemen als uitdaging bij Bestuurs- & Organisatiewetenschap van de Rebofaculteit; niet in de collegezaal zoals in 2014 maar in krachtwijk Overvecht.

Deze manier van onderwijs geven, heeft hij vorig jaar uitgeprobeerd in het kader van het project Community Enterprise Action Learning (Ceal) dat werd uitgevoerd onder de vlag van het Erasmus Plus-programma. De bedoeling van dit programma waarmee in vijf verschillende landen werd geëxperimenteerd, was om een onderwijsmethode te ontwikkelen waarmee studenten in de praktijk zelf aan de slag gaan met het bedenken en uitwerken van een sociaal initiatief. Omdat de ervaringen van Linge goed waren, geeft hij dit jaar weer zijn vak in buurthuis De Dreef in Overvecht.

Samenwerken met wijkbewoners aan een value case
“Studenten zijn onder de indruk als ze de eerste keer in Overvecht komen”, zegt Linde. Zijn studenten kennen de wijk uit de media en dan beklijft vooral het negatieve imago. Linde focust juist op de positieve elementen in de wijk en probeert dat zijn studenten te laten zien en ervaren. “Wij willen dat de studenten in contact komen met de bewoners om inspiratie op te doen voor hun onderwijsproject.  Zo ontstaat een andere mindset en zien de studenten de wijkbewoners niet als zielige mensen maar als ondernemende mensen die iets willen bereiken”, vertelt hij.

Tijdens de colleges, die twee keer per week plaatsvinden, praten de studenten, lokale ondernemers en buurtbewoners over ideeën en mogelijkheden voor een sociale onderneming. De studenten brengen onder andere academische kennis mee die aansluit op wat sociaal ondernemerschap is, zoals bijvoorbeeld over ethisch handelen. Het vak prikkelt de studenten omdat ze een voorproefje krijgen van hoe ze de wereld kunnen veranderen met ondernemerschap, zegt Linde.

Een sociaal ondernemer, legt Linde uit, stelt zijn doelen primair op sociaal vlak. De economische doelen van de onderneming staan ten dienste van de sociale doelen, daarom spreekt Linde liever over een value case dan over een bedrijfsplan bij het opzetten van een sociale onderneming. “Met het begrip value case geef ik aan dat bij sociaal ondernemen ook andere waarden een rol spelen dan louter monetaire.”

Het bekendste voorbeeld daarvan is wellicht Tony’s Chocolonely. De producent van slaafvrije chocolade heeft als hoogste doel dat cacaoboeren in Afrika kunnen leven van hun productie. Winst maken staat ten dienste van slaafvrije en duurzame productie van cacao. Een ‘gewone’ ondernemer wil volgens Linde primair geld verdienen.

In de nieuwe editie van Sociaal ondernemen als uitdaging doen net als in de voorlaatste versie verschillende instanties en bewoners uit de wijk mee met het vak. Waren het er vorig jaar nog twee, nu wordt gemikt op vijf bewoners.

“De combinatie is heel spannend want je zet studenten naast mensen met een heel andere achtergrond. Alle twee de groepen spreken ook een andere taal. Maar ergens zit een raakvlak en van daaruit wordt gewerkt. Dan komen de ideeën voor een initiatief ook vanzelf”, legt Linde uit.

Samen de wijk beter maken
Het is niet zo dat de studenten samen met de wijkbewoners en de ondernemers na twaalf weken een eigen sociale onderneming uit de grond hebben gestampt. “Maar door in de praktijk bezig te zijn met het bedenken en het schrijven van een value case van een sociale onderneming, leren ze wat ondernemen inhoudt. Voor een levensvatbaar idee moet je out of the box kunnen en durven denken”, zegt Linde.

Door de bedachte sociale onderneming maken bewoners en studenten samen de wijk beter. De groep probeert in eerste instantie een plan te maken waarmee minimaal de kosten van de onderneming worden terugverdiend, zodat de initiatiefnemers niet hun hand hoeven op te houden voor een subsidie van bijvoorbeeld de gemeente. Voor het slagen van het plan is het netwerk van de bewoners hebben in de wijk belangrijk. “Daarom blijven we terugkomen in de wijk. Zo bouwen we niet alleen vertrouwen op, maar ook een eigen netwerk.”

Na twaalf weken hebben de studenten het vak afgerond en gaan dan verder met hun studie. “Studenten zijn gemiddeld een jaar of 20 en hebben het druk en kunnen of willen daarom geen onderneming starten. Ze willen eerst afstuderen”, legt Linde uit.

Soms rolt er ook echt een sociale onderneming uit de samenwerking
Omdat een value case meerdere eigenaren kent, gebeurt het wel dat sommige van de ideeën gerealiseerd worden. Zo hebben oud-studenten van Linde in Overvecht Café Mamma opgericht waar jonge moeders elkaar kunnen ontmoeten. Nu gebeurt dit nog op vrijwillige basis, maar de studenten denken nog na over een verdienmodel zodat de onderneming zichzelf kan bedruipen.

Blijken er studenten, bewoners of sociale partners uit de wijk daadwerkelijk een sociale onderneming te willen starten na de cursus, dan krijgen ze hulp van het SE Learning Lab Overvecht. Dit is een sociale onderneming die ontstaan is naar aanleiding van het Ceal-project en dat gerund wordt door twee oud-studenten van Linde. Linde noemt het lab een interface tussen wijk en universiteit. In praktijk is het een platform waar ondernemers kennis kunnen halen, advies kunnen krijgen en van het netwerk van het SE Learning Lab gebruik kunnen maken. “De twee wijkbewoners die deelnamen aan een vorige editie zijn bijvoorbeeld bezig met het opstarten van een sociale onderneming met ondersteuning van SE Learning Lab.

Een ander initiatief waar Linde enthousiast over is, is het bedrijf Spelendergrijs dat is opgericht door rechtenstudent Antoine Steenkamer, een initiatief waarmee hij de Studentenprijs 2016 won.  “De mensen die daaraan verbonden zijn, komen graag terug naar de universiteit om te vertellen over hun bedrijf aan de nieuwe studenten. Mochten mensen geïnteresseerd zijn om eens mee te kijken in Overvecht dan zijn ze van harte welkom”, zegt Linde.

Facebook Twitter Whatsapp Mail