UU’ers maken Google Scholar-profiel aan

Body: 

Wetenschappers kunnen hun citatiescore sinds enkele weken ook via Google bekijken. Tientallen Utrechtse academici hebben inmiddels een profiel aangemaakt.

Hoe vaak word je geciteerd? Hoe hoog is je Hirsch-index? In wetenschappelijke kringen zijn dit erg belangrijke vragen. Sinds kort kan je de antwoorden via Google vinden. Google Scholar Citations heet de nieuwe dienst van Google.

Wetenschappers kunnen hun citatiescore sinds enkele weken ook via Google bekijken. Tientallen Utrechtse academici hebben inmiddels een profiel aangemaakt.

Hoe vaak word je geciteerd? Hoe hoog is je Hirsch-index? In wetenschappelijke kringen zijn dit erg belangrijke vragen. Sinds kort kan je de antwoorden via Google vinden. Google Scholar Citations heet de nieuwe dienst van Google.

Zoeken naar wetenschappelijke artikelen kon al langer via Google Scholar. Nieuw is de mogelijk om als wetenschapper een profielpagina aan te maken, waarop je gehele wetenschappelijke oeuvre automatisch wordt gegroepeerd, en waarop bovendien je citatiescore en h-index worden bijgehouden. De H-index meet per vakgebied de impact van wetenschappelijke publicaties.

“Google Scholar zal velen verrassen met oude publicaties waarvan men misschien al vergeten was ze te hebben geschreven. In enkele minuten kan een wetenschapper aangeven welke artikelen wel en welke niet door hem/haar geschreven zijn”, schrijft UB-medewerker Jeroen Bosman in een blogpost over de nieuwe functionaliteit van Google Scholar.

Het concept van Google Scholar Citations is niet nieuw. ResearcherID, dat alle artikelen uit Web Of Science aggregeert, en Scopus zijn bekende diensten die al iets vergelijkbaars doen. Toch is Bosman erg enthousiast over de dienst. Vooral voor geesteswetenschappers ziet hij voordelen, omdat in de h-index nu ook citaties van boeken worden meegenomen.

Bovendien is het profiel belangrijk voor de vindbaarheid van je publicaties, zegt Bosman in een toelichting bij zijn blogpost. Die vindbaarheid is weer belangrijk om je citatiescore te verhogen. “Je bent als wetenschapper dus een dief van je eigen citatiescore als je het niet doet.”

Als je in Google Scholar Citations zoekt op “Utrecht” dan zie je dat tientallen Utrechtse onderzoekers al een profielpagina hebben aangemaakt. DUB vroeg drie willekeurig gekozen onderzoekers naar hun indrukken tot nu toe.

Rob de BoerRob de Boer (hoogleraar Theoretische Biologie & Bioinformatica; 5498 keer geciteerd):
“Ik heb het profiel 10 minuten geleden aangemaakt. In een paar klikken. Ik heb er nog geen mening over.”

 

Marc Van KreveldMarc van Kreveld (docent-onderzoeker bij Informatica; 7021 keer geciteerd):
“De cijfers blijven enigszins onbetrouwbaar, omdat Google Scholar geautomatiseerd gegevens van het internet haalt. Maar er is nu een manier voor de auteur om fouten te herstellen. Je kunt bijvoorbeeld twee artikelen die door een spelfout of iets dergelijks dubbel vermeld staan, samenvoegen. Dan krijg je een beter beeld van hoe vaak het artikel in totaal geciteerd is.”

 

Poppe de BoerPoppe de Boer (hoogleraar Sedimentologie; profiel is tijdelijk offline omdat De Boer enkele gegevens corrigeert):
“Heel toegankelijk en heel behulpzaam. Wat Google heel slim heeft gedaan is dat je zelf dingen kunt wijzigen en toevoegen. Ik ben mijn profiel op dit moment nog aan het verbeteren. De resultaten zijn anders dan bij vergelijkbare diensten. Web of Science telt alleen citaties in journals vanaf een bepaalde impactfactor. Google veegt alles op één hoop, ook publicaties in boeken. en kijkt niet naar impactfactoren.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail