Universitair dilemma

Mag een ernstig verwarde student een diploma ontvangen?

pixabay graduation geslaagd diploma
Foto pixabay

Een paar weken geleden gebeurde er iets verschrikkelijks in Rotterdam: twee schietpartijen, waarvan één op de Medische Faculteit van de Erasmus Universiteit. Nu is duidelijk dat de verdachte een medicijnenstudent is, behept met ernstige gedragsproblematiek: veelvuldige dierenmishandeling, vervuiling van zijn woning, extremistische denkbeelden en psychotisch gedrag. De verdachte voldeed aan alle eisen voor het toekennen van zijn bul als basisarts, maar het Openbaar Ministerie had de Erasmus Universiteit gewezen op zijn problematiek en een psychologisch onderzoek moest uitwijzen of hij wel geschikt zou zijn om het beroep van arts uit te oefenen. De kans is groot dat deze kwestie rond zijn artsenbul ook een belangrijke rol speelde bij zijn daad.

Ingewikkeld dilemma
Dat roept de vraag op wat je als universiteit moet doen wanneer je te maken krijgt met een student die ernstige psychiatrische problemen heeft. Dat zijn ingewikkelde dilemma’s. Zelf raakte ik ooit ook bij zo’n zaak betrokken. Ik was promovendus en mijn promotor zei dat er een student van een andere faculteit bij hem langs was geweest met een interessant probleem dat over een niet lineaire differentiaalvergelijking ging. Hij stelde voor dat ik hem zou gaan begeleiden.

Ik maakte een afspraak en vond hem zeer slim en aardig. Programmeren kon hij niet, dus daar zou ik mee helpen. Toen ik het programmaatje klaar had vroeg ik hem om de getallen die ik voor de constanten in de vergelijking moest gebruiken en wat de randvoorwaarden waren. Toen kwam hij met getallen die volslagen onmogelijk waren, zo niet belachelijk! Het ene getal zeg 1 en het andere 100000000000000000000000000, even om de gedachten te bepalen… Toen vroeg ik: “Hoe kom je hier aan”. En toen zei hij: “Dat is gewoon zo”. Met zijn begeleidende hoogleraar van zijn eigen faculteit sprak hij niet. “Die snapt totaal niets van mijn werk, daar is hij veel te dom voor! Dat zijn ze daar trouwens allemaal. Een stelletje idioten die de waarde van mijn werk niet kunnen inschatten.”

Hij haat ons
Toen ik de begeleider belde, wilde deze direct een afspraak maken. “Hij is altijd een zeer goede student geweest, maar er is langzaam iets in zijn gedrag veranderd waardoor hij steeds meer problemen is gaan veroorzaken, voor zichzelf maar ook voor ons. Hij haat ons, vindt ons dom, wil niet meer met ons praten en hij heeft een collega bedreigd en uitgescholden. Nu is hij naar jullie uitgeweken. Zijn werk is volkomen onbegrijpelijk. Het is een gigantisch probleem en nu ben jij daar dus ook nog in verzeild geraakt”. De student bleek torenhoge cijfers voor alle vakken te hebben en moet dus alleen nog zijn afstudeerscriptie opleveren.

We besloten om te kijken of ik hem tot een acceptabele scriptie zou kunnen begeleiden. Een week later hoorde ik dat hij opnieuw ernstige bedreigingen had geuit tegen zijn eerste begeleider en enkele andere medewerkers en dat de politie hem uit het faculteitsgebouw had moeten verwijderen. Tegen mij repte hij daar met geen woord over. Uiteindelijk leverde de samenwerking een uiterst merkwaardige afstudeerthesis op: een onbegrijpelijke metafysische inleiding, een middendeel met een analyse die correct was (wiskundig en numeriek) en een deel met conclusies en aanbevelingen die de model analyse resultaten weer vertaalden naar zijn onbegrijpelijke wereld.

Kan hij afstuderen?
Nu was dus de grote vraag: kan hij hier op afstuderen? Er was duidelijk sprake van psychiatrische problematiek die tijdens het laatste jaar van zijn studie zeer ernstige vormen ging aannemen. Uiterst triest, maar de harde werkelijkheid. De examencommissie kwam met twee opties: een onvoldoende en dan zou het afstudeeronderzoek helemaal overgedaan moeten worden of een beoordeling met een zes als scriptiecijfer, waardoor de student zijn  masterdiploma zou ontvangen. Voor de begeleider was de eerste optie onbespreekbaar, dus kozen we voor optie twee. Enige probleem was dat de student zijn werk zag als briljant en excellent en dus geen genoegen zou nemen met een zes.

Zo gezegd, zo gedaan. De student moest nog een openbare verdediging houden. Het werd een kleine bijeenkomst met alleen zijn ouders, broer, zus en zwager. Menige uitvaart had plezieriger sfeer dan die in de collegezaal op dat moment. Er volgde een afstudeervoordracht waar op zich niets op aan te merken was, behalve dan dat er totaal geen touw aan vast te knopen was.  Toen kwam het moment waar we allemaal, behalve de student dan, enorm tegenop zagen: het bekend maken van het cijfer. De decaan nam het woord en eindigde zijn betoog met “ ….en daarom heeft de examencommissie besloten uw werk te beoordelen met een zes”. Het was in mijn beleving daarna minuten lang doodstil. Ik zag hem ineen krimpen, spierwit worden en uiteindelijk begon hij te schreeuwen dat hij een leger advocaten achter ons aan zou sturen om aan te tonen dat hem heel groot onrecht was aangedaan. Toen stond hij op, knikte naar haar familie en zwijgend verlieten ze de zaal.

Wat is wijsheid?
Een student met hoge cijfers, was in de eindfase van de studie verzand geraakt in het moeras van psychiatrische problemen. Wat  te doen? Het diploma onthouden en de student wegsturen omdat hij/zij ziek is? Of alles over laten doen, elders. Of toch laten afstuderen met een zes? Op een universiteit verwacht je wijsheid, maar soms vraag je je af wat wijsheid eigenlijk is. In Rotterdam ging het om een medische faculteit en zou de kandidaat later patiënten behandelen. Dat gold voor mijn student natuurlijk niet. Maar toch, je neemt een besluit en hoopt dat het allemaal maar goed afloopt. En dat is dus helaas niet altijd zo …

 

Advertentie