Hoe bureaucratie me bijna tweeduizend euro kostte

Body: 

Voor een master Neuropsychologie moest campuscolumnist Lea ter Meulen nog wel een paar cursussen volgen. Maar dan moest ze wel 2175 euro betalen. Of was er toch een uitweg? Ze raakte verstrikt in het netwerk van de universitaire bureaucratie.

In de herfst van 2013 schreef ik me in voor de master Neuropsychologie. Ik tikte een mooie brief en voegde mijn cv en cijferlijst bij. Anderhalve maand later volgde een mailwisseling met de toelatingscommissie. Die verliep ongeveer zo:

Voor een master Neuropsychologie moest campuscolumnist Lea ter Meulen nog wel een paar cursussen volgen. Maar dan moest ze wel 2175 euro betalen. Of was er toch een uitweg? Ze raakte verstrikt in het netwerk van de universitaire bureaucratie.

In de herfst van 2013 schreef ik me in voor de master Neuropsychologie. Ik tikte een mooie brief en voegde mijn cv en cijferlijst bij. Anderhalve maand later volgde een mailwisseling met de toelatingscommissie. Die verliep ongeveer zo:

Toelatingscommissie: Hoera! We vinden je een interessante kandidaat, en je bent voorwaardelijk toegelaten tot de master. Je moet nog wel even cursus a, b en c volgen, maar dat komt goed uit, want die worden in blok 3 en 4 aangeboden. Hier zijn de inschrijfcodes. Laat je ons zo snel mogelijk weten of je de cursussen wilt gaan volgen?

Ik: Wat fijn! Ik heb me meteen ingeschreven.

Commissie (een week later): Hoi, zijn we weer. We zien dat je je hebt ingeschreven voor de cursussen; fijn. Maar, eh, dat mag dus niet. Je bent namelijk een masterstudent, geen bachelorstudent.

Ik: Dat is jammer.

Commissie: Je kunt die cursussen wel volgen, daar niet van, maar dat kost je dan een eurootje of 2200. Bovenop het collegegeld dus, hè. Succes verder! Hier is het e-mailadres van iemand die je waarschijnlijk niet verder kan helpen, maar bij wie je misschien leuk kunt uithuilen.

De mevrouw van het betreffende e-mailadres was niet zo gediend van uithuilen, maar suggereerde dat ik de vakken waarschijnlijk wél gratis bij een andere universiteit zou kunnen volgen, in Amsterdam bijvoorbeeld (dank u wel, alma mater).

Ik stuurde nog een melodramatische mail naar de toelatingscommissie om te laten weten dat ik het geld misschien niet bij elkaar geschraapt zou krijgen, maar ze waren niet zo onder de indruk van mijn bluf. Een paar maanden volledig lenen bij DUO, en je hebt het bedrag bij elkaar, namelijk.

En dus stond ik daags erna verslagen bij de balie van het studie-informatiepunt STIP, met in mijn hand een ondertekend formulier waarmee ik de universiteit machtigde 2175 euro  af te schrijven. In mijn hoofd somde ik op waaraan ik het geld nog meer uit zou kunnen geven: een reis naar Madagascar, een leuke IJslandse merrie, een tweedehands Volkswagen Golf plús het complete oeuvre van Kafka...

Achter de balie stond een man met een houthakkershemd en een baardje.Ik vertelde hem mijn verhaal, en noemde de drie cursussen waarvoor ik ingeschreven wilde worden.

“Oei,” zei hij kalm, “Ik weet niet of dat nog gaat kunnen. Het zou best eens kunnen dat die cursussen al vol zitten.”
Maar dat was dan met mij er al bij gerekend, wierp ik tegen. Als ik mezelf uitschreef, was er weer plek voor één. Snapt u wel?
De man snapte het best, alleen hij wist niet of dat ook zo werkte.
“Maar je hébt je dus al ingeschreven?” Hij plukte wat aan zijn baard. “Dan denk ik dat ik hier verder niks voor je kan betekenen.

Ik wist niet of ik teleurgesteld of opgelucht moest zijn. De man schreef het nummer van een kamer elders in het gebouw op. “Probeer het hier maar eens.”

De vrouw die daar mijn relaas aanhoorde keek me net zo peinzend aan als de bebaarde man had gedaan, en vertelde me toen voorzichtig dat er niks aan de hand was geweest als ik mijn kop in het zand had gestoken. De inschrijving was immers op tijd gedaan. Er had geen haan naar gekraaid, daar was ze zeker van. Mijn onderlip moet onwillekeurig zijn gaan trillen, want de vrouw keek me met haar meest empathische blik aan. Aan haar gezicht was af te lezen dat ze de situatie zelf ook tragisch vond.

Later die dag mailde ze me. Dat ik de cursussen gewoon mocht volgen, hoor. Het enige wat ongewoon was, vertelde ze, was dat de toelatingscommissie normaal gesproken zelf verzocht tot inschrijving bij de cursussen.

Ha, diezelfde toelatingscommissie die me doodleuk met een kluitje het riet in stuurde! Onwillekeurig stelde ik me de universiteit voor als groot, meerkoppig monster – niet kwaadaardig, maar een beetje loom en ongecoördineerd. De ene kop weet niet altijd of de andere al heeft geluncht, of op de hoogte is van de laatste versie van het reglement.

In dit geval pakte het goed uit. Ik volgde mijn cursussen. Het geld, toch ongeveer een modaal maandsalaris, stortte ik op mijn spaarrekening. Die reis naar Madagascar komt nog wel een keer.

Facebook Twitter Whatsapp Mail