De 'strategie van het hellend vlak', en andere retorische trucs

Body: 
Promovenda onderzoekt publieke debatten overmigrantenproblematiek

De 'strategie van het hellend vlak', en andere retorischetrucs

Wie het proefschrift leest waarop psychologe JeanineSuurmond vrijdag 25 september promoveert, zou tot de conclusiekunnen komen dat de promovenda teleurgesteld is in haar eigenonderwerp. En dat is eigenlijk niet eens helemaal onterecht. In'Grenzen aan Grenzen, een studie naar publieke debatten in termenvan zorg en rechtvaardigheid' onderscheidt Suurmond enkelebelangrijke tekortkomingen van de publieke debatten overmigrantenzaken.

De 'stroom' vluchtelingen die 'beheerst' moet worden, de 'volletreincoupé', 'Fort Europa': het zijn de bekende beelden uit dediscussies over de vluchtelingen- en migrantenproblematiek. JeanineSuurmond onderzocht in het kader van haar proefschrift de publiekedebatten zoals die begin jaren negentig in Nederland werden gevoerdrondom de thema's vrouwenbesnijdenis, vluchtelingen en illegalen.Uit de meer dan honderd geanalyseerde teksten die in de geschrevenpers over de drie onderwerpen verschenen begreep de onderzoeksterdat bovenstaande metaforen, hoe verschillend ze ook lijken, infeite onderdeel uitmaken van een overkoepelende metafoor: de grens."Door die grensmetafoor wordt verondersteld dat een duidelijkeafscheiding mogelijk en nodig is", vertelt Suurmond. "Het begripgrens wordt opgevat als de afbakening van een grondgebied, maartegelijkertijd als de lijn die met behulp van wet- en regelgevinggetrokken kan worden, bijvoorbeeld in relatie tot de toelating vanvluchtelingen."

Suurmond typeert de verschillende posities in de debatten als'discoursen'. De dynamiek van een debat ontstaat door detegenstellingen tussen de verschillende discoursen. Het patent opde grensmetafoor ligt in de debatten over migranten bij -watSuurmond heeft genoemd- het `restrictieve rechtendiscours'. In debetogen die tot dit discours behoren wordt vooral gebruik gemaaktvan overwegingen die behoren bij een `rechtvaardigheidsethiek'.Hiermee bedoelt de promovenda dat de nadruk vooral wordt gelegd ophet belang van algemeen geldende principes in de besluitvormingover migrantenproblemen. Er kunnen in die zienswijze geenuitzonderingen worden gemaakt voor individuele gevallen. Dezeinvalshoek is volgens Suurmond dominant in elk van de debatten diezij onderzocht. Zij vindt dit jammer omdat andere overwegingenhierdoor uit het oog wordenverloren. Daarmee doelt Suurmond vooralop argumenten die behoren tot een `zorgethiek'. "Er wordt in dedebatten minder gepraat in termen van zorgzaamheid enverantwoordelijkheid voor de migranten", constateert deonderzoekster.

Suurmond betreurt bovendien dat met de `restrictieverechtenrethoriek' een complex probleem van een eenvoudige oplossingwordt voorzien. Grenzen zijn grenzen en daar kan niet aan getorndworden. Regels en wetten bepalen waar de grenzen liggen. "Omdat inde debatten gestreefd wordt naar consensus over deze opvatting iser minder ruimte voor de individuele levensverhalen van demigranten zelf en evenmin voor hun eigen mening over de situatie",meent Suurmond. "De notie dat de subjecten van het publieke debatunieke personen zijn met een eigen geschiedenis en denktraditieontbreekt veelal in de debatten die ik heb onderzocht." Derealiteit van de migrantenproblematiek is door alle verschillendeverhalen volgens de promovenda helemaal niet zo eenduidig, maarveeleer weerbarstig en grillig. Er zijn grenzen aan grenzen is danook haar conclusie.

Gümüs

Dat de afbakening soms moeilijker te onderscheiden is dan veelopiniemakers in eerste instantie willen doen geloven bleek wel uit`de affaire Gümüs'. Door de publiciteit rondom dezeTurkse kleermaker werd het plotseling van belang wie deze man wasen dat er mensen waren die zich met zijn lot hadden verbonden. Hiergingen rechtenethiek en zorgethiek door elkaar lopen. Velen meendendat de eisen die aan illegalen gesteld worden correct zijn, maarmisschien moest voor deze ene familie toch maar een uitzonderingworden gemaakt.

"De laatste jaren is er een geleidelijke kentering waar tenemen", meent Suurmond. "Steeds vaker worden de mensen om wie hetgaat zelf aan het woord gelaten op televisie en in de kranten. Datis denk ik een goede ontwikkeling. De grensmetafoor blijft echteroverheersend, kijk maar naar de jongste troonrede."

De kracht van het 'restrictieve rechtendiscours' kan volgensSuurmond worden verklaard door de inbedding van in het beleid vande overheid. De argumenten worden uitgedragen en ondersteund dooreen beleidsnetwerk. Het discours maakt bovendien gebruik van enkelestrategieën waarmee de tegenstander in het debat -deverdedigers van meer zorg en verantwoordelijkheid- kan wordenovervleugeld. Als voorbeeld noemt Suurmond `de strategie van hethellend vlak'. Wanneer eenmaal een aantalvluchtelingen wordttoegelaten is het einde zoek, is daarin de redenering. Eenruimhartig toelatingsbeleid zou de tolerantiegrens van deNederlanders onder druk zetten met alle negatieve gevolgen van dienvoor de positie van de migranten die in Nederland verblijven. "Dezestrategie maakt het voor de oppositie in het debat heel lastig",meent Suurmond. "Zij wordt in het defensief gedrukt en moet daarom`retorisch harder werken'."

De 'inkapselingsstrategie' is een ander effectief strijdwapenvan het dominante discours. Hierbij wordt met een U-bocht een deelvan de argumentatie van de tegenstander overgenomen. Suurmondherinnert zich het VVD-kamerlid dat in het illegalendebat zijnbetoog voor strenge regelgeving op die manier trachtte teonderbouwen. "Hij verdedigde de stelling dat het de taak van deNederlandse overheid was illegalen te beschermen tegen slechtearbeidsomstandigheden en louche huisbazen. Dat komt rechtstreeksuit de zorg- en verantwoordelijkheidsrethoriek." Een bijkomendeffect van deze strategie is dat het beeld van een streng beleiddoor het gebruik van argumenten van zorgzaamheid en humaniteitwordt afgezwakt. Het discours wordt daardoor acceptabel voor eengroter publiek.

Mythe

Een opvallende bevinding van Suurmond is dat slechts 19 procentvan de bijdragen tot de onderzochte publiek debatten van vrouwenafkomstig is. Een verklaring hiervoor heeft de onderzoekstereigenlijk niet. Wel heeft ze gesignaleerd dat vrouwen eerder de penpakken als het een `vrouwenprobleem' betreft. Dat vrouwen perdefinitie meer zorgargumenten gebruiken dan mannen is een mythe.Wel neemt het doel dat veel vrouwen nastreven met zich mee dat veelgebruik moet worden gemaakt van elementen uit de zorgethiek."Vrouwen vragen om aandacht en gelijke rechten voor vrouwen", meentSuurmond. "Daarom nemen ze het bijvoorbeeld op voor vrouwelijkevluchtelingen. Vaak wordt niet erkend dat vrouwen vervolgd kunnenworden vanwege hun zorg en ondersteuning voor een politiek actieveechtgenoot, zoon of broer."

Suurmond wil zichzelf niet zien als een deel van het legeronderzoekers dat een pessimistische kijk heeft op het publiekedebat. "Het is waar dat veel besluitvorming al is voorgekookt endat de invloed van het publiek debat daarop vrij beperkt is.Tegelijkertijd wordt de potentie van het publiek debat op ditmoment maar voor de helft gebruikt."

In haar slotoverweging formuleert Suurmond daarom enkele nieuweperspectieven voor het publiek debat. Het zou volgens haar in eendebatniet moeten gaan om het zoeken naar de grootste gemene deler.Ook het begrijpen van het probleem en het vergelijken vanperspectieven is belangrijk. De uitdaging van de (multi)culturelesamenleving ligt in het aanmoedigen van culturele verscheidenheidin het publieke debat, zo stelt de onderzoekster. Wanneerachterstandsgroepen in het publieke debat gehoord worden kan hetelitaire karakter ervan worden doorbroken. Hierdoor worden nietalleen specifieke standpunten verwoord, maar wordt ook de positievan de luisteraar gerelativeerd. Zo zouden westerse vrouwen dooreen debat over vrouwenbesnijdenis vraagtekens kunnen gaan zettenbij een fenomeen als plastische chirurgie.

Xander Bronkhorst