Dolfijngekte onderwerp van 'plezierboek'

Body: 
De dolfijn is in. Aan het einde van het millenniumplonzen duizenden in zee op zoek naar de 'healende' werking van een'dolphin encounter'. Geen reclameblok ook zonder sierlijketuimeling of guitige glimlach. In 'De poëzie van de dolfijn'zet docent moderne Duitse letterkunde Ewout van der Knaap deverering van het tot de verbeelding sprekende dier inperspectief.

Ex-prinses Irene maakte onlangs in haar boek Dialoog met denatuur de lezers deelgenoot van het grote geluksgevoel dat bezitvan haar nam tijdens een dolfijnzwemtocht in de wateren rondomHawaii. Toen een mannetjesdier zijn ontlasting in haar gezichtdeponeerde was dat voor haar het teken alle frustratie enscheidingsleed van zich af te zetten. Shit it out, was dediepzinnige boodschap van het beest.

De ervaringen van Irene passen naadloos in de beschrijving dieauteur Ewout van der Knaap in zijn boek De poëzie van dedolfijn geeft van de spirituele hausse rondom het beest. "Dedolfijn is het troeteldier van de New Age-cultus", meent de docentmoderne Duitse letterkunde. In zijn boek verhaalt Van der Knaaponder meer over zijn bezoek aan de baai van Dingle in Ierland waarhij met eigen ogen getuige was van de toeristische boom rondom'Fungi'. De vrij zwemmende dolfijn trekt bootladingen volbelangstellenden, omdat beweerd wordt dat er voor onder meerautisten en mensen met psychische problemen een geneeskrachtigewerking van het beest uitgaat. "Alsof het om een Maria-verschijninggaat", aldus Van der Knaap.

Delfinolatrie

Hoewel New Age-aanhangers waarschijnlijk een diepere betekeniszullen zoeken in het feit dat hij geboren is in 1965, het jaar datde eerste Flipper-film werd uitgebracht, wil Van der Knaap zichzelfbeslist geen dolfijnadept noemen. Zijn belangstelling voor dedolfijn werd vooral gewekt tijdens het werken aan zijnpromotieonderzoek. Bij de dichters Meister, Hölderlin en Celanstuitte hij telkens op gedichten waarin het dolfijnmotief voorkwam."Bij een rechtgeaarde wetenschapper wordt dan automatisch denieuwsgierigheid gewekt." Van der Knaap begon, gefascineerd door degedichten van de drie ("dat werk kende ik toentertijd uit mijnhoofd"), aanvankelijk te hooi en te gras materiaal over deverbeelding van dolfijnen te verzamelen. In weekeinden en in deavonduren werkte hij aan wat een 'plezierboek' werd.

Al vroeg in zijn onderzoek merkte hij dat een groot aantalmensen een onbegrensde bewondering voor de dolfijn aan de dag legt.Van der Knaap doopte het opmerkelijke fin desiècle-verschijnsel 'delfinolatrie'; een term waarmee hijheimelijk hoopt "de Van Dale te halen". Tevens constateert deliteratuurdocent dat de zinnelijkheid, de stroomlijning en devitaliteit waarmee het dier doorgaans geassocieerd wordt ookanderen, met een meer 'down to earth'-instelling, in de greep had.Zo krijgen managers tegenwoordig de training 'Persoonlijkleiderschap door middel van dolfijnstrategieën', waarbij demensheid in `karpers' en `haaien' wordt verdeeld. Beide typenzouden in tegenstelling tot `dolfijnen' hun intelligentie nietoptimaal benutten. Ook is, als we het weekblad Carp mogen geloven,eten 'tussen de dolfijnen' in Harderwijk inmiddels een van depopulairste bedrijfsuitjes.

In reclames en in de vormgeving van commerciëleadvertenties is de dolfijn volgens Van der Knaap de afgelopen tijdeveneens van zeer grote betekenis. Niet alleen VISA voert de dierenten tonele. "Commodore laat in een radiocommercial bijvoorbeeld deschaterlach van Flipper horen. Wie intelligent is gebruiktCommodore, is de boodschap. De dolfijn in het logo van Libertelvalt veel mensen niet eens meer op." Lachend: "Maar ik hebnatuurlijk een afwijking."

Drenkelingen

Ook in de 'hoge' kunsten is de dolfijn tegenwoordig omnipresent.Van der Knaap: "Waar ik ook keek, in musea, in kunstboeken, steedskwam ik dat beest tegen." Arnon Grunberg uitte al eens zijn cynismeover het fenomeen. Toen hem in een periode van artistieke stiltegevraagd werd waar hij aan werkte, was "iets over dolfijnen" hetschertsende antwoord.

Niet gespeend van een stiekeme missiegedachte stelde Van derKnaap zich ten doel de dolfijncultus te relativeren en tenuanceren. In zijn populair-wetenschappelijke uitgave gaat hijdaarom op zoek naar de verschillende manieren waarop het dier isweergegeven. Hij kijkt daarvoor naar hedendaagse films enreclame-uitingen, maar hij duikt ook het in verleden. In dedichtkunst en ook in proza en in de beeldende kunst is de dolfijnimmers een bekend motief. "Door de aandacht die er nu is voor datdier kunnen lezers misschien ook wat meer te weten komen over dereflectie van de dolfijn in de kunsten. Het is immers niet allemaalnieuw. Door lezers te laten zien hoe de dolfijn in het verleden isverbeeld kunnen ze dat dier hopelijk beter plaatsen."

Zo laat Van der Knaap in zijn boek zien dat de voorstelling vande dolfijnals `redder in de nood' niet dateert van de jeugdserieuit de jaren zestig. Diverse klassieke auteurs beschrijven hoe delyricus Arion van Lesbos op zee werd overvallen door piraten. Dezestonden hem toe nog een lied te zingen voordat hij over boord zouworden gekieperd. Volgens de overlevering betoverde Arion met zijngezang en het geluid van zijn lier een of meerdere dolfijnen. Hijsprong in het water en werd door een dolfijn naar het vastelandgebracht. Overigens werd volgens Van der Knaap vaak beweerd datdrenkelingen die ooit dolfijn gegeten hadden dit duur kwam testaan. De geur die zij verspreidden deed de reddende dierenrechtsomkeert maken. "Gelukkig dat de tonijnindustrie op hunblikjes verzekert dat er niet toevallig ook nog een hompje dolfijninzit", smaalt de universitair docent.

In de klassieke oudheid ligt volgens Van der Knaap de oorsprongvan de interesse voor het legendarische dier. Later gebruiktenonder meer Shakespeare, Goethe en Byron het dolfijnmotief. Naast demythische betekenis werd de dolfijn meestal op grond vansierlijkheid in dichtkunst opgenomen. In de jaren zestig kwam ereen opmerkelijke opleving van de interesse voor de dolfijn. Van derKnaap denkt dat de oorsprong hiervan gezocht moet worden in dewetenschappelijke belangstelling voor de dolfijn. De Nederlandsedichter Hans Faverey gaf in een gedichtenreeks letterlijk devolharding weer waarmee getracht werd het intelligente dier despraakkunst bij te brengen. In de jaren negentig kent de dolfijninmiddels zo'n grote schare bewonderaars dat poëten daar zelfsin hun gedichten vraagtekens bij zetten. Judith Herzberg dicht:"Denk je dat dolfijnen uit instinct / echt gaan troosten als je,wildvreemd en bedroefd / bij ze in het water springt?"

De auteur schrijft zich ervan bewust te zijn dat 'zwemmende ineen stroom van dolfijncommercie iedere interesse in de dolfijnverdacht is'. Bij het verschijnen van het boek richtte boekhandelAtheneum aan het Spui desondanks een complete etalage in metbordkartonnen Flipper en dolfijnprullaria die de literatuurdocentbij verjaardagen en andere feestelijke gelegenheden ontving. "Metdit boek probeer ik de gekte juist in perspectief te zetten", zegtVan der Knaap verontschuldigend. "Bovendien weet een ieder dat jehier heus geen rijk man van wordt."

Xander Bronkhorst

E.W. van der Knaap. De poëzie van dedolfijn.

Uitgeverij Umbra

ISBN 90 74668 12 7

29,50 gulden


Bal

Zeg nou eens `bal', dolfijn.

Hé dolfijn: zeg eens

bal. Bal: b/a/l.

`Bal'; zeg eens: bal.

Je moet `bal' zeggen.

(Ball; say: ball).

Fragment uit gedichtenreeks 'Man & dolphin /Mens & Dolfijn' van Hans Faverey. De dichter ridiculiseerdehiermee de wetenschappelijke experimenten van John CunninghamLilly. Deze vroeg een lerares de dolfijn Peter in een dialoog hetwoord `bal' aan te leren.

[?mP#a4!#$&&