Een benauwend studeerklimaat

Body: 
Bij een groeiend aantal studenten rijst de vraag ofhet niet iets leuker kan allemaal. Ze bedoelen daarmee dat hethuidige studeerklimaat steeds minder ruimte laat voor een vrijestudie- en studententijd-beleving. De speelruimte tussen studerenen werken wordt steeds kleiner... aan jezelf toekomen is er vaakniet meer bij. Tal van maatregelen - studieduur-verkorting,prestatiebeurs, tempo-norm, lagere beurs - hebben er de afgelopenjaren toe geleid, dat de studiedruk nogal is opgelopen. Dat doeteen groot beroep op het uithoudingsvermogen van de student.

Slechts 17 procent van alle studenten maakt gebruik vande financiële steun die 'stufi' aanbiedt en komt dan nogsteeds niet rond. Deze studenten werken in de zomervakantie door omhun collegegeld te kunnen ophoesten en moeten in zes weken tijd2.750 gulden verdienen. Ouders spelen een doorslaggevende rol watbetreft de financiële positie van hun studentenkind. Zijvullen de tekorten aan of zien de problemen groeien.

Geldgebrek betekent werken, werken betekent nietstuderen en wel studeren willen maar ook werken moeten. Op basisvan dit steekspel lopen de spreekuren bij dekanen vol en hakensommige studenten uiteindelijk af.

door Kim Heerema


Wes Holleman over studielast enstudeerbaarheid

'Studenten die afwijken van de norm vormen een probleem'

Studielast, studiedruk en studeerbaarheid zijn 'hotissues' en ook altijd zowel 'hot' als 'issue' geweest. Oudeproblemen met andere etiquetten. Toch is er nieuws onder de zon.Dat nieuws heet 'de rationele inrichting van het onderwijs' enstaat voor een beleidsmatige aanpak van de inrichting van hetuniversitaire onderwijs.

J.W. Holleman, onderwijsdeskundige, schreef in 1993 eenproefschrift 'Over Studielast en Studeerbaarheid'. Hij studeerdezelf in Utrecht. "In die tijd - 1959 - kreeg een student nog zevenstudiejaren, ging een collegejaar eind september van start en wasrond juni het afsluitend tentamen." Het studeerklimaat is sindsdiensterk veranderd.

"Niet dat ik het verleden wil idealiseren", voegt hij er snelaan toe. "Vroeger begon de studie Geneeskunde bijvoorbeeld met eententamen 'botjes' en moest je soms hele lullige dingen doen."Holleman wil vooral voorúit kijken. Maar zoals het nu gaat,daar is hij evenmin alleen maar tevreden over. "Studenten dieafwijken van de norm vormen een probleem."

"In het onderwijs zijn talrijke randvoorwaarden ingevoerd die ervoormoeten zorgen dat studenten in vier jaar tijd hun studieafronden. Die tijdsdruk heeft natuurlijk veel te maken met debelangen van de staat als geldschieter. Dat het recht op een beursbeperkt is tot vier jaar, stelt niet alleen eisen aan studenten,ook docenten zijn gedwongen om zich af te vragen hoe binnen degestelde termijn toch belangrijke studieresultaten zijn te halen.Maar niet iedere student past in dat model; dat is soms een grootprobleem.

"Vroeger werden studenten gezien als lid van de universitairegemeenschap. Ze sloten zich aan bij een gemeenschappelijkespeurtocht naar de waarheid. Veel faculteiten erkenden eigenlijkmaar één klant: de zelfstandige wetenschap en studentenwerden per definitie opgeleid tot onderzoekers. Deze eenzijdigevisie op de universiteit is verlaten. Faculteiten bieden nu eendienst aan studenten aan, die aansluit bij het beginnersniveau vande toelatingseisen en die is afgestemd op de vraag uitsamenleving.

"In de oude situatie was de relatie tussen docent en studentveel vrijblijvender. Zo kon het voorkomen dat docenten, onder hetmom van 'zelfstandigheid stimuleren', wel eens bezig waren met huneigen onderzoek. Anderzijds besloten studenten soms halverwege hunscriptie van onderwerp te veranderen. Dat kan nu niet meer. Eenscriptie is een wederzijds bindend contract tussen docent enstudent. De student spreekt af de scriptie binnen de gestelde tijdaf te hebben; de docent verplicht zich om de student tebegeleiden.

"De huidige universiteit ziet zichzelf als een dienstverlenendeinstelling met verschillende klanten. De student is er slechtséén. De samenleving als totaal is klant en die wil mensenmet vaardigheden. Waar het dan ook om gaat is om in de praktijkvoorwaarden te scheppen zodat veel studenten leerwinst boeken. Ende huidige student is inderdaad productiever: hij doetméér dan alle studenten vóór hem ooitdeden.

"Die rationele inrichting van de universitaire huishoudingbetekent dat er bedacht is, uitgaande van een model vandéstudent, hoeveel studiemateriaal (studielast) die student binneneen bepaald tijdsbestek (studiedruk) en onder bepaaldeomstandigheden (studeerbaarheid), aan moet kunnen. Een curriculummoet bijvoorbeeld voor veel mensen haalbaar zijn, op de samenlevingafgestemd zijn en faculteiten moeten zodanig onderwijs geven datstudenten binnen de afgesproken termijn hun diploma halen.

"Maar de keerzijde van dat rationaliseren is dat er uitgegaanwordt van een model-klant. Docenten bieden goede service aanmodel-studenten. Studenten die echter van dat model afwijken zijneen probleem, want op hen is het onderwijs niet ingesteld. Er isgeen derde weg. En een combinatie van een 32 urige studieweek vooreen student die zichzelf moet financieren... dat is een doodlopendeweg."


Studentendecaan F. Peters:

'Studenten komen eerder hun rechten halen'

"Tijd om een dip te verwerken is er niet. Een studentdie iets overkomt, een ziekte als Pfeifer krijgt of in eenfamiliedrama verzeild raakt, kan daar niet meer een jaar meeblijven rondlopen. Vroeger hadden studenten de mogelijkheid om hunstudie tijdelijk te onderbreken. Dat kan niet meer, de teller tiktmaar door. Studenten die een keuze maken, moeten die keus goedmaken, want als je nat gaat, ga je goed nat. En dat is wat mijbetreft niet wenselijk."

De druk waaronder studenten moeten studeren neemt toe, datblijkt uit de toename van het aantal studenten dat zich aanmeldtbij studenten decanen of -psychologen. Drs F. Peters iséén van hen: "Ik heb de indruk dat er een steeds groteredruk op studenten komt juist door al die financiële eisen diegesteld worden. De beurs is nooit geïndexeerd en dus laag.Studenten moeten lenen of vallen terug op bijbaantjes. Zelfs alsstudenten het volledige bedrag lenen bij 'stufi', is dat nietgenoeg. Wij hebben berekend dat studenten minimaal 1.400 of 1.500gulden nodig hebben om een beetje normaal te kunnen leven.

"Dat het huidige studeerklimaat wordt bepaald doorfinanciële problematiek en familie-omstandigheden is iets vande laatste jaren. En helemaal écht van deze tijd zijn destudenten die zich bij decanen aanmelden omdat een docent nalatigof laks is. Je kunt dan denken aan een docent die met het nakijkenvan een tentamen een half jaar wacht, waardoor een student de normniet gaat halen. De huidige student zegt eerder, 'dit kost mijalleen maar geld'. Dat is terecht, na vier jaar moet die studentook alles zelf betalen.

"Studenten komen eerder hun rechten halen en weten steeds beterwat hun rechten zijn. Ze hebben ook belangstelling voor wat hunrechten zijn en verdiepen zich daar in als het niet loopt zoals zewillen. Het enige verschil tussen de huidige student en de studentdie negen jaar geleden bij decanen binnenliep, is dat de huidigestudent noodgedwongen zakelijker is. Je moet als student in dezetijd goed kunnen combineren. Gelijktijdig studeren, werken, eenvriendenkring opbouwen en op jezelf wonen betekent plannen en allesop tijd regelen.

"Studentendecanen gaan overigens wel mee in de filosofie vanhetministerie dat een student enige schuld moet kunnen maken om testuderen. Als er een student komt met de vraag of hij geld kankrijgen omdat hij niet met een schuld het leven in wil gaan, zegik: 'Doe niet zo naïef!' Maar studenten vinden het vreselijkom te moeten lenen van Groningen. Dit heeft enerzijds te maken metde maatschappelijke opvatting dat de overheid maar alles moetbetalen, en anderzijds met de opvatting dat er overal wel potjesvoor zullen zijn. Het lijkt alsof we wat dat betreft teruggaan naarde moraal van vóór de oorlog. Dat klinkt heel gek en hetis ook geen zuinigheid, maar een aversie tegen rood staan. Hetlijkt alsof men bang is dat een schuld en het idee dat je iets moetafbetalen, de geneugten van het leven zullen gaan belemmeren.

"Ook ouders zijn bang dat studenten schulden maken.Voorlichtingsavonden worden druk bezocht. Ouders voelen een moreleplicht hun kind te onderhouden en willen voorkomen dat het kindzich in de schulden steekt. Ouders zijn ook bang dat zeverantwoordelijk gesteld worden voor de studieschuld van hun kindbij de IB-groep; dat is niet zo. Ik betaal mijn studieschuld ooknog steeds af, maar ik heb er wel een goede baan aan overgehouden.Soms baal ik er wel van, ja."


Joost Lenders, derdejaars rechten:

'Rekenen, rekenen en nog eens rekenen'

"Ik zit momenteel in de luxe situatie dat mijn oudersde huur betalen maar de afgelopen twee jaar deed ik dat zelf,precies zoals ik mij had voorgenomen. Ik wilde op kamers wonen enstuderen in Utrecht en alles zoveel mogelijk zelf regelen. Dat trekik nu even niet meer, mijn ouders geven mij hulp bij de opstapfase:collegeld en nieuwe boeken."

Aan het woord is Joost Lenders (21), derdejaars Rechten encoördinator van de huisvestingscommissie van de USF. "Vorigjaar stond ik vlak voor de vakantie tweeduizend gulden rood. Nu komik langzaam uit dat gat. Ik ontvang zeshonderd gulden van deIB-groep, daar gaat dan iedere maand 500 gulden huur af en ikbetaal mijn collegegeld in termijnen, dus dat is één keerin de twee maanden 450 gulden.

"Als rechtenstudent moet je ieder trimester een behoorlijkehoeveelheid nieuwe boeken aanschaffen; dit trimester kocht ik voor600 gulden aan studieboeken. Dat is extreem, maar gemiddeld is hettoch al gauw 400 gulden per trimester. Ik heb minimaal 1.200 guldenper maand nodig en 600 gulden bijverdienen lukt niet. Ik kwam ruim200 gulden in de maand te korten in de maanden dat het collegegeldwerd afgeschreven ging dat twee keer zo hard. Studeren en werkenmaar tóch rood staan, dat voelt klote. Maar je doet er nietsaan. Je zult door moeten gaan met studeren en kosten maken.

"In het weekend werk ik in Valkenburg bij het sprookjesbos. Ikverdien daar gewoon het minimum. Ik zie het ook niet als echt werk,het is de hele dag lekker buiten zijn, samen met een groep leukemensen die daar ook werkt. Daarnaast heb ik een tijdje bij Van Gent& Loos in Utrecht gewerkt, op zijn hoogst één dag perweek: van vier uur 's middags tot elf uur 's avonds vrachtwagensladen en lossen... om financieel rond te komen. Verstand op nul enpuur voor het geld werken.

"Er wordt snel gezegd: 'Dan ga je maar wat minder naar de kroeg.Maar eigenlijk bezuinig je dan op je vrienden. Ik kom uit Heerlenen in het weekend ga ik daar met mijn vrienden stappen, die zittendoor de week over het hele land verspreid. Dat is het socialecontact met mensen die je buiten de kroeg niet kunt zien. Ik zalniet niet stappen om geldproblemen, dan drink ik wel een biertjeminder.

"Als mijn ouders niet waren bijgesprongen had ik waarschijnlijkhet sprookjesbos achter me moeten laten en nieuw werk gezocht datmeer geld oplevert. Dan was ik ook op zoek gegaan naar eengoedkopere kamer en veel sneller tot de conclusie gekomen om deIB-groep op te bellen voor een lening. Maar lenen betekent: na jestudie beginnen met een schuld; dat vind ik geen prettiggevoel.

"Met de prestatie-norm moet je zoeken naar tijd en zodra je ietsoverkomt - je fiets gejat of zo - kun je gewoon de lul zijn. Ikkruip nu uit een gat, maar één financiële tegenslagen je zit er weer in. Soms ben je meer bezig met rond te komen danmet je studie. Dat lijkt mij niet het goede systeem. Het is eenkwestie van goed plannen. Dat ik het momenteel trek betekent:rekenen, rekenen en nog eens rekenen - met tijd én geld."

Maatregelen die Joost Lenders direct zoudoorvoeren:

* Studenten krijgen een beurs voor zes jaar. Vierjaar is te weinig om een opleiding te voltooien. Studenten die eenverkeerde studiekeus maken - "het is niet wat ik verwacht" - wordennu gedwongen door te zetten. Er zijn honderden dingen te bedenkenwaardoor je vertraging kunt oplopen. Met zes jaar beurs behoud jeflexibiliteit en keuzevrijheid.

* Een stop op de verhoging van hetcollegegeld.

* Een fatsoenlijke berekening maken van wat eenstudent gemiddeld per maand nodig heeft en een nieuwe basisbeursvaststellen. Die berekeningen zijn wel gemaakt maar ze kloppenniet; je krijgt als student te weinig.

* Al het gedoe rondom de OV-jaarkaart afschaffen enmensen vrij laten in hun keuze voor een weekend- of een weekkaart.Daarbij studenten ook de kans geven die kaart in te leveren wanneerze hem niet nodig hebben en die negentig gulden op testrijken.


Jacobien Koningsberger, voorzitter USF:

'Academische vorming laat zich niet in studiepuntenuitdrukken'

"Studenten worden momenteel dood gegooid met nieuweregelingen en het is moeilijk bij te houden wat dat allemaal voorgevolgen heeft. Wat voor iedereen wél heel duidelijk is, isdat het belangrijk is om op tijd de studie met een diploma af teronden. Anders gaat het héél veel geld kosten."

Aan het woord is Jacobien Koningsberger, voorzitter van deUtrechtste studentenvakbond USF. "Voor de prestatiebeursstudentengeldt nu dat studenten in hun eerste studiejaar 21 studiepuntenmoeten halen. Lukt dit niet, om wat voor reden dan ook, dan moetenze alle studiefinanciering van dat jaar terugbetalen. De tweede eisvan de prestatiebeurs is dat je na zes jaar een diploma moet hebbengehaald. Ook hierbij geldt dat alle ontvangen beurs moet wordenterugbetaald als niet aan die eis is voldaan. Het gaat dan om driejaar beurs. De schuld kan oplopen tot meer dan 50.000 gulden! Datbetekent: meer dan 10 jaar aflossen.

"Er zijn plannen om bij onvoldoende prestaties ook eengeldbedrag voor de OV-jaarkaart bij de schuld op te tellen. Of ditwordt ingevoerd en zo ja, vanaf wanneer, is nog steeds heelonduidelijk. Dit zou neerkomen op nog eens honderd gulden schuldper maand. En vergeet niet dat de rente (in tegenstelling totvroeger) meteen begint te lopen!

"Kortom het studeerklimaat voor de huidige student is benauwend:hij heeft per saldo minder tijd. Daar moet íets onder lijden.Het is niet meer mogelijk om zowel optimaal te studeren, als geldbij te verdienen en een sociaal leven te hebben of anderszinsactief naast je studie bezig te zijn. Studenten zullen zichaanpassen en schikken naar nieuwe normen, maar de kans is groot datvakken sneller en oppervlakkiger zullen worden gevolgd.

"Het feit dat vooral de kwaliteit van het studeren hieronderlijdt, krijgt te weinig aandacht. Steeds vaker zullen vakken wordengekozen op basis van 'wat heb ik er aan, voor mijzelf en voor mijnstudie'. Het is natuurlijk goed om kritisch te zijn maar het moetniet doorslaan naar een situatie waarin vakken worden gevolgd voorde punten. Deze manier van studeren is niet bevorderlijk voor eenacademische vorming. Die laat zich niet in studiepunten en gelduitdrukken.

"Toen die druk nog minder groot was, waren studenten eerderbereid actief te worden door in een willekeurig leuke commissie tegaan. Nu er mindertijd is, kiest een student echter voor eenspecifieke commissie. Op een advertentie van de USF voor eenHuisvestings-commissie komen direct reacties van studentenRuimtelijke Wetenschappen. Het werk van die commissie sluit goedaan op hun studie. Een ander voorbeeld is ons

USF-studentensteunpunt, waar vooral studenten Rechten actiefzijn. Als de activiteiten te veel van de studie afwijken, is menbang dat de

studievertraging zich niet terugbetaalt. Het risico op eenschuld blijft

een grote angst bij studenten."


Huishoudboekje

Uit een onderzoek van het NIBUD onder 600 HBO- en WO-studentenblijkt dat een uitwonende student per maand gemiddeld over 1.350gulden beschikt en een thuiswonende student 740 gulden te bestedenheeft. Meer dan 80 procent van de studenten uit het onderzoek heefteen baantje naast de studie; zij verdienen respectievelijkgemiddeld 600 gulden of 480 gulden netto per maand bij.

Ook voerden 440, voornamelijk oudere en uitwonende, studentenhun financiële gevens in op een 'Studensite'. Daaruit blijktdat studenten die op kamers wonen gemiddeld per maand betalenaan:

* huur: tussen de 350 en de 500 gulden

* boodschappen: ruim 300 gulden

* kleding: tussen de 75 en de 100 gulden

* uitgaan (vooral café en bioscoop): tussen de50 en de 75 gulden

* openbaar vervoer: rond de 30 gulden

* telefoon: ongeveer 25 gulden

* studiemateriaal: 45 gulden

Het boekje 'Studeren, wat kost dat?', is een uitgave van deUniversiteit van Utrecht. Ook hierin is onderzocht wat studentengemiddeld nodig hebben om te kunnen leven. Daaruit blijkt dat eenuitwonende student 1394,17 gulden per maand nodig heeft om tekunnen leven.

Dat bedrag gaat op aan:

* 229,17 gulden collegegeld

* 70 gulden studieboeken

* 24,47 gulden studiemateriaal

* 300 gulden voeding

* 400 gulden wonen

* 100 gulden kleding

* 75 gulden verzekeringen

* 20 gulden reiskosten privé

* 20 gulden contributie en abonnementen

* 150 gulden onvoorziene uitgaven.

Als studenten dat volledige bedrag lenen bij 'stufi', is datniet genoeg. De universiteit heeft berekend dat studenten minimaal14 à 1500 gulden nodig hebben om een beetje normaal te kunnenleven.

Het normbedrag dat studiefinanciering vaststelt voor uitwonendestudenten is 1243.04 gulden; dit is wat studenten maximaal kunnenlenen per maand. Vooral de hoeveelheid geld die studenten nodighebben voor wonen en eten vallen in het 'stufi-normbedrag' lageruit. Verder beknibbeld de IB-Groep vijf gulden op studieboeken enkleine bedragen op studiemateriaal en overige uitgaven.

Thuiswonende studenten hebben, volgens het boekje 'Studeren, watkost dat?' 1024,04 gulden per maand nodig; de IB-Groep stelt ditnormbedrag op 908,04 gulden per maand.