Genenonderzoek moet licht werpen op ongeneeslijke ziekte

"Wereldwijd wordt veel onderzoek gedaan naar een mogelijke remedie tegen ALS. Een jaar of acht geleden heeft dat geresulteerd in een geneesmiddel dat het ziekteproces met drie tot zes maanden vertraagt, maar veel verder zijn we nog niet."

Prof.dr. Leonard van den Berg zegt het op bijna verontschuldigende toon. Als hoofd van het Nederlandse ALS Centrum met vestigingen in het Amsterdamse AMC en het UMC Utrecht is de Utrechtse neuroloog niet alleen verantwoordelijk voor de zorg voor een groot deel van de ALS-patiënten, hij is ook één van de drijvende krachten achter het onderzoek. Ondanks het gebrek aan resultaat wordt dat toch met kracht voortgezet. Volgens Van den Berg hangt dat samen met de komst van geheel nieuwe genetische screeningsmethoden.

"Hoewel we over de oorzaak van ALS nog in het duister tasten, is wel duidelijk dat variaties in bepaalde genen in het geval van ALS aan de basis liggen van het ziekteproces. Voor een succesvolle aanpak is het dus essentieel om te weten welke genen het betreft. Maar hoe kom je daarachter? Omdat je moeilijk alle 30.000 menselijke genen stuk voor stuk kunt onderzoeken, hebben we tot nu toe vooral gekeken naar de meest voor de hand liggende kandidaten, zoals bijvoorbeeld de genen die betrokken zijn bij de ontwikkeling van zenuwcellen of genen waarvan bekend is dat ze ook bij andere spierziektes een rol spelen. Maar die aanpak heeft ons maar in beperkte mate verder gebracht."

"Een paar maanden geleden zijn chips op de markt gekomen waarmee het mogelijk is de genetische variatie van alle genen van een patiënt in één keer te testen. Mijn collega Cisca Wijmenga van Medische Genetica heeft in haar laboratorium de apparatuur en kennis om deze chips toe te passen bij ons onderzoek. Elke chip is in staat om 300.000 variaties in het genenmateriaal van één patiënt te onderscheiden. Dat is een ongelofelijk belangrijke ontwikkeling, die ons ongekende nieuwe mogelijkheden biedt om in hoog tempo het genenmateriaal van patiënten te testen."

In verschillende laboratoria in de wereld wordt ALS op dit moment met deze nieuwe methode onder de loep genomen. In Utrecht is recent een vergelijkend onderzoek gestart bij 500 ALS-patiënten en 500 gezonde mensen, vertelt Van den Berg. "Als we dat hebben afgerond, beschikken we dus over 300 miljoen genetische variaties en onze hoop is dat we door een vergelijking van het DNA van de ALS-patiënten en de controlegroepmensen variaties in genen op het spoor komen die een belangrijke rol spelen in het ontstaan van ALS."

Voor de vergelijking van dergelijke imposante hoeveelheden gegevens, is samenwerking met bio-informatici onmisbaar en het zal dan ook nog wel een half jaar duren voordat de eerste tastbare resultaten beschikbaar komen. Maar, waarschuwt Van den Berg, ook dan zijn we er nog niet. "Er zal nog jarenlang onderzoek nodig zijn om de mechanismen te achterhalen, die door die genen in werking worden gezet. Pas als we die kennen, kunnen we gaan denken aan het ontwikkelen van geneesmiddelen om die mechanismen te ontregelen en zo het ziekteproces te stoppen."

Dat dit de meest kansrijke wetenschappelijke aanpak is, staat voor Van den Berg vast. Ruim een jaar geleden kwam een in China ontwikkelde therapie met stamcellen als veelbelovend alternatief naar voren, maar hoewel de Utrechtse neuroloog alle begrip heeft voor wanhopige patiënten die spoorslags naar China vertrokken, is hij niet verbaasd over het tegenvallende resultaat. "In China kregen de patiënten stamcellen ingespoten in de hoop dat die zich zouden ontwikkelen tot nieuwe zenuwcellen, die de functie van de aangetaste cellen konden overnemen. Op zich is dat geen onzinnige gedachte en misschien komt het er ooit nog wel eens van, maar we weten nog veel te weinig om die methode nu al met succes toe te passen."

"We hebben bijvoorbeeld nog geen idee hoe we een stamcel in het lichaam in leven moeten houden, laat staan dat we weten hoe zo'n cel een zenuwcel wordt. Dat hij vervolgens vanuit het ruggenmerg vanzelf zou uitgroeien naar de veraf gelegen spieren in handen en voeten die hij moet aansturen, is helemaal onwaarschijnlijk. Dat veel patiënten zich na de behandeling toch beter voelden? Ik vrees dat dat niet meer dan een placebo-effect is geweest. Dat is niet verwonderlijk bij mensen die alle hoop op deze therapie hebben gesteld, maar helaas is inmiddels wel duidelijk geworden dat hun toestand niet werkelijk verbeterd is. Daarom is het des te belangrijker dat we intensief doorgaan met serieus wetenschappelijk onderzoek om een therapie te ontwikkelen die deze verschrikkelijke ziekte wel kan overwinnen."

KADER

Wat is ALS

ALS staat voor Amyotrofische laterale sclerose. Omdat de ziekte zich manifesteert in een steeds verder toenemend verlies aan spierkracht in handen en voeten en in het gezicht, wordt het vrij algemeen een spierziekte genoemd. In feite ligt het probleem echter in de motorische zenuwcellen in de hersenen en het ruggenmerg die door nog onbekende oorzaak afsterven. Omdat alleen de zenuwcellen aangetast worden die de dwarsgestreepte spieren ofwel de spiren voor de motoriek, aansturen, blijven organen zoals de darmen, het hart en de hersenen gewoon functioneren. De eerste symptomen van ALS openbaren zich veelal tussen het 45ste en 60ste levensjaar. Hoewel er uitzonderingen zijn, overlijden de meeste patiënten ongeveer drie jaar nadat de diagnose is gesteld. De meest voorkomende doodsoorzaak is een verzwakkende ademhaling omdat ook de lange rugspieren die de ademhaling aansturen, steeds verder achteruit gaan. In de Verenigde Staten staat de ziekte bekend als Lou Gehring's disease, omdat de Johan Cruijff van het Amerikaanse baseball er aan is overleden. Een andere bekende patiënt die een variant van de ziekte ALS heeft, is de theoretisch fysicus Stephen Hawkings.

'Het is onvoorstelbaar wat iemand met ALS doormaakt'

Hoewel het aantal nieuwe gevallen per jaar even groot is als dat van multiple sclerose, is amyotrofische laterale sclerose ofwel ALS in ons land een relatief onbekende ziekte. Een fietstocht in zeven provincies op Wereld ALS dag moet daar verandering in brengen.

"Mijn partner Henk was 45, toen hij in 1999 voor het eerst moeite met praten kreeg. Ik dacht: Hoe kan dat nou? Het lijkt wel of hij een borrel op heeft. Toen het niet over ging, zijn we eerst naar de huisarts gegaan, die Henk rust voorschreef, maar al snel werd duidelijk dat er meer aan de hand was. Toch heeft het bijna acht maanden geduurd, voordat wij uitsluitsel kregen. Maar toen was de klap ook gigantisch. Henk had ALS, zei de arts. Hij had nog een paar jaar te leven en genezing was niet mogelijk. Daar sta je dan."

Aan het woord is Cobi Noordhof, medewerker van IDC-gebouwbeheer in De Uithof. "Het is echt een vreselijke ziekte", zegt zij, terugkijkend op de vier jaar waarin zij haar partner zag veranderen van een gezonde, sportieve kerel in een 'kasplantje'. "Henk had de spreekvorm van ALS. Dat wil zeggen dat hij al snel moeite kreeg met praten. De eerste tijd kon hij zijn handen en voeten nog goed gebruiken, maar op een gegeven moment werd ook dat minder. Godzijdank konden we dankzij een lasergestuurde laptop blijven communiceren en heb ik tot de laatste dag alles begrepen wat hij me wilde vertellen.

"Het is in feite onvoorstelbaar wat iemand met ALS doormaakt. Telkens verlies je iets dat nooit meer terug zal komen. Ik merkte dat Henk zich dan even in zichzelf terugtrok om het te verwerken: weer iets kwijt. Op een gegeven moment kon hij niets meer optillen en bovendien verloor hij steeds sneller zijn evenwicht. Een paar keer is hij daardoor gevallen. Dan lag hij hulpeloos in zijn eigen bloed, omdat hij ergens tegenaan was gevallen, zonder dat hij overeind kon komen. Dat was echt walgelijk om te zien.

"Het allerergste was dat hij steeds moeilijker kon slikken. Daardoor werd hij banger dat hij zich zou verslikken. Dat is maar één keer gebeurd en gelukkig was ik in de buurt en kon ik het slijm met een afzuigapparaat uit zijn mond zuigen, maar hij had zo maar kunnen stikken. Kort daarna heeft hij een maagkatheter gekregen om verder per sonde gevoed te worden.

"Het laatste jaar was Henk zo verzwakt dat hij de deur niet meer uit wilde. Hij internette, hij las veel en ontving vrienden en collega's. Geleidelijk kreeg hij echter steeds meer moeite met ademen. We hadden afgesproken dat hij een seintje zou geven als het niet meer ging. We hadden de euthanasiepapieren al heel lang rond en toen hij zei: het is klaar, hebben we de huisarts gewaarschuwd."

Hoe moeilijk het leven in die vier jaar soms ook was, terugkijkend zegt Noordhof bijna verbaasd: "Het klinkt misschien gek, maar het zijn wel de mooiste jaren van ons leven geweest. Ik denk dat we in onze relatie zonder deze ziekte nooit zo diep zouden zijn gegaan. Dat is mede te danken aan het feit Henk zijn ziekte van meet af aan heeft geaccepteerd. Hij wilde kwaliteit en wist dat dat alleen kon als hij zich niet zou verzetten. In het begin hebben we heel veel samen gedaan. Af en toe leek het wel een feestje, al was het dat natuurlijk niet echt."

Ze kijkt even peinzend voor zich uit. "Ik kan me nog goed herinneren dat Stephen Hawking, de Engelse fysicus die ook ALS heeft, ooit een lezing in het Educatorium kwam geven. Ik werkte daar toen ook al en heb geholpen hem het podium op te takelen. Dat was toen Henk nog kerngezond was en ik weet nog goed dat ik tegen een collega zei: je zult toch zo'n vreselijke ziekte krijgen."

Onder het motto 'Trap ALS de wereld uit' worden op 21 juni in zeven provincies fietstochten georganiseerd. Olympisch wielerkampioen Leontien van Moorsel is ambassadrice van het evenement. Alle opbrengsten komen ten goede aan het ALS Centrum. In Utrecht kun je tussen 14 en 15 uur vertrekken vanaf de sportvelden van Kampong achter Stadion Galgenwaard. Voor meer info zie www.trapalsdewerelduit.nl