Proefschrift Enders-Sleegers afgekraakt

Body: 
"Een aanfluiting voor de Universiteit Utrecht maarvooral voor de promotoren", zo sabelt Hans van Maanen in het Paroolde promotie van sociaal psychologe Enders-Slegers neer. Enkeleweken geleden promoveerde zij op effect van huisdieren op hetwelzijn van ouderen. "We hebben niet de moeite genomen erop tereageren", reageert promotor prof.dr. Maarten van Son.

"Enders heeft voor haar promotie twee onderzoeken gedaan dieallebei voor een doctoraalscriptie hadden moeten worden afgekeurd."In zijn norse column van 16 november laat de chefwetenschapsredactie van het Parool geen spaan heel van hetsociaal-psychologische onderzoek van Enders-Slegers. In haarproefschrift stelt de psychologe dat het hebben van huisdieren eenpositief effect heeft op het welzijn van ouderen. Van Maanen vindtde gebruikte statistiek onnavolgbaar en de conlusies uit de luchtgegrepen. Aan het einde van zijn stuk, dat het midden houdt tusseneen column en een recensie, noemt hij de betrokken promotoren bijnaam en toenaam. "Zo, die zit!" hoor je Van Maanen bijna denken.Wat vinden de betrokken begeleiders er van?

Eerste promotor prof.dr. Maarten van Son heeft weinig goeds overvoor Van Maanen. "We hebben hier zijn stuk bekeken en we vonden hetvan een dergelijk niveau dat we het niet nodig achtten erop tereageren. Met name door de toon die Van Maanen aanslaat nemen wijhet niet serieus. Hij spreekt bijvoorbeeld over demente bejaardenen doet hij erg onaardig tegenover mijn promovenda."

En de proefopzet dan? Enders-Slegers vergelijkt in een deel vanhaar proefschrift twee afdelingen van een verpleeghuis. Op de eneafdeling lopen drie weken twee poesjes rond, op de andere niet. Hetsociale gedrag van de bejaarden op beide afdelingen wordt in kaartgebracht door op twee lijsten bij te houden hoe vaak de ouderenlachen, huilen, schelden enzovoorts. Op twee van de zevenentwintigonderdelen scoren de poesloze inwoners van het verpeeghuis slechterdan de ouderen die bezocht worden door huisdieren. Degene die debejaarden in de gaten houdt, weet natuurlijk maar al te goed of erop de afdeling poesjes rondlopen of niet. Dat kan de scoresbeinvloeden. Volgens Van Maanen schoffelt de promovenda dat onderhet tapijt.

Van Son: "In het proefschrift zijn alle nuanceringen weldegelijk te vinden. Op basis van de kleine verschillen tussen degroepen trekt mijn promovenda dan ook helemaal geen keihardeconclusies, zoals de heer Van Maanen meent. Hij had het gewoonbeter moeten lezen."

Promotor prof.dr. H. 't Hart van methoden en statistiek gaatverder in op de proefopzet: "Dit is geen geneeskunde, hier kunnenwe geen dubbelblind onderzoek doen. Dit is psychologie, je moetroeien met de riemen die je hebt. Je hebt te maken met mensen inhet echte leven en niet met een experiment. Daardoor is het somsmoeilijk harde conclusies te trekken. In het proefschrift staat ookgewoon dat er niet zo vreselijk veel uitkomt."

Ook de statistiek is volledig in de haak, zegt 't Hart stellig."Als meneer Van Maanen de statistiek niet kan volgen, dan is datjammer. Hij heeft het zelf gewoon niet begrepen. Een commissie vanvijf mensen heeft het promotie-onderzoek beoordeeld en goedgekeurd.De statistiek klopt wel", aldus 't Hart.

De laatste promotor prof.dr. Hans de Vries, diergeneeskundige endirecteur van het diergezondheidsinstituut ID-Lelystad, heeft hetartikel in het Parool niet gelezen. "Bovendien", zo laat deveterinair vanuit de verre polder weten, "was dit een promotie vande faculteit sociale wetenschappen. Ik heb alleen gelet op de'dierenkant' van de zaak. Ik ben niet van plan iets te zeggen overde sociaal-psychologische kant van de promotie."

Mevrouw Enders-Slegers is zelf niet in staat commentaar tegeven, zij is op vakantie.

RB