Schrijven is ontevredenheid

Body: 
Utrechtse dichteres Hagar Peeters debuteert

Eigentijdse onderwerpen en misschien zelfs weltypisch vrouwelijke thematiek. Hagar Peeters beweegt zichschrijvend en performend tussen ernst en relativering. In maartverscheen haar debuut Genoeg gedicht over de liefdevandaag.

De presentatie van haar debuut vond dichteres Hagar Peetersvooral erg spannend. "Voor een volle zaal voorlezen is nietsvergeleken bij zo'n emotioneel moment, als je familie er is. Dedagen voor de presentatie was al het andere bijzaak Een beetjezoals het krijgen van een kind, denk ik."

Eigenlijk is het opmerkelijk dat van Peeters nog niet eerder eenbundel was verschenen. Een paar jaar geleden stond ze al op deNacht van de Poëzie - een privilege dat doorgaans voorbehoudenis aan meer gevestigde namen. Daarnaast deed ze tal van optredensonder andere op de festivals Double Talk en Crossing Border. "Uitmezelf ga ik niet zo achter dingen aan. Bovendien vond ik dat ikmijn poëzie nog even moest laten rusten. Laten rijpen.Uitgeverij Podium belde zelf, op een goed moment. Ik werd watonrustig, omdat ik vond dat er na alle optredens toch iets van eenvervolg moest komen. Juist om weer verder te kunnen."

De landelijke media hebben de bundel inmiddels redelijkopgepikt. Dat voelt onwennig. Peeters: "Mezelf verkopen ligt meniet erg, maar het gaat nu wel spelen. Op een podium is hetmakkelijk. In je performance laat je een beeld zien dat niet met dewerkelijkheid overeen hoeft te komen. Maar in mijn poëzie wilik juist heel zinnige dingen zeggen. Dat is dus strijdig. Ik moetdaar nog een balans in vinden, een balans tussen uiterlijkheden eninhoud. Bovendien kan het altijd beter. Goed dichten is nietgenoeg. Het hangt er helemaal vanaf wat voor vorm je eraan geeft.Mijn voordracht vind ik lang niet altijd goed."

Playmobil

Peeters maakt bewust een onderscheid tussen"voordrachtgedichten" en "bundelgedichten". "Ik doe veel met rap enmuziek. Optreden is voor mij heel belangrijk. Als dat goed gaat,heb je contact met het publiek. Dat ontbreekt als je in je eentjezit te schrijven. Ik wil zien wat mensen ervan vinden, wil dingenuitdragen en verder vind ik het leuk en spannend om op te treden.Sommige gedichten lenen zichbeter voor een performance dan andere.Daar let ik op in mijn presentatie: ik wil gedichten zóneerzetten dat de voordracht iets toevoegt aan de inhoud."

Genoeg gedicht over de liefde vandaag gaat, ondanks wat de titeldoet vermoeden, voor een groot deel over de liefde. "De filosofieerachter is het eeuwige dilemma dat je, terwijl je schrijft nietkunt liefhebben en andersom. Misschien is dat wel typischevrouwenthematiek. Ik lees veel jonge dichters. Als het gaat om degeijkte onderwerpen, zoals de liefde, valt het me op dat mannen dievia een omweg benaderen. Ze kijken naar buiten, en vrouwen meernaar binnen. Mannen schrijven veel over science fiction-achtigeonderwerpen, terwijl vrouwen het dichter bij zichzelf houden.Misschien klinkt dat ongeëmancipeerd, maar dat is wat ik zie.Vrouwen schrijven vaak over het lichaam en over situaties tussenmensen. Jongens kijken naar het grotere. Om het oneerbiedig tezeggen: het lijkt wel een soort uitvloeisel van playmobil, datbezig zijn met ruimte en techniek. Misschien zou ik me in eenvolgende bundel moeten verzetten en ook over het heelal gaandichten. Maar dat boeit me niet."

Peeters begon ooit met filosofie en studeerde daarna algemeneletteren en cultuurgeschiedenis. Momenteel heeft ze een parttimebaan als pr- en communicatiemedewerker bij eennon-profit-organisatie. Met het dichterschap erbij zijn dat driegescheiden werelden. "Het voelt heel gespleten. Eigenlijk ben ikiemand die zich helemaal op één ding wil storten. Maar jemoet zakelijk blijven: ik moet ook geld verdienen. Juist mijn baangeeft me de mogelijkheden om te schrijven en op te treden. Wel moetik er nog een routine in vinden. Als student was het makkelijker:het studentenleven doet toch aan dat van kunstenaars denken. In dekroeg hangen, je eigen onregelmatige ritme hebben. Ik schrijfbijvoorbeeld meestal `s nachts. Dat kan niet als je werkt."

Houdbaarheid

Dichten is voor Peeters een behoefte die steeds terugkomt. "Indie zin ben ik een echte dichter. Het is iets van mezelf. Als ikbijvoorbeeld moest kiezen tussen heel gelukkig zijn en nooit meerschrijven, of andersom, zou ik misschien wel voor het laatstekiezen. Nu heb ik van allebei een beetje. Afwisselend. Ik kan erggenieten van het maken van een gedicht. Maar schrijven is perdefinitie een soort ontevredenheid. Zonder dat ongenoegen maak jeniets. Dichten is wikken en wegen, dingen wegstrepen en heelgeconcentreerd iets op een bepaalde manier - en geen andere -neerzetten. Schrijven is een balans vindentussen gevoel en denken.Soms is er wel een flow, bijvoorbeeld als ik een rap maak. Datgevoelsgerichte is grappig, maar mijn hersens werken altijd aan eeninhoud. Dat is persoonlijk: ik houd bijvoorbeeld ook niet zo vanklankgedichten."

Peeters speelt graag met het thema tijd. "Ik heb het over heeleigentijdse dingen, zoals tamagotchi's. Misschien is dat onhandig,voor de houdbaarheid van mijn poëzie. Maar daarmee bezig zijnvind ik gevaarlijk. Je moet niet verwachten dat je voor deeeuwigheid schrijft: er wordt zoveel gemaakt, zo kort na elkaar. Ikdenk er echt niet over na of wat ik schrijf aan mijn oneindige roemzal bijdragen."

Het eeuwige met het tijdelijke verbinden is een van deuitdagingen van het schrijven van gedichten, aldus Peeters. "Destrijd tegen de sterfelijkheid is een belangrijk thema vanpoëzie, denk ik. Dat dingen ophouden vind ik wel eng. Het islastig in het leven dat je niet weet hoe de dingen lopen. Aan deandere kant denk ik dat er ongeluk nodig is, fundamentelegebrekkigheden en ontoereikendheid. Dat noodt in mijn geval totschrijven. Met ernst, maar ook met relativering. Geluk is alleeninteressant als je het kunt afzetten tegen het noodlot dat ergensstaat te wachten."

Vrouwkje Tuinman

Genoeg gedicht over de liefde vandaag verschijntbij Podium en kost fl. 24,90. ISBN: 9057593521.


Eeuwig bliepen de tamagotchi's

Op de tamagotchibegraafplaats

waar de kinderen met hun kinderen

en hun kindskinderen ter aarde gaan,

regent het langzaam.

Stoeten rubberlaarsjes zakken in de blubber.

Kleine knuistjes dragen eerbiedig glazen potjes

met hier en daar nog pindakaas

in de groeven van het glas;

balsem voor zijn langste nacht logeren.

Populieren wiegen er vol ongeloof het hoofd.

Aan scheppen zand met bloemetjes

ontstijgt een zachtjes bliepen:

`I ...did it ...my way.'