'Studenten moeten overtuigd zijn dat ze iemand voor zich hebben die gelooft in z'n vak'

Body: 
De zevende conferentie Onderwijs Meester wordt ditjaar gehouden op 26 februari. Doel is de onderwijskwaliteit teverbeteren door middel van uitwisseling tussen docenten enstudenten. Jaarlijks kunnen studieverenigingen hun favorietedocenten voordragen voor de titel 'Docent van het jaar.' Viergenomineerden leverde dat op die in vier achtereenvolgende wekengeportretteerd worden in het U-blad. Na de natuurkundige JanKuperus, de bioloog prof.dr. Sjef Smeekens en de informaticus TwanMaintz is het de beurt aan de sociaal econoom AndréManders.



'Studenten moeten overtuigd zijn dat ze iemand voor zich hebbendie gelooft in z'n vak'

"Ik moet jullie vragen om jullie naambordjes voor jeop tafel te zetten. Namen van buiten leren lukt nog steeds niet."Dr. André Manders is één van de vier genomineerdenvoor de titel 'Docent van het jaar'. "Waar ik op uit ben is datmensen zelf gaan denken en niet alleen maar bezig zijn met devraag: 'Wat moet ik weten om het tentamen te halen?'

De colleges van Manders kenmerken zich door interactie met destudenten. Hij stelt vragen en legt stellingen aan de studentenvoor waarop ze moeten reageren. "Dat ze op een gegeven momentroepen wat ze zelf vinden, dat vind ik altijd een mooi moment",vertelt Manders.

De effectieve vraag van Keynes is het onderwerp dat vandaagwordt behandeld. De vijftien studenten in het lokaal schrijven drukmee en wekken de indruk goed op te letten. Manders laat zich nietvan z'n apropos brengen door de studenten die nog binnen komendruppelen, ook niet als er één pas na drie kwartierbinnenkomt. Wat hij vaak doet is de theorie koppelen aan depraktijk. Hij betrekt de werkelijkheid, de economische politiek bijde economische theorie.

"Dat maakt het echt levend voor ze, je ziet ook dat ze op datmoment bij de les zijn. Het is stil, je hebt de aandacht. Er wordtmeegedacht, er ontstaan dan soms discussies tussen studenten als zehet met elkaar oneens zijn. Op dat moment weet je dat het muntje isgevallen, er wordt even op eigen denkkracht gevaren in plaats vanalleen maar te luisteren."

Als studenten de stof niet hebben bestudeerd laat Manders zichdaardoor niet van zijn stuk brengen. Daarin heeft hij eenontwikkeling doorgemaakt: "In de beginperiode had ik af en toe deneiging om te zeggen: 'Jongens we gaan naar huis. Als julliehelemaal niks doen, dan kan ik m'n lessen hier niet draaien. Wehouden ermee op en dan doen we het volgende week wel weer over, enanders maar niet'. Ik heb dat in een soort uitdaging omgezetdoor tezeggen: 'Als je het niet weet val je door de mand, want ik ga jevragen of je het hebt gelezen en wat je ervan vindt'."

Vervolgens zet hij de discussie voort met mensen die de stof welgelezen hebben. "Op die manier kun je toch een goede wisselwerkingoproepen. Ik hoop daarmee te bereiken dat ze zich de volgende keerwel hebben voorbereid en ook actief in de discussie mee willendoen."

Minderwaardig

In de 25 jaar dat Manders doceert heeft hij zich eenpersoonlijke stijl eigen gemaakt. "Ja, in 25 jaar doe je wel wat,hè. Dan komen er ook verschillende soorten studenten voorbijen ik heb natuurlijk een hoop verschillende vakken gegeven. Grotecolleges en kleinere werkgroepen, die variëteit, ja die is welinteressant. Het vraagt toch allemaal om z'n eigen aanpak." Beidevormen vindt hij boeiend, maar hij onderscheidt daarbijverschillende doelen. Het aantrekkelijke van de kleine groepenvindt hij de interactie. Bij de grote hoorcolleges stelt hij zichtot doel de studenten op het hoofdspoor te zetten en op voetangelsen klemmen te wijzen.

Nanco van Arkel - eerstejaars psychologie - volgt het vakeconomie en is tevreden over de colleges die Manders geeft. "Decolleges zijn duidelijk en niet elke week hetzelfde. Bovendien vindik het prettig dat hij open staat voor een praatje. Hij praat zelfniet de hele tijd, maar probeert de informatie uit de studenten tehalen."

Ook eerstejaars Christel Kraaij is te spreken over de aanpak vanManders, al heeft ze ook kritiek. "Wat hij uitlegt vind ik welduidelijk. Maar je voelt je soms een beetje minderwaardig. Alsiemand een antwoord geeft, weet hij het altijd beter. Wij kennen determen niet zo goed, je voelt je dan een beetje dom. En op eengegeven moment durf je niets meer te zeggen."

De studievereniging ECU '92 nomineerde Manders voor de titel'Docent van het jaar' op basis van gesprekken met studenten en deantwoorden van de economiedocent op een aantal vragen.Bestuursvoorzitter van ECU '92 Oscar Buma zat in de jury: "WaarManders vooral in uitblinkt is het uitdragen van hetmultidisciplinaire karakter van de opleiding. Vanaf dagéén dat je binnenkomt. Ook het contact tussen student endocent is bij hem heel belangrijk, hij staat open voor studenten.Er is geen drempel om naar hem toe te stappen."

Manders voelt zich gevleid door de nominatie. "Daar doe je hettoch voor. Ik bedoel, ik had er niet om gevraagd, ik wist niet eensdat ik kans maakte. Maar ik was wel buitengewoon aangenaam verrast.Ik vind het een eer. Eigenlijk kun je geen betere beloningkrijgen."

Overtuiging en identificatie met de stof, dat zijn tweeelementen die volgens Manders iemand tot een goed docent maken."Studenten moeten overtuigd zijn dat ze iemand voor zich hebben diegelooft in z'n vak. Datmaakt volgens mij het luisteren ookgemakkelijker." Manders vindt het ook zijn taak om de stof levendte maken, zodat het niet alleen een abstract verhaal blijft. "Inons vak zit een identificatiemogelijkheid en ik vind het belangrijkdaarop aan te koersen. Je kunt studenten rechtstreeks met vragenconfronteren: 'Wat zou jij nou doen of adviseren in zo'ngeval'."

Show

Tijdens het college maakt Manders gebruik van het schoolbord,hij tekent een grafiek waarmee het evenwicht op de produktiemarktduidelijk wordt. Andere grafieken laat hij zien met behulp van eenoverheadprojector. De economiedocent denkt dat het gebruik vanmultimedia tijdens colleges de aandacht van studenten vergroot,maar hij is voorzichtig.

"Ik vind niet dat je als docent een show moet maken. Studentenmoeten ook een intrinsieke motivatie hebben en niet alleen dooraardige gimmicks aangetrokken zijn tot de colleges. Maar multimediais wel functioneel, al leent het ene vak zich er meer voor dan hetandere."

Hij zou graag zien dat er systematischer aandacht besteed wordtaan scholing voor docenten met betrekking tot multimedia. "Hetwordt nu, naar mijn gevoel, teveel overgelaten aan de vraag of dedocent dat grappig vindt en er handig in is. Eigenlijk zouden alledocenten op de universiteit de mogelijkheid moeten krijgen zich tebekwamen in het hanteren van dat soort middelen."

Het thema van de conferentie Onderwijs Meester is verbeteringvan de binding tussen universiteit en studenten. Manders denkt dateen binding het best tot stand kan komen op het niveau van hetvakgebied. "Je moet studenten de mogelijkheid geven ergens bij tehoren. Onder andere door te zorgen dat ze zich iets voor kunenstellen bij de vakken die ze krijgen. Maar het gaat ook omvakgenoten die aanspreken in hun manier van analyseren en hunenthousiasme voor het vak. Binding met de universiteit dat werktniet, dat is een veel te grof begrip.

"Dat de universiteit door middel van Onderwijs Meestercommitment toont met onderwijs vind ik in ieder geval heelbelangrijk. Maar ik moet je er eerlijk bij zeggen dat ik nietprecies weet of die conferenties ook werkelijk bijdragen om deresultaten te verspreiden over de héle organisatie."

Hugo Kamperman