Vrees voor collectie door dubbele verhuizing herbarium

Body: 
Dat het herbarium weg moet uit Utrecht staat allang niet meer ter discussie. Maar de meningen over de haast die daar mee gemaakt moet worden, lopen uiteen.

Bovenin het Van Unnikgebouw laten Marion Jansen-Jacobs en Hans ter Steege nog eens zien waar het allemaal om gaat. Lopend langs de rijen met archiefkasten houden ze her en der halt om één van de meer dan 800.000 gedroogde exemplaren van de verzamelde plantensoorten te tonen. "Hier kan altijd het originele materiaal worden teruggevonden aan de hand waarvan de eerste soortbeschrijvingen en publicaties tot stand zijn gekomen", zegt Jansen-Jacobs die sinds kort met vervroegd pensioen is, maar op vrijwillige basis nog de taak van curator vervuld. "Dit is cultureel en wetenschappelijk erfgoed."

De twee willen niet tornen aan het besluit het herbarium af te stoten. In het biologische onderzoeksprofiel is immers, ondanks uitstekende onderzoeksbeoordelingen, geen plek meer voor het systematisch onderzoek en dus ook niet voor het herbarium. Per januari 2008 is het convenant met het Nationaal Herbarium waarin werd samengewerkt met Leiden en Wageningen opgezegd. "Die discussie is na de goedkeuring in de toenmalige faculteitsraad een gepasseerd station", weet Ter Steege, die inmiddels deel uitmaakt van de leerstoelgroep plantenecologie en biodiversiteit, maar als waarnemend hoofd nog zorgdraagt voor de collectie.

De twee zetten wel vraagtekens bij de haast die nu wordt gemaakt met een verhuizing naar Leiden die waarschijnlijk begin volgend jaar zal plaatsvinden. Het veel grotere Leidse herbarium wil de Utrechtse materialen overnemen, op voorwaarde dat het ministerie van OCW instemt met de oprichting van een nieuw Nederlands Centrum voor Biodiversiteitsonderzoek in Leiden. Binnen dat NCB moeten de Nederlandse herbaria met museum Naturalis en het Amsterdamse Zoölogisch Museum samengaan. Een besluit daarover wordt pas eind dit jaar verwacht, maar de meeste betrokkenen verwachten groen licht te krijgen.

Jansen-Jacobs en Ter Steege vinden een dubbele verhuizing (eerst naar het herbarium in Leiden en later naar een nieuw NCB-gebouw) geen goed plan. Ter Steege: "Het gaat hier om teer en kwetsbaar materiaal. Daarmee moet je risico's uitsluiten. En als je ziet hoe de werklui bij de laatste asbestsanering hier in het Van Unnik tewerk gingen, houd je je hart vast." Daarnaast zal in afwachting van een tweede verhuizing niet veel moeite worden gedaan het Utrechtse materiaal toegankelijk te maken voor onderzoekers, zo denken de twee. En dat is slecht nieuws voor de 15 gastmedewerkers, die naast twee vaste logistieke medewerkers, nog aan het herbarium zijn verbonden.

Departementsvoorzitter van Biologie prof.dr. Rens Voesenek legt de achtergrond van de beslissing nog eens uit. "Dit departement heeft keuzes gemaakt. En dan moet je daar ook naar handelen." Bovendien zit er ook een financieel aspect aan de snelle verhuizing. Biologie betaalt de huur van het herbarium en zegt Voesenek "het kan nog wel even duren voordat de eerste paal van het NCB de grond ingaat". Voesenek denkt verder dat de wetenschappelijke toegankelijkheid in Leiden juist veel beter gewaarborgd wordt. "Daar zijn de mensen en de middelen om dat te doen, hier niet meer. Bij onze keuzes laten we het wetenschappelijk belang van de collecties, die we als biologen zeer onderschrijven, dus zwaar meetellen." Angst voor een problematische verhuizing heeft de departementsvoorzitter geenszins. "Daar heb je gespecialiseerde bedrijven voor, die precies weten hoe ze dat moeten doen."

Jansen-Jacobs en Ter Steege vinden vooral het argument van de vierkante meters discutabel. Jansen-Jacobs: "De 21ste verdieping staat hier al een tijdje leeg en de 18de verdieping, waar de collecties van het herbarium staan, zou eerst flink verbouwd moeten worden om die geschikt te maken voor andere zaken. Waarom kunnen we niet een paar jaar wachten? Dan bespaar je ook die vier ton verhuiskosten uit, want dat zit dan in de NCB-begroting."

Maar met dat verhaal moeten ze niet bij Voesenek zijn, maar bij het college van bestuur. Collegelid Amman stelt per e-mail de leegstand in het Van Unnik in dit verband 'niet relevant' te vinden. Volgens hem 'ligt er vanuit het vakgebied een duidelijk verzoek het herbarium naar Leiden te laten verhuizen'. En daarover worden nu gesprekken gevoerd. Vragen en zorgen omtrent de wijze van verhuizing zijn volgens hem 'nu nog niet aan de orde'. En wat als dat NCB er niet komt? Amman: 'Dan gaan we kijken naar andere mogelijkheden'.