De werkplek: De sfeervolle vergaderplek van Paul Schnabel

Body: 

“Als universiteitshoogleraar mag ik doen en laten wat ik wil. Je bent een soort uithangbord voor de universiteit.” Socioloog en voormalig directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau Paul Schnabel is een veelzijdig persoon. En dat hij dit jaar met pensioen ging, wil dan ook zeker niet zeggen dat hij nu van een rustige oude dag aan het genieten is. 

“Als universiteitshoogleraar mag ik doen en laten wat ik wil. Je bent een soort uithangbord voor de universiteit.” Socioloog en voormalig directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau Paul Schnabel is een veelzijdig persoon. En dat hij dit jaar met pensioen ging, wil dan ook zeker niet zeggen dat hij nu van een rustige oude dag aan het genieten is. 

We zitten in de Faculty Club, Achter de Dom 7. Schnabel heeft nog geen eigen werkkamer bij de UU en spreekt met collega’s regelmatig hier af. Het heeft een paar maanden geduurd voordat wij een afspraak konden maken, maar als Schnabel vertelt wat hij in het dagelijks leven zoal doet, dan begrijp ik waarom. “Ik ben kroonlid van de SER, zit in het bestuur van vier musea, ben voorzitter van het Innovatiefonds Zorgverzekeringen en het Duitsland Instituut, commissaris van ING en ik zit in jury’s van bijvoorbeeld de P.C. Hooft-prijs en de Academische Jaarprijs.”

Voor de UU is Schnabel vertegenwoordiger van het Descartes Centrum en adviseur van Studium Generale. Zo nu en dan geeft hij colleges en begeleidt hij promovendi. En dan is hij ook nog eens vertrouwenspersoon voor wetenschappelijke integriteit. “Dan heb je met een aanstelling van slechts één dag in de week je tijd wel gevuld,” glimlacht hij. 

Schnabel geeft zo’n honderd tot honderdvijftig lezingen per jaar. “De avond van tevoren denk ik vaak ‘jeetje, waarom doe ik dit ook alweer?’, ik had ook gewoon met koffie op de bank kunnen zitten en televisie kunnen kijken.’ Maar als ik er dan sta, weet ik weer waarom ik dat niet doe.” 

‘Vrije tijd’ staat niet in het woordenboek van deze universiteitshoogleraar. “Maar ik heb ook geen hobby’s waar ik heel graag tijd aan zou besteden of iets dergelijks. Dit werk is voor mij vergelijkbaar met een hobby.” Pensioen? Voor Schnabel wordt het er alleen maar drukker op. “Ik heb geen secretaresse meer, geen chauffeur, geen computerjongen. Ik moet nu alles zelf regelen.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail