Foto: Pixabay

“Schokkend”. Helft studenten Sociale Wetenschappen gaat met coronaklachten gewoon naar universiteit

Body: 

Koortsig, hoesten, niezen of loopneus? Met dit type klachten blijft slechts de helft van de studenten van de faculteit Sociale Wetenschappen thuis. De rest komt gewoon naar een college of werkgroep. Dat blijkt uit een steekproef van de studentgeleding van de faculteitsraad. Een derde van de studenten zegt zich ook niet te laten testen als ze verkouden of grieperig zijn.

Read in English

Uit de resultaten van de korte vragenlijst die door 470 studenten is ingevuld, blijkt dat 49,79 procent een of meerdere keren met coronasymptomen naar de universiteit te zijn gegaan.

Slechts iets meer dan 18 procent zegt zich te laten testen als ze zich niet lekker voelen of een huisgenoot met corona hebben. Ongeveer de helft doet dat de ene keer wel en de andere keer niet. Meer dan 30 procent zegt nooit te testen.

Er is niet gevraagd of studenten een zelftest doen als ze klachten hebben. Dat beleid was te nieuw toen de vragenlijst werd rondgestuurd. De faculteit heeft in totaal zo’n 5600 studenten.

De studentgeleding besloot tot de snelle steekproef nadat drie studenten een brief hadden rondgestuurd waarin ze de aanwezigheidsplicht aan de kaak stelden. Studenten met coronaklachten zouden het risico op studievertraging niet willen nemen en toch naar de universiteit komen.

De resultaten werden dinsdag gepresenteerd tijdens een faculteitsraadsvergadering van Sociale Wetenschappen. De studentraadsleden betitelen de uitkomsten als “schokkend”.

Zorgwekkend
Decaan Marcel van Aken sprak in de vergadering van “zeer zorgwekkende” signalen. Mede naar aanleiding van de eerste resultaten van de enquête besloot het faculteitsbestuur vorige week al om alle studenten via mails nog een keer duidelijk te maken wat het beleid van de faculteit is.

Volgens de decaan is het van groot belang dat studenten zich aan de regels houden, zich laten testen of een zelftest doen, en thuisblijven bij klachten. Als ze daardoor in de problemen komen, kunnen ze met hun docenten, cursuscoördinatoren of studie-adviseurs in gesprek over oplossingen.

Opleidingen hebben studenten laten weten zich flexibel te willen opstellen en in de meeste gevallen bereid te zijn om na te denken over alternatieven waarmee studievertraging wordt voorkomen. Van Aken: “We begrijpen echt wel dat er lastige situatie kunnen ontstaan voor studenten, maar regels overtreden en andere mensen besmetten, is nooit de juiste weg.”

Perverse effecten
In de enquête van de studentgeleding was ook ruimte voor studenten om opmerkingen te plaatsen over het coronabeleid van de faculteit. De meeste daarvan gaan over het potentieel perverse effect van de aanwezigheidsplicht. Daarbij wordt gewezen op het gebrek aan mogelijkheden om colleges online te volgen. Ook zouden docenten studenten die de colleges online willen volgen via de computer van een studiegenoot als afwezig bestempelen.

Studenten geven verder aan vervangende opdrachten vaak als zwaarder te ervaren dan het bijwonen van een college. Ook klagen studenten dat ze sowieso maar mondjesmaat fysieke colleges hebben, sommigen zelfs helemaal niet. Volgens studenten biedt de UU vaak colleges online aan zonder de mogelijkheid te verkennen van colleges tot 75 deelnemers.

Op deze opmerkingen werd niet ingegaan in de faculteitsraad. Duidelijk werd wel dat de faculteit niet van plan is om de aanwezigheidsplicht af te schaffen. Die zou volgens decaan Van Aken worden toegepast om specifieke leerdoelen te behalen. “Dat loslaten zou ook voor de studenten zelf niet eerlijk zijn.”

Starre docenten
De studentraadsleden stelden waardering te hebben voor de mails die vorige week zijn verstuurd, maar vragen zich af of die voldoende zijn. Ze horen veel studenten die niet weten bij wie ze met vragen terechtkunnen en kwamen met eigen voorbeelden van de soms starre houding van docenten.

Ook zou er laatst een student niet naar de begrafenis van een grootvader zijn gegaan. Na een eerdere afmelding vanwege corona zou de student te horen hebben gekregen dat niet kon worden voldaan aan de aanwezigheidsverplichtingen van die cursus als er opnieuw een afmelding volgde. Ook die student wist niet hoe de kwestie moest worden aangekaart, zo werd opgemerkt.

Vicedecaan Leoniek Wijngaards erkende dat het genoemde voorbeeld erg wrang was, en zei de zorgen van de raadsleden serieus te zullen nemen. Maar zij vroeg daarbij ook aandacht voor de lastige positie waarin veel docenten zich bevinden. Zo had zij vernomen dat er bij de werkgroepen van 9 uur van een vak veel meer afmeldingen zijn vanwege coronagerelateerde klachten dan voor werkgroepen van 11 uur.

“Dat zijn wel zaken die meespelen voor docenten die willen dat studenten de leerdoelen van hun vak halen. Maar studenten moeten weten dat ze geholpen kunnen worden als dat nodig is en tot wie ze zich bij discussie of conflicten kunnen wenden.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail