Jesse Pinkman is de verslaafde hoofdpersoon uit de televisieserie Breaking Bad

De gedwongen keuze van de verslaving

Body: 

Verslaving is niet een persoonlijke keuze. De aard van de mens en zijn omstandigheden spelen een belangrijke rol. Dat is de teneur van de inzendingen van de columnwedstrijd voor de Nacht van Descartes. De Utrechtse student Frank Gerritse won de wedstrijd.

Verslaving is niet een persoonlijke keuze. De aard van de mens en zijn omstandigheden spelen een belangrijke rol. Dat is de teneur van de inzendingen van de columnwedstrijd voor de Nacht van Descartes. De Utrechtse student Frank Gerritse won de wedstrijd.

' Een 'verslaafd brein' bestaat niet, alleen verslaafden die slechte keuzes maken.' Dat stelt Harvard psycholoog Gene Heyman in zijn boek Addiction: A Disorder of Choice (2009). Hij vindt verslaving geen chronische ziekte; je kunt er immers op eigen kracht van af komen. DUB, Studium Generale en het Descartes Centre schreven een columnwedstrijd uit met de vraag op deze stelling te reageren. Tijdens de Nacht van Descartes op donderdag 25 oktober, waarbij het thema verslaving centraal stond, is de winnaar bekend gemaakt.

Bijna alle schrijvers twijfelen aan de stelling van Heyman dat verslaving alleen maar een verkeerde keuze van een persoon is die je – met een beetje moeite- zou kunnen herstellen. 'Verslaving is een biochemisch moleculair samenspel', schrijft Frank Gerritse, masterstudent van de medische researchmaster SUMMA, in zijn winnende column Op karakter. 'Aandachtige wetenschappers menen af en toe een Leitmotiv te bespeuren, maar in het algemeen lijkt de voorstelling meer op improvisatietheater dan opera.' Deels ligt het probleem volgens Gerritse besloten in de genen, maar er zijn ook onmiskenbaar andere externe invloeden.

De Groningse filosoof Ronald Hünneman ziet nog een andere opvallende oorzaak. In zijn column zegt hij dat veel schoothondjes verslaafd zijn aan damesdijen. En, zo vraagt hij zich af, in hoeverre verschilt deze verslaving van bijvoorbeeld de verslaving van het televisiepersonage Jesse Pinkman, de aan methamfetamine verslaafde junk uit de serie Breaking Bad. De dijenlust van schoothondjes is het gevolg van jarenlange gerichte teelt. De menselijke cultuur brengt vele artefacten voort, die deels manipulatief werken door in te spelen op ingeboren behoefte. Het artefact crystal meth sluit aan bij een noodlottige zwakte in de hersenen van Jesse Pinkman. Het verandert zijn gedrag. Crystal meth kiest Jesse en niet omgekeerd, zo beweert Hünneman.

'De verleidelijke eenvoud van het simpele schema ‘willen is kunnen’ schuift het probleem van vrije wil net iets te makkelijk onder het tapijt,', zegt Stefan van Weers uit Zutphen die zichzelf een ex-verslaafde noemt.  Je kunt geest en lichaam niet scheiden. 'Verslaving is zowel een verandering in de programmering van de pc, als een hardware-matige verandering in die pc.'

Toch is het zo dat de ene persoon een verslaving – drank, drugs, seks – makkelijker kan overwinnen dan de ander. De Utrechtse student Biomedische wetenschappen Frank Wolters nuttigt als student zo’n 25 glazen alcohol per week en noemt zich een sociale drinker. Het probleem treedt pas op als je de dwang naar meer niet meer kunt bedwingen, schrijft hij. Er zijn genoeg mensen die dat kunnen, maar vaak blijkt dat stress een uitlokkende factor voor verslaving is. Omgevingsfactoren spelen daarbij een rol, net als bij een depressie.

Je kunt natuurlijk ook nog zeggen dat verslaving een poging is te ontsnappen uit een wereld waar je niet wilt zijn. De Zeeuw Johan van Konijnenburg ziet dat zo. Als je naar een feestje gaat waar de sfeer niet bevalt, dan ga gewoon weer weg. 'Bij mijn geboorte ben ik op een feestje terechtgekomen waar ik na enige tijd achter kom dat dit niet mijn feestje is. Probleem is nu echter dat er geen andere feestjes zijn waar ik uit kan kiezen en ook niet mijn eigen feestje kan maken.' Je kunt dan volgens hem proberen het ongenoeglijke feestje te beïnvloeden door gebruik te maken van diverse middelen en dwangmatige handelingen.

Er is geen enkele deelnemer die verslaving alleen maar ziet als een ziekte. Het is een samenspel tussen ziekte, persoonlijkheid en omgeving. De Utrechtse student Ruben Noorloos constateert bijvoorbeeld dat verslaving wel degelijk te maken heeft met kiezen. Je kunt namelijk, ook al is het heel moeilijk, kiezen om je verslaving te beëindigen. Het is vaak zelfs een noodzakelijk voorwaarde om ervan af te komen. Die keuze is niet mogelijk bij een ziekte als kanker. Noorloos: 'kiezen om mijn kanker te beeindigen heeft geen enkele invloed op mijn kanker.' Je kunt verslaving volgens Noorloos wel behandelen als een ziekte, bijvoorbeeld door toediening van een medicijn als Buprenorfine. Met deze pil kunnen verslaafden functioneren alsof ze niet verslaafd zijn. Maar als je verslaving echt wil wegnemen dan zul je ook de diepere oorzaken moeten aanpakken.

Op karakter

Na redelijk wat jaren biomedische opleiding denk ik het wel te weten. Verslaving is, zoals alles in het leven een biochemisch moleculair samenspel. De hoofdrollen zijn weggelegd voor eiwitten met ingewikkelde namen als OPRM1, GABRA2 en ANKK1. Het script staat beschreven in de vier noten van het DNA. Het libretto van de luide opera van het leven. Bij lagere organismen is het verhaal daarmee prima te volgen en valt er - dikwijls hele akten - vooruit te lezen. Met het klimmen op de evolutionaire ladder wordt dat echter steeds lastiger. Op de sport van de mens menen aandachtige wetenschappers af en toe een Leitmotiv te bespeuren, maar in het algemeen lijkt de voorstelling meer op improvisatietheater dan op opera.

Bovendien speelt er behalve het script uit het DNA uiteraard meer mee: zoals bijvoorbeeld de theaterzaal waar het stuk wordt opgevoerd. Luidruchtig of weglopend publiek, beroerde akoestiek of een half afhangend doek met gaten. En misschien worden er wel eens rotte tomaten of eieren gegooid. Het milieu en de omgeving dus. Welke van al deze factoren nu het belangrijkst is voor een goede opvoering houdt in meer basale vorm de gemoederen eigenlijk al bezig sinds Plato en Aristoteles. En nog steeds worden verhitte nature versus nurture oorlogen uitgevochten in de loopgraven van talloze wetenschappelijke tijdschriften.

In de psychiatrie denkt men de strijd inmiddels wel beslecht te hebben. Helaas, geen overeenstemming over de belangrijkste etiologische factor van verslaving. Dat laten de psychiaters in het midden. Maar er lijkt wel consensus te zijn, een staakt-het-vuren zo u wilt, over het antwoord op de vraag of verslaving nu wel of niet gezien moet worden als een ziekte. Al sinds de allereerste editie van de DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders, 1952), het libretto van de geestesziekten, is er een hoofdstuk gereserveerd voor verslaving. Weliswaar eerst als persoonlijkheidsstoornis, tussen stoornissen als narcisme en de theatrale persoonlijkheidsstoornis en pas in latere edities als het losstaande ‘substance dependency/abuse’. Evengoed heel wat, bezien in de context van het pas twintig jaar later (1974) verdwijnen van homoseksualiteit als geestesziekte uit hetzelfde boekwerk.

De psychiaters beschouwen verslaving dus al decennia als een ziekte, gekoppeld aan een middelenafhankelijkheid. Maar is het daarmee ook te verklaren of mogelijk zelfs op te lossen? Goed, het gebruik van sommige middelen met een intrinsieke beloning resulteert geleidelijk in een verhoging van de drempelwaarde van de genotsbeleving resulteert zo in afhankelijkheid. En ja, beginhoogte en flexibiliteit van die drempel liggen deels besloten in de genen en zijn voor iedereen anders. En dan is er nog de onmiskenbare invloed van de omgeving; de blootstelling aan bepaalde middelen en andere externe invloeden.

Maar mogen wij als mens niet graag geloven dat wij in tegenstelling tot andere dieren het vermogen hebben ontwikkeld om, weliswaar tot op zekere hoogte en niet tijdens het voetbal, uit te stijgen boven en verzet te bieden aan onze (oer)driften en het ratio te laten zegevieren? Valt er dan ook geen verzet te bieden tegen de drug en zijn effect op onze drempels? Haast tegen beter weten in verzet bieden. Met pure wilskracht. De geest sterker dan het lichaam. Dat wat men in de wielrennerij zo mooi winnen op karakter noemt. Maar ook hier lijkt de ene persoon flink beter in te zijn dan de andere. Of zouden karakter en wilskracht ook slechts exponenten zijn van genen en omgeving? De verslavingsopera kent derhalve twee mogelijke finales. Het slotstuk is een genen-omgeving-cirkelredenering of een neerwaartse spiraal. Wellicht wordt in dat laatste geval het ontbreken van karakter dan ook tot officiële geestesziekte gepromoveerd. Een beangstigend scenario. Dan wordt de zorg pas écht onbetaalbaar.

Frank Gerritse

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail