Eredoctor Hugo Tempelman leest in de Domkerk zijn dankwoord voor. Foto DUB

Eredoctoraten voor groene technologie, hiv-aanpak en jongeren in conflictgebieden

Body: 

Bij de opening van het academisch jaar kregen drie wetenschappers een eredoctoraat van de Universiteit Utrecht. Met hun onderzoekthema’s zoeken de gelauwerden naar oplossingen voor maatschappelijke problemen. De keuze van deze wetenschappers passen goed bij de nieuwe slogan van de universiteit: Sharing science, shaping tomorrow.

Read in English

Dankbaar en vereerd voelden de drie wetenschappers zich maandag 6 september in de Domkerk bij het ontvangen van de kappa, een kap die ze over hun toga kunnen dragen, die het eredoctoraat van de Universiteit Utrecht symboliseert. Eigenlijk had de ceremonie in maart moeten plaatsvinden, bij de lustrumverjaardag van de universiteit. Maar die viering was alleen digitaal. Nu kon één wetenschapper echt aanwezig zijn en werden de andere twee gelauwerd via een liveverbinding.

Getraumatiseerde jeugd
Het eerste eredoctoraat ging naar Alcinda Honwana. Deze van oorsprong Mozambikaanse wetenschapper heeft zich gespecialiseerd op onderzoek naar jongeren in conflictgebieden, vooral in Afrika. Zij keek met name naar kindsoldaten. Ze bedacht het begrip ‘waithood’ wat staat voor de soms langzame, moeizame en regelmatig traumatiserende overgang van kind naar zelfstandige volwassene.

Honwana was in 2007 al in Utrecht toen ze een jaar de Prins Clausleerstoel bekleedde. Dit is een wisselleerstoel waaraan prins Claus zijn naam heeft verbonden en die veelbelovende wetenschappers uit ontwikkelingslanden voor een jaar hoogleraar maakt. Ze werkt nu onder meer bij de Verenigde Naties op de Department of Economics and Social Affairs als adviseur op het gebied van sociale inclusie en het terugdringen van ongelijkheid. Eerder was ze lange tijd verbonden aan het Firoz Lalji Institute for Africa van de London School of Economics & Political Science.

Slimme groene technologie
Daarna was het de beurt aan de Venelozaans-Britse Carlota Perez. Zij is pas op latere leeftijd onderzoek gaan. “In mijn werk als ambtenaar in de jaren 70 zag ik hoe belangrijk olie was voor bijna alles in het leven. Ik ontdekte ook dat alle technologische ontwikkeling in deze industrie op zijn laatste benen liep. Het begon mij te dagen dat olie vervangen zou gaan worden door micro-technologie en die transformatie heeft grote maatschappelijke en sociale gevolgen gehad. Dat is mijn onderzoeksgebied geworden.” Perez ging naar Californië om onderzoek te doen en ontwikkelde zich als een autoriteit op het gebied van technologische ontwikkelingen in historische context. Ze zag in de praktijk dat overheden de snelle technologische ontwikkelingen niet goed kunnen bijbenen. Ze publiceerde het invloedrijke boek  Technological Revolutions and Financial Capital: The Dynamics of Bubbles and Golden Ages. Daarin constateert ze golfbewegingen in hoe de samenleving omgaat met technologische ontwikkelingen.

Vanuit Sussex hield ze het publiek in de Domkerk voor dat ze een positieve ontwikkeling verwacht. Die heeft alles met duurzaamheid te maken. Ze noemt het de ‘smart green growth’ waarbij we met de nieuwste technologie kunnen werken aan een meer duurzame samenleving. “Al zal dat niet vanzelf gaan. We moeten er wel hard voor werken”, voegt ze nog toe. Op dit moment is ze verbonden aan het University College Londen. Ze is nog altijd een adviseur van vele organisaties, waaronder de Europese Unie. Ze doet mee aan het project Deep Transitions dat door Johan Schot, de Utrechtse hoogleraar Global History and Sustainability Transitions is opgericht en dat vanuit historisch perspectief onderzoek doet naar sociaal technologische systemen die de ruggengraat vormen van onze hedendaagse samenleving.

Meer dan alleen een hiv-kliniek
De Zuid-Afrikaanse hoogleraar Hugo Tempelman was fysiek aanwezig in de Domkerk. Ook hij onderhoudt nauwe contacten met de Universiteit Utrecht. Hij was van 2007 tot 2012 gastdocent die masterstudenten van Sociale Wetenschappen en promovendi van het Universitair Medisch Centrum begeleidde.

Zijn werk is eveneens verbonden met de praktijk. Hij bouwde 26 jaar geleden een kleine hiv-polikliniek in een van de armste regio’s van Zuid-Afrika. De kliniek die Ndlovu heet en olifant betekent in het Zulu, is inmiddels een gevestigde naam, als niet gouvernementele organisatie (ngo) en hiv- kliniek, zowel nationaal als internationaal. De kliniek beschikt over een eigen apotheek, laboratorium en röntgenvoorziening. Tempelman kijkt verder en zorgt ook voor voedselpakketten voor mensen in de regio om te voorkomen dat ze ziek worden of sterven. Zijn kliniek is op dit moment als een van de weinige laboratoria in die regio gecertificeerd voor het uitvoeren van Covid-19 diagnostiek met moderne PCR-methoden.

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail