Faculteit Rebo kan vacatures universitair docenten moeilijk vullen

Body: 

Het is een vreemd dilemma: krijg je geld van het College van Bestuur om nieuwe docenten aan te nemen, kun je ze niet altijd de door hen gewenste onderzoektijd bieden. In deze spagaat zit de faculteit Recht, Economie, Bestuur & Organisatie.

Het is een vreemd dilemma: krijg je geld van het College van Bestuur om nieuwe docenten aan te nemen, kun je ze niet altijd de door hen gewenste onderzoektijd bieden. In deze spagaat zit de faculteit Recht, Economie, Bestuur & Organisatie.

De Rebo-faculteit heeft geld van de universiteit gekregen om meer docenten aan te nemen. Dit om kleinschalig, intensief onderwijs beter mogelijk te maken. Meer docenten betekent kleinere klassen. Inmiddels heeft de faculteit al veel nieuwe medewerkers aangenomen van dit geld, maar het blijkt niet altijd mogelijk om alle vacatures te vullen.

“Van het geld dat we hebben gekregen voor het kleinschalig, intensief onderwijs, kunnen we docenten een fulltime contract aanbieden met slechts een dag in de week onderzoekstijd. Dit is het zogenoemde onderwijs gebonden onderzoek. Voor juniordocenten volstaat dit, maar we willen ook graag universitair docenten aannemen”, zegt decaan Annetje Ottow. “Het is wenselijk dat er voor universitaire docenten (UD’s) meer onderzoekstijd beschikbaar is.”

De financiering voor de extra onderzoekstijd moet de faculteit zelf betalen en hoewel de begroting van Rebo dit jaar en de komende jaren een overschot laat zien, is Ottow beducht om de reserves meteen uit te geven. “Het gaat voor een groot deel om tijdelijke overschotten. Een UD met een vast contract is een structurele uitgave.”

Volgens Ottow is het momenteel lastig een UD te krijgen die genoegen neemt met één dag onderzoek in de week. “Wij ondervinden veel concurrentie vanuit overheden, bedrijven en andere rechtenfaculteiten als het gaat om bepaalde, gepromoveerde juristen. Aio’s die promoveren in het bestuursrecht zijn bijvoorbeeld heel gewild.

“We zijn die promovendi snel kwijt als we het werk aan de universiteit onvoldoende aantrekkelijk maken. We moeten ze bijvoorbeeld voldoende onderzoeksruimte kunnen bieden. Nu is het overigens wel heel goed dat aio’s na het promoveren buiten deze universiteit aan de slag gaan, maar de markt is voor sommige gebieden zeer schaars. Om de kwaliteit van onderzoek en onderwijs op peil te houden, moeten we ze langer kunnen vasthouden.”

Een extra complicatie bij het vinden van UD's in de toekomst is dat het aantal gepromoveerden gaat teruglopen bij de faculteit, zo is de verwachting. Bij het departement Rechten worden enkele aio’s nog betaald uit de universitaire middelen, de eerste geldstroom. Hierin vormt Rechten een uitzondering binnen de universiteit waar aio’s gefinancierd worden met geld uit de tweede of derde geldstroom (geld uit onderzoek in opdracht of uit beurzen). REBO overweegt aio’s niet meer te financieren uit de eerste geldstroom. Dit levert enige zorg op bij de faculteitsraad, want het departement Rechtsgeleerdheid haalt relatief minder aio’s binnen uit externe fondsen. “Die zorg deel ik”, zegt Ottow. “Vooral ook omdat daardoor nog minder gepromoveerden op de markt komen die je kan aantrekken als universitair docent.”

Onlangs melden ook de faculteiten Geesteswetenschappen en Bèta dat zij onderzoeksgeld te kort komen.

 

advertentie

Facebook Twitter Whatsapp Mail