Isabel Arends in gesprek met studenten en medewerkers van de faculteit na haar speech. Foto DUB

Nieuwe bètadecaan: 'Verstandig groeien belangrijkste opdracht'

Body: 

De eerste honderd dagen. Zo was haar speech aangekondigd. Isabel Arends is sinds 1 juli decaan van de Utrechtse faculteit Bètawetenschappen. Afgelopen dinsdag presenteerde zij haar bevindingen tot nu toe en haar ambities voor de komende jaren.

Read in English

Het kan verkeren. De vorige bètadecaan Gerrit van Meer moest in zijn eerste rede voor de facultaire gemeenschap een moeilijke reorganisatieboodschap brengen. Acht jaar later ziet de uit Delft overgekomen Isabel Arends het beteugelen van de forse groei van de faculteit als één van haar grootste opgaven.

Het maatschappelijk belang en aanzien van de bètawetenschappen stijgt immers, zo blijkt onder meer uit de nieuwe onderzoeksfondsen die de minister beschikbaar stelde voor landelijke sectorplannen. En ook de populariteit bij studenten, nationaal en internationaal, neemt toe. Binnen de UU staan enkele nieuwe onderwijsinitiatieven, waaronder een Engelstalige lifesciencebachelor, op stapel.

Dit alles zorgt onder meer voor zorgen over huisvesting en over de kwaliteit van het onderwijs bij sommige opleidingen. Arends: “Op dit moment ziet het er naar uit dat we in 2025 met 20 procent zijn gegroeid, zowel in onderzoeksmiddelen als in studentenaantallen. Dat is heel goed nieuws, maar hoe zorgen we voor duurzame groei? We moeten slimme keuzes maken.”

Vele commissies
In een volle Mezzanine van het Minnaertgebouw bracht Isabel Arends dinsdagmiddag verslag uit van wat ze heeft meegemaakt en geleerd tijdens de vele kennismakingsgesprekken met studenten en medewerkers. De overstap van “Delfts blauw” naar de “Utrechtse zon” is haar goed bevallen. In haar rondgang is ze onder de indruk geraakt van de kwaliteit van het onderzoek, van de onderzoeksinfrastructuur, van het onderwijssysteem, van de vernieuwingsdrang en van de omvang van de faculteit. “En zeker ook van de betrokkenheid van iedereen.”

Er waren ook zaken waar Arends toch even aan moest wennen. Met medezeggenschap had ze nog niet heel veel ervaring opgedaan als hoogleraar in Delft, maar de kennismaking met universitaire inspraak is haar goed bevallen. Ook de Utrechtse neiging om voor alles een commissie in het leven te roepen, was nieuw voor haar. “Soms is dat slim, maar het moet niet zo zijn dat iedereen voorzitter van een commissie is. Ik was gewend aan een meer hands on-aanpak.”

Rondetafelgesprekken
Naast het ontwikkelen van een visie op een verstandige groei van de faculteit, formuleerde de decaan nog twee andere opdrachten voor zichzelf. In de eerste plaats gaat het daarbij om het verbeteren van de relaties van de faculteit met de buitenwereld. “De contacten met andere onderzoekers wereldwijd zijn heel goed, maar hoe zit het met de banden met Utrecht, met alumni, met ministeries, met ngo’s. Als we echt willen helpen om maatschappelijke vraagstukken op te lossen dan zullen we naar die partijen moeten luisteren. Daarbij wil ik helpen.”

Daarnaast wil Arends zich richten op het verder verbeteren van de onderlinge relaties binnen de faculteit, onder meer door de faculteitsdag leven in te blazen. Ook het ondersteunen van jonge wetenschappers en het slechten van muren tussen de twee graduate schools (lifesciences en natural sciences), vindt Arends belangrijk. Verder kondigde zij aan alle medewerkers, wetenschappers en ondersteuners, in alfabetische volgorde uit te gaan nodigen voor rondetafelgesprekken over thema's als open science, academische loopbanen en diversiteit.

Aan het einde van haar speech kwam de decaan met een citaat van Darwin waarmee ze benadrukte dat het er niet om gaat dat de bètafaculteit de grootste of sterkste van Nederland is, maar dat zij het beste weet om te gaan met de veranderende omstandigheden. En om dat te bereiken, is de betrokkenheid van alle studenten en medewerkers nodig en gewenst, zo sloot Arends af.

Facebook Twitter Whatsapp Mail