Maar één op de vijf studenten heeft warme gevoelens voor ‘Universiteit Utrecht’

Body: 

Slechts 20 procent van de studenten voelt een band met ‘de instelling’ Universiteit Utrecht. De genegenheid voor de eigen Utrechtse opleiding is veel groter.

Slechts 20 procent van de studenten voelt een band met ‘de instelling’ Universiteit Utrecht. De genegenheid voor de eigen Utrechtse opleiding is veel groter: bijna zeven op de tien studenten zeggen zich wél betrokken te voelen bij de studie die ze volgen.

Veel studenten van de UU ervaren de universiteit als groot en massaal. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport Communityvorming Universiteit Utrecht (pdf) dat de Stichting OER afgelopen najaar presenteerde. Ook de verspreiding van de verschillende opleidingen over de stad zorgt ervoor dat je moeilijk een band opbouwt met de universiteit als geheel, laat staan dat je daar trots op bent.

De onderzoekers vroegen 1705 Utrechtse studenten naar hun opinies over ‘communityvorming’. Ook gaven 38 studenten in verdiepingsgesprekken hun mening.

Uit het onderzoek blijkt dat maar liefst 42,5 procent aangeeft zich "helemaal niet betrokken" te voelen met de UU als geheel. Eén op de vijf van de ondervraagden (20,2 procent) zegt wel een band te voelen met de universiteit als instituut. De meeste studenten voelen al een iets grotere verbondenheid met hun faculteit (31,8 procent), maar zeker met hun eigen opleiding (66,8 procent).

De universiteit vindt het belangrijk dat Utrechtse studenten het gevoel hebben deel uit te maken van een gemeenschap van studenten en docenten. Dat draagt bij aan een ambitieuzer studieklimaat, zo is de gedachte. Ook studenten denken dat ze meer tevreden zijn en beter presteren als ze binnen zo’n community colleges volgen, blijkt uit het OER-rapport. Ze hebben daarentegen niet het idee dat ze er sneller door afstuderen.

De respondenten van het OER-onderzoek associëren ‘communityvorming’ vooral met de groepsvorming binnen werkcolleges. Met name docenten kunnen dan een belangrijke bijdrage leveren, bijvoorbeeld door het geven van persoonlijke begeleiding. Dat lukt de meeste docenten overigens behoorlijk goed, volgens de ondervraagde studenten. Maar ook andere factoren, zoals een gezellige mooie onderwijslocatie en goede computerfaciliteiten, kunnen helpen bij het bevorderen van de onderlinge relaties.

Opvallend is dat eerstejaars studenten en masterstudenten vaker een hechtere band voelen met hun studie dan tweede en derdejaars bachelors. Een verklaring daarvoor zou kunnen zijn dat er in het eerste jaar van een opleiding veel introductie- en kennismakingsactiviteiten plaatsvinden. Daarnaast blijken studenten die het minder druk te hebben met hun studie ook minder betrokken te zijn dan studenten die zeggen hard te werken.

Studieverenigingen dragen volgens de studenten ook bij aan de band met een opleiding. De rol van studentenverenigingen is veel ambiguer. Leden beschouwen de vereniging niet als onderdeel van de universiteit. Wie het gezellig heeft bij Veritas, ziet dat dus niet als communityvorming binnen de universitaire gemeenschap.

De respondenten hebben overigens nog wel tips om de band tussen studenten van verschillende opleidingen te versterken en daarmee mogelijk ook die met de universiteit als geheel: laat faculteiten gezamenlijke vakken aanbieden, zorg voor interdisciplinaire cursussen en biedt een gezamenlijk extracurriculair programma aan, bijvoorbeeld via Studium Generale.

Op dit moment werkt Stichting OER aan een onderzoek naar het tutoraat binnen de UU. Klik hier voor de enquête.

Facebook Twitter Whatsapp Mail