Josine Blok ten tijde van haar benoeming als hoofd van het departement Geschiedenis en Kunstgeschiedenis, foto Faculteit Geesteswetenschappen

Afzwaaiend hoogleraar: ‘We kunnen leren van Athene’

Body: 

Hoogleraar Oude Geschiedenis Josine Blok geeft 11 oktober haar afscheidscollege. Met haar vertrek verdwijnt ook een expertise uit de Universiteit Utrecht: de Griekse geschiedenis van de archaïsche en klassieke tijd. Maar haar ideeën om de democratie te vernieuwen naar oud-Grieks model blijft ze uitdragen.

Vuur trekt de aandacht. In de kamer van Josine Blok aan de Drift hing al voor haar komst een affiche met een afbeelding van een brandend huis, Griekse letters en het jaartal 1999. Het is een theateraankondiging van een Aeschylus-vertolking over de Perzische oorlogen. In 480 en 479 legden de Perzen het af tegen de Griekse verzamelde alliantie. Blok liet de ingelijste poster bewust hangen. “Het is een heel bijzonder toneelstuk. Schrijver Aeschylus reflecteert op het verliezen van de veldtocht. Hij verdiept zich in wat dit heeft veroorzaakt bij de tegenstanders, terwijl hij zelf heeft meegevochten. Jezelf voorstellen wat oorlog voor de ander betekent, dat vind ik een ongelooflijk cultureel-psychologische stap. Terwijl het conflict tegenwoordig in allerlei grote Hollywoodfilms, zoals 300: Rise of an Empire, enorm wordt gepolariseerd als een strijd tussen vaak Westerse helden tegen de vreselijke Oosterse dreiging. Dat zijn karikaturale voorstellingen van zaken die meer inspelen op hedendaagse politieke onfrisse standpunten dan op de situatie in de vijfde eeuw.”

Het is niet voor het eerst dat Blok de hedendaagse actualiteit tegen het licht van de oudheid houdt. Onlangs deed ze dat ook in actualiteitenprogramma Nieuwsuur, waarin ze werd geïnterviewd, omdat met haar afscheid ook een expertise verdwijnt. De Archaïsche (vrij vertaald: uit het begin, red) en klassieke Griekse geschiedenis wordt niet op hoogleraarsniveau voortgezet. Dat doet pijn.

Blok beschreef in heldere bewoordingen het belang van haar vakgebied, de werking van de democratie van het oude Athene. “Populistische bewegingen, leiderschapskwesties, wantrouwen tegen partijen. Er is behoefte aan een soort vernieuwing van ons stelsel. En ik denk dat het soort onderzoek dat ik doe, kan helpen om hier helderheid in te brengen.”

Ze kreeg enorm veel begripvolle reacties op de uitzending, louter positief. Bestuurlijk gezien snapt ze de keuze van de Universiteit Utrecht om voor haar geen nieuwe hoogleraar aan te stellen. “Er is al een hoogleraar oudheid, zij het de late oudheid. Leonard Rutgers, een fantastische wetenschapper, kwam eerder over vanuit de afdeling Theologie. Toevalligerwijs waren we toen met z’n tweeën. Dan snap ik dat het bestuur van mijn departement er nu voor kiest om geen tweede hoogleraar oudheid aan te stellen, want die is er al. Alle begrip van mijn kant. Maar voor mijn vakgebied is het heel vervelend.”

Behoefte aan vernieuwing van ons stelsel. Wat bedoelt u daar precies mee?
“Er is een behoorlijk grote internationale beweging die zich inzet voor het inrichten van een burgercollectief dat door middel van loting wordt samengesteld. Zo’n collectief komt niet in plaats van de gekozen volksvertegenwoordiging, maar ernaast. Doordat de leden van het collectief door loting zijn gekozen, krijg je dus een heel andere selectie uit de bevolking dan bij verkiezingen. Een bekend voorbeeld is de voorbereiding van een grondwetswijziging in Ierland ten aanzien van het afschaffen van het verbod op abortus en het homohuwelijk. Een gelote groep van burgers mocht dit voorbereiden. Het heeft heel goed gewerkt. De keuze die vervolgens in een referendum aan de burgers werd voorgelegd was geen Ja of Nee, maar had verschillende varianten. De inspiratie voor deze vernieuwing komt uit het oude Athene.”

Kunt u dat uitleggen?
“Net als bij ons had de democratie in Athene een kleine sector van belangrijke functies waarvoor mensen werden gekozen. Maar er was ook een grote sector met functies die werden ingevuld door gelote burgers. Omdat verschillende burgers anders in het leven staan, heeft dit instrument een heel ander effect dan bij alleen maar gekozen mensen. Over dit soort ontwikkelingen kun je intensief denken en discussiëren. Athene is gewoon hét voorbeeld. Dan lijkt die 2500 jaar echt heel kort geleden.”

In Athene werkte het goed. Er kwam besluitvorming die breed gedragen werd. Blok ziet voor deze tijd een burgercollectief dan ook als een beter instrument voor invloed van burgers dan referenda. Voor de problemen die referenda met zich meebrengen, noemt zij twee voorbeelden: de Brexit en het Oekraïne-referendum. “Bij de Brexit vroeg men alleen: ‘Moet Groot-Brittannië in de EU blijven of eruit stappen?’ Het gros van de Britse bevolking was slecht geïnformeerd en had geen idee waar ze met een Vote Leave voor kozen.” Het Oekraïne-referendum was volgens Blok hetzelfde verhaal. “Daar zaten bovendien de mensen die überhaupt geen referendum wilden ook nog eens vast. Als je niet stemde, dan gaf je misschien wel de anderen de overhand. Maar als je wel ging, dan steunde je de kiesdrempel van 30 procent. En wie wist waar hij op stemde? Geen mens.”

Blok ziet alleen een goede werking van referenda als een groot burgercollectief zich er eerst over heeft gebogen. Maar burgercollectieven kunnen volgens haar meer dan alleen referenda voorbereiden en ze voldoen meer dan referenda aan belangrijke democratische vereisten, zoals ruimte voor minderheidsstandpunten en compromissen.

Hoe ziet u dat voor zich in Nederland?
“Het zou toch mooi zijn als je een burgerlichaam had naast de Tweede en Eerste Kamer, maar dat zijn zulke enorme stappen, dat is nog ver weg. Maar er zijn in Nederland kwesties waarbij een burgercollectief soelaas kan bieden. Neem het feit dat we klem zitten tussen de economie aan de ene kant en het klimaat aan de andere kant. Dan zou een burgercollectief het beleid mede kunnen vormgeven. Of neem de Zwarte Piet-discussie. Dat zijn zulke ingewikkelde complexe culturele kwesties, waarin allerlei groepen in de bevolking verschillende gevoelens en standpunten hebben, die niet adequaat door politieke partijen kunnen worden verwoord. Voor zulke kwesties zou je heel goed burgercollectieven kunnen samenstellen.”

Een Zwarte Pieten-collectief. En wat nou als daarin radicale tegenstanders en voorstanders zitten?
“Dat risico is levensgroot, maar daarom moet je een grote groep samenstellen. Neem een groep van zestig mensen, ik verzin maar iets, willekeurig gekozen, uit alle delen van het land. Dan krijg je een gemiddelde van verschillende standpunten van mensen die met elkaar praten en naar elkaar luisteren. Maar zo’n groep moet wel goed ondersteund en begeleid worden.”

Voor de goede orde: ze is geen politicoloog, maar weet wel hoe het er allemaal aan toe ging in het oude Athene. Ze zit in gespreksgroepen met verschillende wetenschappers die iets kunnen hebben aan haar inzichten. En vice versa wordt Blok zelf weer gevoed. Dat ze 11 oktober officieel afscheid neemt, betekent niet dat alles direct stopt. "Mijn functie hier houdt op, dat is helemaal prima. Zo is het. Maar dat betekent niet dat de rest van mijn leven stopt. Ik heb nog voor jaren uitnodigingen aan lezingen, aan bijdragen, aan papers. Wel is het hoogleraarschap erg veeleisend en heb ik straks als emeritus hoogleraar tijd voor andere dingen. Ik ga genieten van mijn schattige kleinkinderen, daar heb ik echt te weinig tijd voor gehad. En wellicht ga ik de politiek in. Daar denk ik over na. Maar nogmaals, ik zit tot nu toe tot ver in 2020 vol.”

Internationaal wordt naar Utrecht gekeken als het gaat om de klassieke Griekse geschiedenis. Bent u niet aan het lobbyen om uw vakgebied tóch te behouden in de Domstad?
“Ik heb tijdig tegen mijn toenmalige departementshoofd en tegen mijn decaan gezegd: ‘Moet je horen, als ik weg ga heb je die en die situatie in Nederland in mijn vakgebied. Wil je dat tot je door laten dringen als je bestuurlijke stappen neemt?’ Dat heb ik een paar maal gezegd. En dat was het. Daarmee is de kous af.’ Verder houdt universitair docent Floris van den Eijnde een oogje in het zeil op mijn postdocs en promovendi die ik nog begeleid. En het departement heeft toegezegd om te proberen één van mijn goede postdocs te behouden. Ik zelf ben nog in de coulissen aanwezig. Als mens kun je niet alles, ik moet ook dingen loslaten. Maar ik zou het natuurlijk ontzettend leuk vinden als de reputatie van Utrecht als centrum van dit vakgebied in Nederland gehandhaafd zou blijven.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail