Gaan of blijven: Internationale studenten vinden taal een obstakel

Body: 

Internationale studenten zouden na hun studie graag in Nederland werken. Maar het feit dat ze niet of nauwelijks Nederlands spreken, is een belangrijke hindernis om te blijven. Ze voelen zich toch een buitenstaander. Dat blijkt uit een aantal interviews van DUB met internationale studenten over de vraag: wil ik na de studie blijven of gaan?

Read in English

Internationale studenten die in ons land afstuderen, zijn goed voor de binnenlandse economie. De afgestudeerden die voorgoed voor Nederland hebben gekozen, betalen volgens internationaliseringsorganisatie Nuffic naar verhouding veel belasting. Dit levert de schatkist jaarlijks 1,64 miljard euro op. De arbeidsparticipatie van een afgestudeerde internationale student is na 5 jaar net zo hoog als die van de arbeidsparticipatie van de Nederlandse bevolking tussen de 15 en 75 jaar.

Ondanks dat steeds meer internationale studenten naar Nederland komen, daalt het aantal internationals dat zich uiteindelijk in ons land vestigt. Dat stond begin oktober in een Nuffic-rapport. De zogenaamde stayrate, het percentage internationale afgestudeerden dat na vijf jaar nog steeds in Nederland woont, is in zes jaar tijd gedaald van 29 procent in 2006 naar 22 procent in 2012.

Wij vroegen een aantal internationale master studenten naar hun persoonlijke beweegredenen om straks wél of juist niet in Nederland te blijven wonen.

Simone de Jong: ‘Nederland verandert in een hub voor jonge afgestudeerde internationals’
Simone komt uit New York. Zij bezit een bachelor Sociale Wetenschappen en staat op het punt om aan een master Communicatie Wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam te beginnen. “Ik ben ervan overtuigd dat Nederland veel te bieden heeft voor iemand die in het bezit is van een master Communicatie Wetenschappen. Veel grote organisaties, zoals de EU, de Verenigde Naties en allerlei ngo’s hebben kantoren in Nederland. Grote steden in dit land hebben een relatief grote internationale gemeenschap die continu groeit. Dit land verandert in een hub voor jonge, internationale afgestudeerden die op zoek zijn naar carrièremogelijkheden binnen de eerder genoemde sectoren. Ik zou hier graag een baan willen vinden.”

Hoewel Simone dankzij haar Nederlandse vader door veel mensen niet direct als ‘buitenlander’ wordt beschouwd, voelt ze zich niet altijd even geaccepteerd door iedereen. “Je wordt niet volledig opgenomen binnen de gemeenschap totdat je de taal spreekt en jezelf op een Nederlandse manier presenteert. Hoewel de Nederlanders een ruimdenkend volk is, bestaat er tegelijkertijd nog steeds een onderliggend gevoel van exclusiviteit.”


Anurag Sawant: ‘Ik heb veel respect voor de Nederlandse werkethiek’
Anurag is afkomstig uit India en volgt sinds twee maanden de master Sustainable Development. Hij is erg positief over de Nederlandse werkethiek: “Kijkend naar mijn korte ervaring als masterstudent moet ik zeggen dat ik enorm veel respect heb opgebouwd voor de Nederlandse bedrijfscultuur. De effectieve manier van werken waardeer ik enorm. En zou ik graag willen overnemen. Ik kijk er erg naar uit om hier in de sector van het energiemanagement sector te gaan werken.”

Hij heeft het idee dat een langer verblijf in Nederland veel voordelen met zich meebrengt. Anurag: “Ik zou hier graag een baan willen vinden. Binnen mijn specifieke sector zal ik constant de mogelijkheid hebben om meer ervaring en kennis op te doen. De voorhoede van de wetenschap bevindt zich hier en ik kan alleen voldoende kennis op doen door hier voor langere tijd te werken.”

De Nederlandse bevolking vindt Anurag vriendelijk, maar het duurt wel een tijd voordat ze je volledig toelaten binnen hun wereld. “De mensen zijn hier erg vriendelijk. Je moet ze alleen wel een beetje ‘pushen’ voordat ze zich aan je openstellen.”


George Lund: ‘Ik wil mijn toekomstmogelijkheden niet beperken’
George komt oorspronkelijk uit het Verenigd Koninkrijk en volgt momenteel de master Earth, Life and Climate bij Geowetenschappen. George ziet grote kansen om een baan te vinden binnen deze sector. “Tot nu toe zijn er tijdens mijn master veel gastsprekers van milieuorganisaties op bezoek geweest om te spreken over wat ze allemaal doen en hoe ze hun doelen proberen te bereiken. Iedere keer dat dit gebeurt krijg ik het idee dat deze sector een bloeiende toekomst tegemoet gaat binnen het huidige politieke klimaat.”

Hoewel George zijn toekomstkansen in Nederland positief inschat, sluit hij niet uit dat hij na het afronden van zijn master toch ergens anders heen gaat om nog meer ervaring op te doen. “Ik sta open om in Nederland te gaan werken. Anders zou ik hier niet hier zijn komen studeren. Toch sta ik ook open voor een toekomst elders. Het zou geweldig zijn om veel internationale ervaring op te bouwen. Ik wil mijn toekomstmogelijkheden niet beperken, dus ben ik zeker bereid om naar andere landen te kijken. Ik heb op dit moment één land in gedachten, namelijk Zweden. Dat land is erg goed in het aanpakken van milieuproblemen en het zou een geweldige plek zijn om te leren van hun manier van werken.”

George denkt dat de taalbarrière de mogelijkheden om een baan te vinden enigszins beperkt, maar als hij voor langere in Nederland zou blijven, is hij wel bereid om tijd en moeite te nemen om Nederlands te leren.


Rob Mc Donald: ‘Bij de meeste vacatures verwachten ze dat je zowel Nederlands als Engels spreekt’
Rob komt oorspronkelijk uit Ierland en is in september begonnen aan zijn eenjarige master-opleiding genaamd Business Development and Entrepreneurship. Oorspronkelijk was hij van plan om dit jaar in Ierland aan het werk te gaan, maar dankzij een spontane beslissing om toch verder te studeren is hij in Utrecht beland. Na het afronden van zijn studie wil hij graag voor de Ierse overheidsorganisatie ‘Enterprise Ireland’ in een grote stad zoals Hong Kong of New York gaan werken. Volgens Rob speelt de taalbarrière een belangrijke rol bij zijn beslissing om zich hier niet permanent te vestigen. Rob: “Het grootste obstakel bestaat uit de Nederlandse taal. De meeste vacatures binnen mijn sector verwachten dat je zowel Nederlands als Engels spreekt, omdat dit wel zo makkelijk is binnen het bedrijf.”

Hoewel hij zichzelf dus graag in een internationale wereldstad zou vestigen ziet Rob zichzelf op een gegeven moment wel weer terugkeren naar Nederland. “Ik zou absoluut terugkomen naar Nederland. Jullie hebben hier een geweldig land en ik houd erg van het leefritme hier.”

Facebook Twitter Whatsapp Mail