Hogeronderwijsmedia in crisistijd ‘Agendajournalistiek is nu overboord’

Body: 

Universiteits- en hogeschoolmedia  zetten alle zeilen bij om verslag te doen van de coronacrisis. Informeren, verbinden en kritische vragen stellen vanuit huis valt niet altijd mee, zeggen de hoofdredacteuren. Maar de artikelen worden beter gelezen dan ooit.

Na de jaarwisseling neemt het aantal berichten in de Nederlandse media over een nieuw Chinees longvirus langzaam toe. Hogescholen en universiteiten houden een vinger aan de pols en zoeken contact met studenten die in China zitten, of die daar net zijn geweest.

Maar covid-19 verspreidt zich als een inktvlek over de wereld en na een grote uitbraak in Noord-Italië ontspringt ook Nederland de dans niet. Het virus grijpt om zich heen en medio maart sluiten alle hogescholen en universiteiten hun deuren.

Stroomversnelling
Vanaf dat moment komt het hogeronderwijsnieuws in een stroomversnelling. Prangende vragen stapelen zich in rap tempo op: online onderwijs, hoe doe je dat? Wat gebeurt er met het bsa? Hoe moeten studenten tentamens maken? Komt het onderzoek stil te liggen? Keren uitwisselingsstudenten terug naar huis?

“De eerste drie, vier weken waren behoorlijk vermoeiend en druk”, zegt Maaike Platvoet van U-Today (Universiteit Twente). “We moesten natuurlijk van alles uitvinden: via welk systeem vergaderen we? Welke regels hanteren we? Journalistiek gezien was het allemaal ontzettend interessant wat er gebeurde. We hadden volop te schrijven en bruisten van de ideeën.”

Liveblogs
Vanuit hun thuiskantoren storten de redacties zich op het coronanieuws. Er worden liveblogs gestart, videoseries gemaakt en nieuwe lockdown-rubrieken bedacht.

“We maken geen papieren magazine meer, want we kunnen het niet verspreiden”, vertelt Marieke Schilp van Ad Valvas (Vrije Universiteit). “Sinds een week hebben we besloten ook geen online magazine meer te maken. Dus nu is alle aandacht gericht op onze website, en zijn we in alle haast een nieuwsbrief aan het ontwikkelen.”

De inzet van de redacties levert bijzondere verhalen op. Zo stelt het Leidse Mare al snel het ‘online proctoring’ aan de kaak; Punt (Avans Hogeschool) spreekt een student die corona kreeg maar toch afstudeerde met een negen; DUB (Universiteit Utrecht) schrijft over een reddingsoperatie van studenten die vastzaten in Guatemala; Trajectum interviewt gebarentolk en kersverse BN’er Irma Sluis, voormalig student van de Hogeschool Utrecht; en het Rotterdamse Erasmus Magazine bereikt bijna alle landelijke en veel internationale media met een verhaal over de vondst van een antilichaam tegen het virus.

Coronamoe
Een aantal hoofdredacteuren schat dat zo’n 80 procent van hun berichten verband houdt met de coronacrisis. Maar bij de meeste redacties ligt dat aandeel nog hoger, op ruim 90 procent.

“Binnen de redactie was er ook wel discussie”, zegt Ries Agterberg van DUB. “Worden mensen niet coronamoe? Maar het blijft toch het voornaamste issue.”

Dat blijkt bij meerdere redacties ook uit de forse stijging van het aantal pageviews en bezoekers. “Maart was onze best bezochte maand ooit”, zegt Annemarie Haverkamp van Vox (Radboud Universiteit). Ook Rob Siebelink van de Groningse UKrant meldt dat “alle records” zijn verbroken. Het antilichaamverhaal van Erasmus Magazine trekt ruim 400.000 unieke bezoekers naar de website.

Het blijft niet bij clicks alleen. De meeste redacties ontvangen van studenten en docenten meer reacties en ingezonden stukken, via de mail en social media. Lezers maken complimenten: de redacties verrichten goed werk, vinden ze.

Verbinden
En dat werk is nodig, want volgens de hoofdredacteuren is de functie van het onafhankelijke universiteits- en hogeschoolblad tijdens deze crisis belangrijker dan ooit. “Alle agendajournalistiek is nu overboord”, zegt Frank Provoost van het Leidse Mare. “De universiteit moet zich compleet opnieuw uitvinden en wij staan vooraan om te kijken hoe dat gaat.”

De bladen zijn niet alleen een belangrijke nieuwsbron. Nu de campussen vrijwel verlaten zijn, vervullen zij nog meer dan anders ook een sociale functie, zegt Willem Andrée van Resource (Wageningen Universiteit). “We verbinden de lezers met elkaar en met de universiteit. Juist nu is ons blad het middel om te weten wat er leeft en hoe het met de anderen gaat.”

Transparantie
Kritisch volgen en bevragen blijft ook van belang. Een goed contact met het bestuur is hierbij essentieel. Bij de meeste redacties verloopt dat prima. Zij worden tijdig geïnformeerd, kunnen hun bestuursleden regelmatig interviewen en wonen de online vergaderingen bij van de medezeggenschap.

Maar in de crisis gaat het niet altijd gemakkelijk. “Het is vaak afwachten wat er in de mail ploft aan mededelingen”, zegt Marc Janssen van Trajectum (Hogeschool Utrecht). “Dat is irritant. Soms hebben we die informatie dan al eerder opgepikt en gepubliceerd. Dat vinden sommige HU-mensen misschien ook irritant. Het zij zo. Anderzijds: als je de woordvoerders belt, lopen ze zich het vuur uit de sloffen voor je. Het zijn echt bijzondere tijden.”

Bij de Rijksuniversiteit Groningen was het in het begin “droefheid alom”, vertelt Rob Siebelink van UKrant. “Tot ik een stevige aanvaring kreeg met de voorzitter van de u-raad over openheid en transparantie. Sindsdien hebben we elke week een online gesprek met het voltallige bestuur.”

Wandelgangen
Het thuiswerken bevalt de ene redactie beter dan de ander. “We missen de school, de studenten, het koffiezetapparaat en het creatieve proces op de redactie dat zich toch niet zo goed in een videovergadering laat vatten”, zegt Tosca Sel van Profielen (Hogeschool Rotterdam). “Maar het gaat.” 

Coronanieuws is er in overvloed, maar je mist het nieuws uit de wandelgangen, zegt Arold Roestenburg van Punt. “Het nieuws dat je oppikt door gewoon door de gebouwen te lopen en hier en daar iemand aan te spreken. Dat losse contact met studenten en medewerkers waar uiteindelijk veel artikelen uit ontstaan, is weggevallen.”

Zorgen
Vooral thuiswerken met kinderen valt veel redacteuren zwaar. “Vijf collega’s hebben schoolgaande kinderen en proberen daar ook voldoende tijd voor vrij te maken”, vertelt Han Konings van Cursor (TU Eindhoven). “Dat lukt maar moeilijk, vooral in het begin stond iedereen nagenoeg 24/7 ‘aan’. We produceren meer dan ooit.”

Daarnaast zijn er ook andere zorgen: om (ernstig) zieke familieleden en vrienden bijvoorbeeld, of ouders op leeftijd. Sommige redactieleden kennen iemand die aan het virus overleden is, of kampen zelf met symptomen.

Ondertussen staat het nieuws niet stil en blijft de druk hoog. Op sommige redacties beginnen de grenzen tussen werk en privé langzaam te vervagen. “De redactie-app loopt de hele tijd door”, zegt Ries Agterberg van DUB. “Daardoor kun je lastiger afstand nemen op je vrije dag als je thuis werkt. We hebben geprobeerd om daar ook afspraken over te maken.”

Het Nijmeegse Vox lijkt een goede oplossing te hebben gevonden. “Per dag hebben we een appgroep waar alleen de collega’s in zitten die dan werken”, zegt Annemarie Haverkamp.

Urgentie
De redactie van het Maastrichtse Observant gaat normaal gesproken dicht in de meivakantie. Nu worden de vakanties gespreid om te voorkomen dat de website twee weken stilligt. “We moeten het nieuws blijven brengen en onze lezers op de hoogte houden”, zegt Riki Janssen. “Corona geeft het allemaal een extra urgentie. We nemen wel vakantie, want ik merk dat dat nodig is. Mensen zijn moe.”

Er zijn ook zorgen om privacy. Saskia Bonger van Delta (TU Delft) vindt, net als veel studenten en docenten, dat er meer veilige online tools moeten komen. “Je ziet toch, ook bij ons, dat vaak het gemak wint en we gelaten kiezen voor bijvoorbeeld Zoom, terwijl we weten dat er in onze data gehandeld wordt. Zelfs als je veel belang hecht aan de bescherming van gegevens, dan nog is het vrijwel ondoenlijk om daar nu aan vast te houden. Vergaderingen moeten immers door.”

Spirit
Hoe lang de coronacrisis voortduurt, weet niemand. De bezoekersaantallen lijken zich in elk geval weer iets te stabiliseren, zien de hoofdredacteuren. Maar het is nog altijd drukker dan normaal.

Het blijft dus hard werken, maar bij veel redacties komen daar mooie ideeën uit voort. “Sinds het begin van de crisis maken we drie keer per week een tv-magazine”, vertelt Arjan Paans van Erasmus Magazine. “Nóg crossmedialer werken was een langgekoesterde wens van de redactie. We dachten eigenlijk aan een maandelijks tv-programma. Door corona is dat allemaal in een stroomversnelling gekomen. Na de crisis willen we deze spirit levend houden.”


En hoe nu verder?

Het coronavirus is voorlopig nog niet weg. Toch is het zaak om ook alvast vooruit te kijken, zegt Ries Agterberg, voorzitter van de Kring van Hoofdredacteuren van universiteits- en hogeschoolbladen. “De grote vraag is nu: hoe maken redacties de overgang van die totale focus op corona naar verhalen over een nieuwe realiteit? Dat is een geleidelijk proces. Je ziet nu al beetje bij beetje meer artikelen verschijnen over andere zaken, al krijgt alles door corona toch een andere dimensie.”

Het wordt volgens Agterberg interessant om te volgen hoe de universiteiten en hogescholen er in de toekomst uit gaan zien. “En vooral: hoe kunnen zij leren van wat er tijdens de crisis is gebeurd? Kijk naar het digitale onderwijs, daar zijn nu enorme slagen in gemaakt. Gaat alles weer terug naar hoe het was, of nemen instellingen er iets van mee?”

Dat universiteits- en hogeschoolmedia hun ervaringen met elkaar delen, blijft ook de komende tijd belangrijk, zegt Agterberg. “De hoofdredacteuren weten elkaar via de kring snel te vinden met vragen: wij lopen hier tegenaan, hoe doen jullie dat, enzovoorts. Zo helpen we elkaar en doen bladen weer nieuwe ideeën op.”

HOP, auteur Evelien Flink

 

 

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail