Fotos: Shutterstock

Ook wetenschappelijk werk van studenten is een publicatie waard

Body: 

Studenten schrijven wat af tijdens hun studie. Maar waar blijven al die noeste werkstukken? Een klein gedeelte vindt zijn weg naar de academische studententijdschriften waarin artikelen, scripties of essays worden gepubliceerd - geschreven door en voor studenten. DUB vroeg de redacties van drie tijdschriften naar hun drijfveren.

Read in English

Veel vakken kennen een schriftelijke toetsingsvorm, waarbij studenten hun opgedane kennis en academische vaardigheden demonstreren in een essay of paper. Het grootste gedeelte van dat werk verdwijnt in de digitale archieven van Blackboard. Maar er is een klein gedeelte wordt gepubliceerd in één van de academische studententijdschriften. De redacties hanteren daarbij een strenge academische moraal: er wordt gebruik gemaakt van voetnoten en de publicaties hebben een onderzoekend of educatief karakter. DUB ging buurten bij de redactie van drie tijdschriften: de Aanzet van Geschiedenis, Juncto van Rechten en de Students of Cultural Anthropology Journal, ofwel SCAJ, van Culturele Antropologie.


Emancipatoir doel

SCAJ is het jongste tijdschrift van het stel. Achter het blad van studenten Culturele Antropologie is Machteld Nuiver (26) de drijvende kracht. Zij richtte in april 2019 met medestudenten dit tijdschrift op. De reden? Machteld wilde een paper publiceren en haar docent achtte dat onmogelijk. Het doel van het tijdschrift werd daarmee gelijk emancipatoir van aard. De onderwaardering van het werk van studenten is een doorn in het oog en de oprichters hopen middels SCAJ de universiteit te democratiseren. Machteld vertelt: “Wij vinden juist níet dat het werk van studenten pas waarde heeft als het super innovatief is en dan pas mee mag doen met het ‘echte academische debat'.” Naast een podium bieden voor studentenwerk is het dus ook een expliciete poging de universiteit te veranderen.

Eerste stap in de academische wereld

De Aanzet deelt het doel om studenten een kans te geven op een publicatie maar heeft daarbij een minder activistisch karakter. Volgens hoofdredacteur Wieger Lagerveld (22) is de officiële aard van een publicatie in de Aanzet, een belangrijke drijfveer om iets in te sturen. Naast dat studenten het simpelweg leuk vinden om hun werk te delen, is het ook een eerste stap in de volwassen academische wereld. Publicaties op je naam hebben, is een essentiële voorwaarde voor een succesvolle academische carrière. Hiermee hebben de Aanzet-redactieleden zichzelf een behoorlijke klus op de hals gehaald. Daarom heeft er bij de Aanzet de afgelopen jaren een professionaliseringsslag plaatsgevonden: er is een stijlgids waarin bijvoorbeeld vastgelegd staat of ‘de jaren tachtig’ voluit wordt geschreven of niet. Alles om de academische integriteit te handhaven.

Kennis bijbrengen

Juncto lijkt een uitzondering te zijn. Het tijdschrift heeft een voornamelijk educatief karakter. Er wordt niet, zoals bij  SCAJ en de Aanzet, actief geworven onder studenten voor kopij. De redacteuren schrijven hun eigen stukken. Het voornaamste doel is om studenten van rechten en soms daarbuiten kennis bij te brengen over het recht. Juncto schrijft bewust over onderwerpen die studenten interesseren en die passen bij de belevingswereld van de student. Zoila Plet (24) vertelt dat Juncto plek biedt voor juridisch onderzoek dat niet per se binnen een vak past maar wel veel interesse geniet onder studenten. Ze verwijst daarbij bijvoorbeeld naar stukken over discriminatie of over NFT’s (Non-fungible tokens, red.) Oscar Verstegen (23) vult aan: “Ik probeer juist in de stukken aansluiting te zoeken bij wat er speelt in het leven van de student en het juridische kader dat daaromheen hangt, uit te lichten, bijvoorbeeld over het huurrecht.” 

Weg van de cijfercultuur van de UU

Maar wanneer mag je dan publiceren in de tijdschriften? Niet alleen in missie poogt SCAJ democratisch te zijn, ook in het redactieproces proberen ze dat. De ingezonden stukken worden gelezen door een groep van vier of vijf reviewers. Dat zijn studenten die zich per publicatieronde aanmelden. De groep wordt begeleid door een core-reviewer, die tot de vaste redactie behoort. Samen beoordelen ze de artikelen en dat doen ze geanonimiseerd. Het idee hierachter is dat er niet één redacteur besluit of een stuk publicatiewaardig is. Hoofdredacteur Tamar Oderwald (23): “We willen niet doen alsof we het beter weten dan de student.”

Het is duidelijk niet de bedoeling dat papers op basis van het oorspronkelijke cijfer worden geselecteerd: “We willen weg van de cijfercultuur op de universiteit.” zegt Machteld. Die overtuiging lijkt ook geleidelijk een plek te vinden binnen de Aanzet. Voorheen werd er nog duidelijk gecommuniceerd dat je paper minimaal een 7,5 of een 8 moet zijn geweest als je een plekje in de Aanzet wil bemachtigen. Die eis wordt niet meer actief verspreid maar lijkt wel erg ingeprent onder de studenten Geschiedenis. Wieger vertelt dat studenten vaak hun cijfer - ongevraagd - meesturen.

Waardevolle professionele ervaring

Alhoewel inzendingen ongetwijfeld gewaardeerd zouden worden, zegt Zoila, is het niet gangbaar bij de Juncto. De redacteuren zijn zelf verantwoordelijk voor de inhoud van het digitale tijdschrift. Daarbij is het wel wikken en wegen want: een eerstejaars rechtenstudent weet nou eenmaal minder dan een masterstudent. Toch wordt er bepaalde juridische voorkennis verwacht van de lezers. “Iets als ‘jurisprudentie’ moet je wel gewoon kennen.” zegt Oscar. Maar dat biedt ook kansen. Arbeidsrecht is namelijk een derdejaarsvak en zo kan je er toch studenten mee kennis laten maken.

De studenten achter de tijdschriften verschillen in motivatie. Zoila en Oscar hebben het over de waardevolle professionele ervaring die ze opdoen, bijvoorbeeld het aansturen van een team of feedback geven en ontvangen. Wieger onderschrijft dit ook maar wil vooral op het hart drukken dat hij er echt plezier uithaalt: “Soms dan is het wel even stressen of het allemaal goed komt, maar aan het eind ligt er toch een mooi eindproduct”, stelt hij. Tamar en Machteld gebruiken hun journal onder andere om de universiteit te hervormen door er een beetje tegenaan te schoppen. Het is daarom meer een soort malicious compliance dan een poging om te opereren buiten de universiteit. Maar wat de studententijdschriften alle drie gemeen hebben, is dat ze op zoek zijn naar een groter publiek dan hun docent of de incidentele medestudent - een leemte die de Juncto, de Aanzet en SCAJ gepassioneerd opvullen.

Facebook Twitter Whatsapp Mail