Studentassessor Merel Dekker bij de nieuwe Vagant, foto DUB

Studentassessor: 'Over het onderwijs heb ik een mening. Daar moest ik iets mee'

Body: 

Als eerste studentassessor bij het College van Bestuur óóit, schoof Merel Dekker aan bij het overleg om die ‘grijze, wijze’ bestuursleden te vertellen hoe zij hun studenten beter in het beleid kunnen meenemen. Aan het turbulente jaar komt bijna een einde. “Er gebeuren zo veel onverwachte dingen. Ik blijf mij verbazen wat er allemaal bij hoort.”

Read in English

Het is een typische maandag voor studentassessor Merel Dekker: ze gaat van overleg naar overleg. Ik spreek haar een uurtje tussen twee vergaderingen door, terwijl ze snel haar lunch wegwerkt. Haar planning was wat krapper dan verwacht, excuseert ze zich. “Zo ren je toch weer van hot naar her.”

Ze vergadert eens per week met de drie andere leden van het College van Bestuur: voorzitter Anton Pijpers, vicevoorzitter Margot van der Starre en rector Henk Kummeling. “We bespreken heel uiteenlopende onderwerpen”, vertelt Merel. “Het kan gaan over huisvesting, internationalisering of biodiversiteit. Maar ook over welke spreker we willen bij de opening van het academisch jaar of over de erepenningen die uitgedeeld worden als iemand afscheid neemt van de universiteit.”

Bij alles wat de vergadertafel passeert, denkt Merel aan de ruim 35.000 UU-studenten die ze vertegenwoordigt. “Dat lukt mij natuurlijk niet in mijn eentje, maar ik stel mij wel elke keer de vraag: Welk studentenperspectief kan ik in grote lijnen meegeven? En als dat niet lukt: moeten er meer studenten hierover meepraten?”

Want als studentassessor is haar belangrijkste taak om vanuit studentenperspectief de andere bestuursleden te adviseren over oud en nieuw beleid. Om dat te kunnen doen, schuift ze aan bij vergaderingen en spreekt ze onder meer facultaire assessoren om te weten te komen wat er bij de faculteiten en opleidingen speelt.

“Het helpt natuurlijk dat ik jonger ben en al automatisch meer vanuit de groep studenten denk dan collegeleden die bijna veertig jaar ouder zijn”, vertelt Merel die 24 jaar is. “Als ik, als student, aan tafel zit, worden collegeleden er op die manier aan herinnerd om studenten in hun achterhoofd te houden.” Ze grapt: “Dan hoef ik niet eens wat te zeggen.”

Vooraf mee bemoeien
De geneeskundestudent is de eerste assessor die mag mee besturen op universitair niveau. De verschillende faculteiten hadden al een studentassessor. De functie is belangrijk, zegt Merel, want “er worden zoveel dingen besloten die studenten aangaan”. Soms heel direct, soms minder direct, maar het raakt studenten altijd.”

Het verschil tussen haar rol en die van de studentleden in de Universiteitsraad, is dat Merel het bestuur adviseert, terwijl de medezeggenschap het bestuur vooral controleert. Studentleden adviseren en hebben instemmingsrecht op bijvoorbeeld de jaarlijkse begroting, maar dan is “het beleid al gemaakt”, vertelt ze. “Ik bemoei mij er vooraf mee, bij het maken van het beleid. Zo probeer ik het aan te laten sluiten bij studenten.”

Lege collegezalen
Bepaalde ideeën over studenten probeert ze te nuanceren, bijvoorbeeld door een tegengeluid te laten horen. Zoals bij de discussie over de leegloop van collegezalen. “Frustrerend voor docenten, want zij staan voor een hoorcollegezaal met maar dertig mensen. Je hoort relatief snel het geluid dat het komt doordat studenten ‘lui’ zijn”, vertelt Merel.

“Ik probeer duidelijk te maken dat het voor studenten ook echt weer even wennen is om naar college te gaan. Zeker voor diegenen die amper fysiek les hebben gehad. Geef studenten ook even de tijd. Je kan niet van ze verwachten dat ze van de ene op de andere dag weer in de collegebanken zitten. Studenten hebben hun leven ingericht op het online onderwijs: ze wonen bijvoorbeeld nog thuis en hebben daar een bijbaantje. En er gaan weer allemaal leuke dingen door waar ze bij willen zijn.

Enige student
In het begin was het best een beetje intimiderend om als student tussen allemaal ‘grijze, wijze’ bestuursleden te zitten, geeft Merel toe. “Wat heb je als student dan in te brengen? Ik moest mij daar in het begin overheen zetten, door gewoon te zeggen wat ik dacht of door wél die, misschien wel domme, vraag te stellen. Het zet de bestuursleden aan het denken, merkte ik. Zij vinden bepaald beleid heel vanzelfsprekend, maar als je erover gaat nadenken, zijn sommige dingen helemaal niet zo logisch. “Het is daarom goed dat er ieder jaar een andere studentassessor komt die frisse ideeën heeft, nieuwe energie brengt en dingen bevraagd. Dat is de kracht van deze functie.” 

Huiskamer
Merel heeft verschillende taken als assessor. Het ene moment zit ze aan de vergadertafel, het volgende moment staat ze te overleggen met een aannemer. Over een muur die misschien toch verplaatst moet worden, of over zonnepanelen die op het dak moeten. De ‘nieuwe Vagant’ is een van de projecten die ze heeft helpen realiseren.

“Nu staat het huisje er weer”, vertelt Merel, verwijzend naar de ‘oude’ Vagant: een tijdelijke kantine die tot verdriet van velen in 2018 werd afgebroken. In de huiskamer van de nieuwe Vagant kunnen studenten chillen, koffiedrinken of een spelletje spelen. Er komt een boekenkast, een spelletjeskast en een aparte ruimte voor studentenorganisaties om activiteiten te organiseren. “Ik ben er heel trots op dat het binnen een jaar gelukt is.”

Geregeld werd Merel de afgelopen maanden verrast. “Ik wist van tevoren dat er in zo’n jaar allerlei onverwachte dingen zouden gaan gebeuren, maar desondanks denk ik elke keer: ‘oh, dit hoort er blijkbaar ook bij.’” Zo ontmoette ze minister van Onderwijs Robbert Dijkgraaf toen die de Universiteit Utrecht bezocht. Ze liep bij de opening van het academisch jaar mee in de cortège, de stoet van hoogleraren in toga’s, en hield ze in de Domkerk een toespraak over het studentassessorschap. Net als bij de Dies. “Spannend, maar leuk. Je hebt zo’n toespraak van te voren geoefend en dat gaat goed, maar je moet het toch nog maar even op dat moment doen.”

Via het beeldscherm
Inmiddels is Merel goed ingeburgerd. Maar toen ze in september begon, was het nog best een zoektocht, vertelt ze. Ze begon in de coronapandemie en werknemers mochten na een jaar thuiswerken voorzichtig weer naar kantoor.

“Een groot deel van de mensen werkte nog thuis”, vertelt ze. “Dan is het extra lastig om een goed beeld te krijgen van wat er allemaal speelt, wat nuttig is om bij aan te sluiten of om gewoon even bij iemand binnen te lopen.” Daarnaast moest ze als eerste studentassessor op centraal niveau nog uitzoeken wat precies de functie inhield. “Ik wist dat zelf niet goed, maar andere mensen ook niet. Voor hen was het ook even wennen dat er opeens een student tussen liep.”

Helemaal blanco begon ze niet. Ze was al studentassessor geweest van haar faculteit Geneeskunde. Daar nam ze als eerstejaars ook plaats in de jaarvertegenwoordiging, waar ze met de cursuscoördinatoren meedacht over het verbeteren van de cursussen. “Over van alles in het onderwijs heb ik een mening”, vertelt Merel.

Dat kan gaan over heel specifieke, kleine dingen die ze zelf heeft meegemaakt in de collegebanken: over de volgorde waarop lesmateriaal wordt aangeboden, de onderwijsvorm of de interactie met de docent. Maar het kan ook gaan over iets wat de hele universiteit aangaat, zoals de communicatie naar studenten toe, wat volgens Merel beter kan. “Ik vind dat als ik er een mening over heb, ik er ook iets mee moet doen. En dat ik niet alleen op de gang tegen medestudenten vertel, dat ik het ergens niet mee eens ben.”

Invloed uitoefenen
Studenten mogen wel wat vaker hun mond opentrekken, vindt Merel. “Het kan lastig zijn om studenten te vinden die over bepaalde onderwerpen mee willen denken. Ik snap dat je je als student afvraagt: Hoe nuttig is het als ik hier wat over zeg? Ik had het zelf ook, maar je kan echt invloed hebben.”

“De bereidheid bij het College van Bestuur is er. Alle ingezonden brieven worden aan de overlegtafel besproken en er wordt geprobeerd om er echt iets mee te doen. Ik denk dat als we ons, bijvoorbeeld de assessoren, studentenbelangenorganisatie en de Universiteitsraad, vaker zouden verenigingen en voor hetzelfde doel zouden gaan, we echt super krachtig kunnen zijn.”

Merel begint in september met haar master Geneeskunde. Haar opvolger is al bekend: Anneloes Krul gaat de nieuwe studentassessor bij het College van Bestuur worden. Wat Merel haar opvolger wilt meegeven? Dat “ze vooral haar eigen draai eraan moet geven”, vertelt ze. “De functie hangt zo samen met de persoon, daarom is het juist goed dat er ieder jaar een nieuw iemand zit. Ik heb het gedaan hoe ik denk dat het moet. Hetzelfde geldt voor Anneloes.”

De nieuwe studentassessor van het universiteitsbestuur
Anneloes Krul is per 1 september de nieuwe studentassessor in het College van Bestuur van de Universiteit Utrecht. Ze studeert Sociologie en was het afgelopen jaar studentassessor bij de faculteit Sociale Wetenschappen. Ook is ze voorzitter en secretaris geweest van de Vereniging Utrechtse Universitaire Raden. Onderwerpen waar ze zich volgend jaar over wil buigen, is het Utrechtse Onderwijsmodel en hoe dat in de praktijk functioneert. “Daarnaast wil ik me als student van de UU, en lid van de LHBTIQ+-gemeenschap richten op inclusie van álle studenten binnen de Universiteit Utrecht”, zegt Anneloes. Het College van Bestuur laat weten blij te zijn met haar komst. “Het is heel mooi dat Anneloes het stokje wil overnemen”, aldus collegevoorzitter Anton Pijpers.

Facebook Twitter Whatsapp Mail