Paneldiscussie met van links naar rechts Jet Bussemaker, Hieke Huistra, Marij Swinkels en Frank Miedema. Presentator is Sicco de Knecht. Fotos: DUB

Wetenschapper, blijf bij je leest

Body: 

Wetenschappers moeten hun best doen om met hun onderzoek betrokken te zijn bij de maatschappij en hun data te delen met de samenleving. Tegelijk moeten de hoogleraren zich in talkshows niet laten verleiden tot uitspraken over onderwerpen waar ze geen expertise in hebben. Daarmee schaden ze het vertrouwen in de wetenschap. Dat is een van de conclusies van een paneldiscussie bij de presentatie van het boek van Frank Miedema op donderdag 26 oktober over open science.

Read in English

In de hal van de openbare bibliotheek aan de Neude lanceerde Frank Miedema zijn boek Open Science, the very idea. Bij de boekpresentatie van de vicerector Onderzoek, hoogleraar Open Science en voormalig decaan Geneeskunde waren veel universitaire bestuurders en sleutelfiguren uit de onderzoekswereld uitgenodigd om mee te discussiëren over de relatie tussen maatschappij en wetenschap. De bezoekende Utrechters van de openbare bibliotheek konden meeluisteren.

Eén van de thema’s die deze middag aan de orde kwam, was de rol die een wetenschapper moet spelen in het publieke debat. Miedema is al jaren pleitbezorger van een wetenschap die zich sterk maakt voor het oplossen van maatschappelijke problemen. Onderzoekers moeten zich niet meer opsluiten in de ivoren toren, maar met een open blik midden in de samenleving staan. Maar dan wel vanuit hun expertise, zegt hij. “Nu zijn er wetenschappers die zich in talkshows laten verleiden om mee te praten over onderwerpen waar ze niet meer dan de gewone Nederlander over geïnformeerd zijn. Dat moeten ze niet doen. Zeg tegen zo’n presentator dat je bent uitgenodigd voor jouw onderzoek en geen verstand hebt van de andere zaken. Je moet weten wanneer je competentie ophoudt.”

Transparant zijn
Daar is wetenschapshistoricus en panellid Hieke Huistra het mee eens. “Je wilt voorkomen dat wetenschap in de ogen van het publiek ook maar een mening is. Dan moet je transparant zijn. Binnen open science laat de wetenschapper zien hoe het proces van het onderzoek loopt, inclusief de onzekerheden en twijfels. Een wetenschapper is ook maar een mens. Maar uiteindelijk moet ook duidelijk zijn dat het resultaat wel betrouwbaar is.”

“Ik zie regelmatig wetenschappers die hun resultaat te stellig presenteren”, zegt de voormalige minister van Onderwijs Jet Bussemaker die nu hoogleraar ‘Wetenschap, beleid & maatschappelijke impact, in het bijzonder in de zorg’ in Leiden is. “Als een wetenschapper iets beweerd dat later onjuist blijkt te zijn, dan is dat ook schadelijk voor de wetenschap.”

Politieke afwegingen
In de paneldiscussie komt de vergelijking met corona regelmatig terug. Panellid Bussemaker vindt het slecht dat wetenschappers nu te vaak op de stoel van de beleidsmaker gaan zitten. “Die rollen moet je scheiden”, vindt ze. “Het kabinet mag in de coronacrisis wel advies vragen aan een Outbreak Management Team, maar moet de politieke afwegingen zelf maken.” Ze vond het positief dat minister-president Rutte aan het begin van de coronacrisis ‘op het kompas van de wetenschap’ zei te varen, maar het kan volgens haar niet zo zijn dat de politiek zich in haar besluitvorming verschuilt achter de rug van de wetenschap.

“Wetenschappers hebben als taak het debat te voorzien van de juiste informatie. Ze zijn er niet om de politieke beslissingen te nemen”, beaamt Miedema. Hij noemde een voorbeeld van enkele jaren terug wat hij uitgebreid beschrijft in zijn boek en dat herkenbaar is in deze coronatijd. In 2009 dreigde in Nederland de Mexicaanse griep slachtoffers te eisen. Een commissie van de Gezondheidsraad met daarin Frank Miedema moest de toenmalige minister Ab Klink adviseren over de inkoop van een vaccin. “Wij schetsten twee scenario’s. In het ene scenario koopt Nederland geen vaccins met als risico dat de bevolking de ziekte zou krijgen. In het tweede scenario wordt het vaccin wel gekocht om de bevolking te beschermen, met als risico dat het achteraf wellicht niet nodig zou zijn geweest. In beide gevallen had je kans als minister naar de Tweede Kamer geroepen te worden. Ofwel er zou geld verspild zijn als het virus niet naar Nederland zou komen ofwel je koopt het vaccin niet met de kans dat er doden zouden vallen die je had kunnen voorkomen. De minister koos voor de aankoop van het vaccin en inderdaad bleek dat de ziekte niet naar Nederland kwam. Zo’n 300 miljoen euro was voor niets uitgegeven. Minister Klink gaf toen de schuld aan de wetenschap. ‘Zij hadden geadviseerd het vaccin te kopen’, was zijn repliek. Maar dat klopt niet. Wij hebben alleen de scenario’s geschetst”

Wetenschapshistorica Huistra reageert verbaasd op de anekdote. “Je bent toch niet alleen wetenschapper? Je hebt ook een moreel oordeel. Dat mag je in zo’n commissie toch ook zeggen?” Miedema stelt dat hij persoonlijk gekozen zou hebben voor de aankoop van het vaccin, maar dat hun advies echt wetenschappelijk was en de keuze gemaakt moest worden door de politiek. Die had ook kunnen kiezen de 300 miljoen in te zetten voor preventie.

Rector Henk Kummeling overhandigde het eerste exemplaar van het boek Open Science, the very idea aan voormalig minister van Onderwijs Jet Bussemaker.

Scripties begeleiden
Panellid Marij Swinkels, de pas gepromoveerde jurist op het gebied van Europees leiderschap, zet zich in voor Public Engagement, het vanuit de wetenschap actief zoeken naar oplossingen voor een maatschappelijk probleem. Zij worstelt met de strenge scheiding van de rollen. “Ik word geacht scripties te begeleiden waarin het gaat over onderwerpen die niet bepaald mijn expertise zijn. Of geef cursussen over andere thema’s dan Europees leiderschap. Zo strikt kun je die rollen dus niet scheiden. Bovendien wil je als docent de student wel meer meegeven dan de expliciete kennis van mijn vakgebied. Je leert studenten nadenken over de rol die zij kunnen spelen in de samenleving, bijvoorbeeld voor als ze later beleidsmedewerker of politicus zijn.”

De panelleden vinden het goed dat Swinkels die discussie aangaat met de studenten. Ze leren dan welke rol ze als wetenschapper en welke als beleidsmaker in het maatschappelijke debat kunnen aannemen. Bovendien is er waardering voor de maatschappelijke betrokkenheid van Swinkels. Dat past bij open science en bij de nieuwe slogan van de universiteit Sharing science, shaping tomorrow. Al constateert ze dat haar activiteiten buiten de universiteit niet echt gewaardeerd worden. “Als ik mijn beoordelingsformulier invul, wordt het onderscheid gemaakt tussen ‘onderwijs’, ‘onderzoek’ en ‘nevenactiviteiten’. Dat laatste klinkt toch een beetje als ‘wat je erbij doet’. Ze vinden die inzet wel goed en erkennen het, maar je wordt er niet positief op afgerekend.”

Softe wetenschappen
Het is dus goed dat wetenschappers zich met het maatschappelijke debat bemoeien, vinden de panelleden, zolang ze maar wel houden aan hun expertise en niet hun wetenschappelijke status gebruiken om mee te praten over andere onderwerpen. Bussemaker vindt dat de politiek daarin ook de verantwoordelijkheid heeft om die expertise breed aan te boren. Ze constateert dat bijvoorbeeld bij corona te weinig aandacht is geweest voor de psychologische en communicatiekant van het probleem. “Voor veel politici is bèta de echte wetenschap. Dat merkte ik al toen ik zelf minister was. Ik mag niet teveel uit de school klappen, maar ook in het kabinet waarin ik zat werden de alfa en gammawetenschappen niet echt serieus genomen. Ook de zogenaamde softe wetenschappen zijn belangrijk.”

 

Facebook Twitter Whatsapp Mail