Creative commons: pixabay

Onderwijsminister: 'diversiteitsbeleid UU eigen verantwoordelijkheid'

Body: 

De Tweede Kamer gaat de Universiteit Utrecht niet voorschrijven welke maatregelen zij wel of niet mag nemen om diverser en inclusiever te worden. Dat is volgens onderwijsminister Ingrid van Engelshoven de verantwoordelijkheid van de UU zelf. Van Engelshoven reageert daarmee op de ophef die ontstond rondom het projectplan van de Taskforce Diversiteit.

Read in English

De Universiteit Utrecht kwam twee weken geleden onder vuur te liggen naar aanleiding van een artikel in De Telegraaf over het ‘Projectplan Diversiteit: instroom en selectie’. Volgens de krant zouden de opstellers van het rapport vinden dat ‘diversiteit hard nodig is op de witte universiteit Utrecht’. En zou de universiteit daarom ‘diversiteitsacties’ zoals aparte gebedsruimtes voor mannen en vrouwen overwegen. De UU wil islamisering, was de kritiek van onder andere PVV’er Machiel de Graaf die nog dezelfde dag een spoeddebat aanvroeg in de Tweede Kamer. Ook VVD’ers Judith Thielen en Bente Becker zetten vraagtekens bij de plannen en stelden de minister Kamervragen.

'Ideeën en geen beleidsplannen'
De kritiek richtte zich hoofdzakelijk op de bijlage van het plan met de titel ‘ter inspiratie’. Daarin staat een bloemlezing van uitspraken van UU’ers over hoe zij denken dat de universiteit diverser kan worden. Er wordt onder andere een gebedsruimte met gescheiden ingangen gesuggereerd, maar ook het idee om voorzieningen voor studenten met een beperking grotere bekendheid te geven.

Ideeën en geen beleidsplannen, reageerde de Universiteit Utrecht die vond dat De Telegraaf de kern van het projectplan miste door alleen te focussen op deze bijlage. Het uitgangspunt van het plan is een cultuur realiseren waarin elke ‘kwalitatief geschikte studiekiezer, ongeacht hun achtergrond’ zich welkom voelt aan de UU. Daarbij gaat het niet alleen om studenten met een migratieachtergrond, maar ook over studenten met een maatschappelijke/sociale achterstand, eerste generatie studenten en mannelijke dan wel vrouwelijke studenten (afhankelijk van de genderverdeling bij de opleiding). Het projectplan biedt opleidingen daarvoor zes stappen: van het verzamelen van informatie over de studentenpopulatie naar het formuleren van het diversiteitsprobleem tot het uitvoeren van maatregelen.

'Diversiteit onderdeel van bildungs- en verbindingsopgave universiteit'
Volgens onderwijsminister Ingrid van Engelshoven is er niets mis met die aanpak. Ze schrijft in antwoord op de Kamervragen van de VVD: “Ik kan het alleen maar aanmoedigen dat universiteiten en hogescholen nadenken over diversiteit en inclusie en daar ook concrete maatregelen aan koppelen. Ik ben van mening dat diversiteit, zowel in de studentenpopulatie als in het personeelsbestand, een belangrijke bijdrage kan leveren aan de kwaliteit van het onderwijs. Een leergemeenschap die bestaat uit studenten en docenten met verschillende achtergronden, ervaringen, talenten, culturen en nationaliteiten daagt studenten uit om zich in de ander te verdiepen, verschillende perspectieven op vraagstukken te bezien en te komen tot creatieve oplossingen. Studenten leren zo om bruggen te slaan en verbindingen te maken die nodig zijn voor de toekomst. Het is daarmee een onderdeel van de bildungs- en verbindingsopgave van het onderwijs.”

De wijze waarop de UU aan diversiteit en inclusie werkt, is volgens Van Engelshoven de verantwoordelijkheid van de universiteit zelf. Wel zegt de onderwijsminister, in reactie op de gesuggereerde gebedsruimte met gescheiden ingangen en een jaarkalender met ook islamitische feestdagen, dat maatregelen weloverwogen genomen moeten worden. Daarnaast benadrukt zij dat de UU haar heeft verzekerd dat de universiteit geen aanleiding ziet om die ideeën uit te voeren.

Facebook Twitter Whatsapp Mail