Na debat Tweede Kamer
Onderwijsminister gaat verplichte stagevergoeding alvast onderzoeken

Woensdag debatteerde de onderwijscommissie van de Tweede Kamer over onbetaalde stages, ongelijke behandeling van mbo-, hbo- en wo-studenten en de inzet van stagiairs als goedkope arbeidskrachten.
De Kamer maakt zich vooral zorgen om het mbo, waar slechts 42 procent van de stagiairs een stagevergoeding ontvangt. Van de hbo-stagiairs is dit 75 procent. Binnen het wo zijn 65 procent van de verplichte stages en 91 procent van de vrijwillige stages betaald.
Wettelijke bescherming
Volgens Kamerlid Mikal Tseggai van GroenLinks-PvdA vallen studenten nu eigenlijk “tussen de onderwijswetgeving en de arbeidswetgeving in”, wat resulteert in slecht toezicht. Net als Denk en de SP wil ze dat het kabinet hun positie verbetert: “Aan alleen zalvende woorden hebben Nederlandse studenten niets.”
Oppositiepartijen willen graag een minimumvergoeding voor stagiairs, maar daar zien coalitiepartijen PVV en BBB niets in. Ze zijn bang dat kleinere bedrijven dan helemaal geen stagiairs meer inzetten. De VVD staat er welwillender tegenover, maar stelt voor om bij één sector te beginnen om te zien wat het oplevert.
Stagepact mbo
Bruins liet eerder aan de Tweede Kamer weten dat hij stagiairs een “passende vergoeding” gunt, maar dat hij die niet wettelijk wilde afdwingen. Hij wil afwachten of het Stagepact mbo, dat tot 2027 loopt, ervoor zorgt dat meer stagiairs een vergoeding ontvangen. Bruins: “Ik vind dat ook hbo- en wo-studenten recht hebben op een passende stagevergoeding, maar daar gebeurt het al meer. Daarom leg ik mijn prioriteit bij mbo-studenten.”
Wel wil de minister alvast verkennen hoe verplichte vergoedingen kunnen worden vastgelegd in de wet, voor het geval het Stagepact te weinig oplevert. Hij belooft ook hbo- en wo-studenten hierin mee te nemen.
Een goede stap
Studentenorganisatie ISO pleit al jaren voor een verplichte stagevergoeding, ook onlangs in een zelfgeorganiseerd debat. Voorzitter Mylou Miché verwelkomt het onderzoek van Bruins als “een goede stap”.